We zijn nog maar net begonnen, de optimistische titel van de bijlage van de lokale Huis aan Huis-uitgave van deze week. Leeuwarden Culturele Hoofdstad 2018 was slechts een tussenstop in een groeiproces richting 2028. Prachtige ronkende volzinnen, ik zou willen dat ik ze kon produceren. Volgens het Leeuwarder Ondernemers Fonds (LOF) kan economie niet zonder cultuur en andersom. Die zijn om denk ik dan. Nu nog het College van Gedeputeerde Staten van Friesland in oprichting. Ander nieuwsberichtje dat geen nieuws mag heten want nog nooit anders geweest: economische groei van Friesland blijft achter bij die van de rest van Nederland. Dat zou komen omdat de provincie minder gas aan de bodem onttrekt en vanwege de vergrijzing (de omvang van de beroepsbevolking neemt af). Opmerkelijke verklaring, we hebben nog steeds last van een braindrain. Het gaat economisch nog altijd niet zo goed dat we de uitstroom van veelal hoogopgeleide mensen kunnen stoppen. De krimpende beroepsbevolking zou net zo goed het gevolg kunnen zijn van beperkte economische groei in plaats van de oorzaak.
Het deed mij denken aan het suikerbroodsyndroom van de dienstdoende gedeputeerde voor economische zaken van de afgelopen vier jaar. Er bestaat een statistisch verband tussen bedrijven die innoveren en exporteren. Volgens de betreffende gedeputeerde zouden bedrijven innovatiever worden wanneer ze meer zouden gaan exporteren. In het kader van Culturele Hoofdstad werd een prijsvraag onder het Friese bedrijfsleven uitgeschreven met als prijs een vijftal vouchers voor het organiseren van een inkomende handelsmissie. Geen enkel gewoon bedrijf won de prijs, van de vijf, veelal gesubsidieerde, winnaars organiseerden er twee daadwerkelijk een missie: de Wateralliantie en de Friese exportclub. Of die happenings iets hebben opgeleverd is (nog) niet bekend. Vorig jaar rond deze tijd in Leeuwarden de jaarvergadering van de organisatie achter de wereldhandelscentra. Bezoekers uit alle delen van de wereld, je zou verwachten dat inmiddels bekend is of contacten contracten zijn geworden. Als dat evenement werkelijk helemaal niks heeft opgeleverd dan lijkt mij een verklaring wel op z’n plaats. Van het veronderstelde causale verband tussen exporteren en innoveren is niet veel overgebleven, helaas is er van innoveren ook niet veel terecht gekomen.
Afgelopen vier jaar hebben we een College van GS gehad dat op de handen heeft gezeten om gezamenlijk de rit te kunnen uitzitten, wegens een gebrek aan oppositie kon dat. Gelukkig krijgen we de komende periode een heuse oppositiepartij, Forum voor Democratie. Lichtelijk teleurgesteld dat ze niet mogen meeregeren. Daags na de provinciale statenverkiezingen viel er bij de regionale omroep een ontluisterend interview te zien met de lijsttrekker. Nee, ze sloten niets en niemand op voorhand uit. Zolang het maar niet over een energietransitie ging. De journalist kwam eigenlijk een beetje ongelegen, ze waren zich bij Forum voor Democratie druk aan het inlezen en dat viel niet mee want sommige verkiezingsprogramma’s waren wel vijftig pagina’s dik! Deze partij vond het niet nodig om in de provincie campagne te voeren en dan hoef je ook niet andermans programma te lezen. Niet verrassend is de partij langs de zijlijn verzeild geraakt. Niet getreurd, we kunnen een stevige oppositiepartij goed gebruiken. Er moet maar eens een einde komen aan de politieke potpourri van onsamenhangend beleid.



