Mariëlle Diepenmaat: we worden moe, we worden verdrukt en koken van woede
Ook in deze zomer weer enkele opmerkelijke verhalen opgediept uit ons archief; 25 maart 2013)
(tekst: notulen bijeenkomst gebruikersruimte Tuinen)
13 maart 2013, informatieavond dagopvang Leeuwarden
Gemeente Leeuwarden, Leger des Heils, Zienn
Locatie: Post Plaza, Tweebaksmarkt 25-27, Leeuwarden.
Aanwezig: 130 personen
Van het Leger des Heils: Bothilde Buma (manager primair proces)
Van Zienn: Kees van Anken (directeur)
Van de Gemeente Leeuwarden: Andries Ekhart (wethouder Zorg)
Gespreksleider: Arjette de Pree
Notulist: Siska Pennink van Het Notulistenteam.
1. Opening
Gespreksleider mevrouw De Pree: Van harte welkom op deze informatieavond,
georganiseerd door de gemeente om met u het plan te bespreken om de dagopvang en
gebruikersruimte te verhuizen van de Zuidergrachtswal naar het pand van het Leger des
Heils aan De Tuinen. Ik ben Arjette de Pree en ik ben gevraagd om als onafhankelijk
voorzitter deze avond te leiden. Ik ben dus niet van de gemeente. Toch wel belangrijk om dat
even te zegen. Het doel van deze bijeenkomst is om u te informeren over het plan maar
vooral ook om u aan het woord te laten over het plan. U kunt straks al uw vragen stellen, uw
opmerkingen maken. Ik kom gewoon naar u toe. We zien wel hoe lang we nodig hebben.
Wat mij betreft komt u allemaal aan het woord. Het programma is heel simpel. Ik geef eerst
het woord aan wethouder Andries Ekhart om het plan kort toe te lichten en daarna is het
woord aan u en we zien wel hoe het loopt. Ik streef er wel een beetje naar om de avond om
9 uur te beëindigen, want het is koud en glad en dan willen we wellicht ook wel naar huis.
Andries Ekhart, ik geef graag aan jou het woord om het plan toe te lichten.
Wethouder Andries Ekhart: Ik ben Andries Ekhart van de gemeente. In mijn portefeuille zit
o.a. maatschappelijke opvang, vrouwenopvang, verslavingszorg, de hele sociale portefeuille.
Ik doe dat nu al anderhalf jaar in de gemeente Leeuwarden en daarvoor deed ik het in de
gemeente Sneek. Dat noem ik wel even omdat er wel een verband mee is. U weet misschien
wel dat een aantal jaren geleden in Sneek het sociaal pension is geopend. Dat hebben we
daar geopend om o.a. de druk wat van Leeuwarden weg te halen. We zijn ook bezig met de
spreiding van de voorzieningen over Friesland. Dat vind ik toch wel belangrijk om even te
melden.
Dit hele verhaal over de deconcentratie zoals dat heet dat speelt al heel lang, al meer dan
tien jaar. Kees van Anken komt straks ook aan het woord. Die zat eerst met bijna al zijn
voorzieningen in De Terp. En ik weet niet of u het gebouw van De Terp kent, maar dat is
eigenlijk finaal afgekeurd. Dat hele gebouw kan niet meer, dat moet eigenlijk, ik wil niet
zeggen plat, maar is niet meer geschikt, dat mag eigenlijk niet meer, voor de opvang. Er is
het nodige gebeurd. Toen ik hier in Leeuwarden kwam, heb ik een paar maanden geleden
nog het pension op de Hoekstersingel kunnen openen, ook heel veel contact gehad met de
buurtbewoners en het gaat gewoon wonderbaarlijk goed. En het laatste wat nu moet
gebeuren, dat is een combinatie van de dagopvang. Daar is een aantal jaren geleden ook
sprake van geweest, dat weet ik. Toen is in overleg met de buren niet beloofd maar wel
gezegd: we gaan het voorlopig proberen op twee locaties. Ook toen was er al sprake van om
het samen te gaan voegen. En dat besluit gaan we nu wel nemen. Ook al, omdat we het
hebben laten onderzoeken: kunnen die twee wel of niet samen. Dat hebben we toen niet
gedaan, dat hebben we nu wel gedaan. Dat heeft een onafhankelijk bureau gedaan. En het
blijkt in de praktijk dat je die groepen wel kunt samenvoegen en dat kan ook omdat ze elkaar
ook op andere momenten tegenkomen, bijvoorbeeld bij de nachtopvang. Verder denk ik dat
als je het vergelijkt met tien jaar geleden in Leeuwarden, het nu enorm is verbeterd en dat
komt onder andere ook doordat er meer geld beschikbaar is gesteld, ook door het rijk.
Vroeger zag je in Leeuwarden meer daklozen op straat lopen dan nu. Want veel van die
mensen hebben we eindelijk onderdak kunnen krijgen en die hebben ook ambulante
Verslag Informatieavond Dagopvang Leeuwarden 2
begeleiding gekregen. En dat gaan we nu ook weer doen. Het is niet de bedoeling dat die
mensen permanent gebruik gaan maken van dit soort voorzieningen, het is juist de
bedoeling, anders dan vroeger, om ze zo snel mogelijk weer actief te maken. Een voorbeeld
daarvan is Skrep, waar mensen met een verslaving bezig zijn om diezelfde binnenstad
schoon te maken.
Echt inhoudelijke vragen over de samenwerking kunnen jullie [Kees van Anken en Bothilde
Buma] denk ik het beste beantwoorden. Wij gaan in ieder geval vanavond laten zien wat de
bedoeling is. Wat ook belangrijk is: – en er zijn gelukkig ook raadsleden aanwezig, die
kunnen mij controleren – het definitieve besluit is nog niet gevallen. Want in 2007 – en daar
was ik toen bij vanuit Sneek – is er een bijeenkomst geweest in de Zalen Schaaf en daarin is
vastgesteld door de gemeenteraad van toen dat het niet meer zo mocht zijn als vroeger: zet
ergens maar een voorziening neer (om het zwart/wit te stellen), wacht tot de buurt
protesteert, maar we doen wat we willen, want dan kan de gemeente doen. Nee, toen is
afgesproken door de raadsleden, het college, burgemeester en wethouders op zoek te gaan
naar locaties in overleg met de instellingen. Maar voordat dat besluit valt, is het college
verplicht om te gaan praten met alle belanghebbenden. En in dit geval bent u dat. We
zouden geloof ik eerst twee aparte avonden houden, maar ik ben eigenlijk wel blij dat het
één avond is geworden waarin we gewoon bewoners en ondernemers gezamenlijk kunnen
bijpraten over wat nu precies de bedoeling is en ik denk dat dat ook wel verstandig is omdat
jullie ook wel gezamenlijke belangen hebben. Nogmaals, het besluit is nog niet genomen.
Hoe gaat het in de praktijk.
De notulist maakt woordelijk een verslag van wat hier vanavond gezegd wordt. Dat verslag
krijgt u ook toegestuurd, het is een openbaar verslag en dat verslag gaat samen eventueel
met het voorstel naar het college van B & W. We gaan met meer partijen praten. Dan pas,
als we alle bewoners hebben gevraagd, de ondernemers hebben gevraagd, dan pas mag ik
als wethouder opvang een voorstel in het college brengen. Ik word natuurlijk gelukkig wel
geholpen door een aantal ambtenaren die precies weten hoe ze dat voor mij moeten
opschrijven. Het college is dan bevoegd om dat besluit te nemen en dat besluit aan te bieden
aan de gemeenteraad. En hoe dat in tijd zit, dat krijgt u allemaal te horen. Dan kunt u
eventueel bezwaar maken, dat krijgt u allemaal te weten. Dan gaat het naar de gemeenteraad,
dan wordt in het principe ter kennisname aangeboden aan de gemeenteraad, maar ik
weet nu al, en terecht, dat de gemeenteraad gaat zeggen: we willen dit wel bespreken en
dan hebt u ook nog weer de mogelijkheid om bij de commissievergadering in te spreken.
Er zijn nog tal van mogelijkheden om te gaan zeggen: wij zien nog heel veel problemen,
gemeente kunt u daar op voorhand wat aan doen. En u hebt het recht om dit door middel
van procedures te gaan tegenhouden, dat recht hebt u en dat bestrijd ik ook niet.
Nogmaals, dat is heel kort de procedure. Wij denken oprecht dat we op deze manier een
goede oplossing hebben gevonden. Dan hebben we namelijk ook het hele verhaal in
Leeuwarden afgerond en dan hoop ik er ook de komende 100 jaar ook niets meer over te
horen. Maar dit is inderdaad het laatste wat moet gebeuren. Wij denken dat het op een
verantwoorde manier kan, dat samenvoegen van die beide doelgroepen. In het begin dacht
men: dat kan niet. In de praktijk blijkt dat anders te zijn.
Wij gaan ervan uit dat dat gewoon kan. Daar kunt u straks allerlei dingen over gaan vragen.
Tot zover, want ik wil het niet te lang maken. Het is de bedoeling dat u vanavond zoveel
mogelijk aan het woord bent.
2. Bespreking
Bob de Jong: Het gaat even voor de duidelijkheid. Er zijn ontstellend veel mensen in de
overtuiging dat het gaat om het voormalige kerkgebouw van het Leger des Heils.
Gespreksleider: En u wilt weten of dat zo is.
Bob de Jong: Ik weet dat dat niet zo is.
Gespreksleider: Meneer Ekhart, kunt u klip en klaar vertellen om welk pand het eigenlijk
precies gaat. We hebben niet alleen de wethouder die uw vraag kan beantwoorden. We
Verslag Informatieavond Dagopvang Leeuwarden 3
hebben hier Bothilde Buma. Zij is van het Leger des Heils. Kees van Anken van Zienn zit hier
ook en daarnaast nog een ambtenaar. Om welk pand gaat het?
Mevrouw Buma: Het gaat om twee panden naast het oude kerkgebouw van het Leger des
Heils. Vroeger zaten we in het kerkgebouw, nu zitten we twee deuren verderop. Het gaat om
De Tuinen 32.
Gespreksleider: We weten allemaal om welke twee panden het gaat. Dank voor deze vraag.
Ik loop rond met de microfoon. En als u het woord wilt, steekt u uw hand omhoog. Voor het
verslag is het goed dat u aangeeft wie u bent. Want het wordt allemaal woordelijk
genotuleerd.
Jan Pieter Wiersma, buurtbewoner: Wat ik niet van u hoor is waarom. Dat is me totaal
onduidelijk waarom u een goede situatie zoals nu wilt veranderen. Het tweede is, er zit ook
een gebruikersruimte, gaat die ook mee verhuizen. En wat is de functie van het ding op het
Vliet, daar zit ook een soort gebruikersruimte. Volgens mij is de ene voor drugsverstrekking
en de andere heeft met methadon te maken. Bijten die junks elkaar ook of zo of niet of
waarom voeg je die niet samen, wat zijn daar de beweegredenen van. En de hoeveelheid
mensen die er komen. Ik heb gehoord dat het er nu 80 zijn voor de normale nacht – of
dagopvang voor daklozen. En dat er nog een keer 40 bijkomen voor dat kleine gebied. Daar
graag wat meer duidelijkheid over verschaffen.
Gespreksleider: Het zijn drie vragen. Waarom een situatie die eigenlijk goed is nu
veranderen, dat is de eerste vraag.
De heer Van Anken (Zienn): Er is op een gegeven moment onderzoek gedaan of het op de
huidige manier nog wel zo door zou moeten gaan, daar is bureau Interval voor ingehuurd.
Overigens in het verleden hebben wij vanuit de instellingen ook vaker gezegd dat het wel
gecombineerd kon worden. En toen is het ook – volgens mij ook mede door een avond hier,
onder druk van jullie mede, en dat zullen jullie niet persoonlijk zijn geweest maar wel de
burgers van Leeuwarden – toch anders gegaan. Wij worden nu geconfronteerd met een
opdracht om het voor minder geld te doen. We zien ook dat de doelgroep enorm veranderd
is, zowel bij ons als aan De Tuinen. Met “bij ons” bedoel ik aan de Zuidergrachtswal. En als
je het nu combineert en je maakt er niet alleen een dagopvang van – want dat zijn we niet
van plan, we zijn van plan er een activeringscentrum en dagopvang van te maken, dus we
gaan onmiddellijk mensen proberen in een traject te krijgen van werk en dagbesteding, om in
ieder geval wat om handen te hebben en dat lukt ook alleraardigst. En we hebben natuurlijk
voor een groot gedeelte van de doelgroep zoals Andries Ekhart net al zei inmiddels
onderdak. Die zijn gehuisvest in een pension, soms gewoon in hun eigen woning, die zitten
in de algemene opvang aan de Nieuweweg. De situatie is aanzienlijk verbeterd ten opzichte
van 2002. Dat was 2001, 2002 de eerste keer dat de discussie gevoerd werd en 2005 toen
we opnieuw die discussie hadden. Dus dat is globaal genomen de reden. We denken dat we
op deze manier meer en betere opvang kunnen bieden.
Gespreksleider: De tweede vraag is: wat is nu het verschil tussen de gebruikersruimte die
ook meegaat en de ruimte die we op het Vliet ook hebben.
De heer Van Anken: Op het Vliet is een heroïnebehandelunit. Daar zitten mensen die op
verwijzing van verslavingszorg daar in behandeling zijn. De gebruiksruimte is een plek waar
mensen mogen gebruiken onder strikte voorwaarden. Er mag bijvoorbeeld niet gehandeld
worden, het gebruik wordt gelimiteerd, er is direct gelegenheid voor contact met de
hulpverlening en we proberen toch door zo’n laagdrempelige voorzienig waar mensen
gemakkelijk binnenkomen contact te krijgen met een hele lastige doelgroep die anders op
straat gebruikt, in portieken, op plekken waar je het eigenlijk allemaal niet wilt. We houden
het daarmee van de straat, we houden het daarmee binnen. Dat is eigenlijk het verschil
tussen de gebruiksruimte en de heroïne-unit.
Gespreksleider: ik houd uw vraag over de aantallen nog vast.
Richard: Ik woon hier niet, ik werk hier al 30 jaar. Ik kan een heel mooi verhaal schetsen,
maar ik heb maar één vraag: wil jij ze in jouw straat hebben?
Applaus.
Verslag Informatieavond Dagopvang Leeuwarden 4
Gespreksleider: Dat lijkt me een terechte vraag, want wij wonen daar geen van allen.
Wethouder Ekhart: Als ik kijk naar de onderzoeken die geweest zijn, dan denk ik, ik kan dat
gemakkelijk zeggen, dat weet ik ook wel. Maar als je ziet naar mensen die een vestiging in
hun straat gekregen hebben, dan zou ik zeggen: praat een keer met de bewoners rondom
het sociaal pensioen. Ga eens een keer kijken, ga eens een keer met mij mee. En in
antwoord op de vraag wilt u er wonen: ja.
Gespreksleider: meneer Van Anken, zou u willen wonen in een straat waar dagopvang en
ook een gebruikersruimte wordt gevestigd?
De heer Van Anken: Ik weet al 20 jaar dat dat helemaal goed gaat, dus waarom zou ik daar
niet willen wonen. Het antwoord is dus ja. Bij mij in de straat, geen enkel probleem. Op het
moment dat ik in de binnenstad zou wonen, wat mij betreft naast de deur.
Onverstaanbare reacties uit de zaal.
Gespreksleider: Ik begrijp en zie dat u boos bent. Laten we zorgen dat zoveel mogelijk
mensen een vraag mogen stellen of een opmerking te maken.
Gespreksleider: Ik heb nog één vraag tegoed van die meneer, om hoeveel mensen gaat het.
Hoeveel mensen maken er op dit moment gebruik van de opvang bij het Leger des Heils?
Mevrouw Buma: Op jaarbasis komen er 600 mensen bij ons, waarvan 400 echt bezoeker bij
ons zijn, en 200 hebben bij ons een postadres, die zien we niet zo heel veel, die zien we af
en toe binnen komen, die gaan weer weg. Maar 400 mensen zijn op jaarbasis bij ons en dat
is gemiddeld 80 tot 90 mensen per dag.
Als we kijken naar het aantal mensen dat op dit moment naar de Zuidergrachtswal komt, dat
zijn er een stuk of 40.
Gespreksleider Dus dat zou op 130 uitkomen?
De heer Van Anken: Nee, want het is tegelijkertijd de bedoeling om die groep veel kleiner te
maken omdat er nog steeds in de dagopvang mensen komen die ergens wel een eigen huis
hebben. Eigenlijk willen we die niet meer in dit soort voorzieningen zien. We hebben namelijk
geen 130 daklozen die in Leeuwarden over straat lopen. In de nachtopvang hebben we er
tijdens de winterkou als iedereen binnenkomt maximaal 55. En dat zijn lang niet alle mensen
die ook in de dagopvang komen; daar zitten ook mensen tussen die als gevolg van de crisis
hun dak zijn kwijt geraakt. Dus de echte daklozen in Leeuwarden, dat is helemaal niet zo’n
grote groep. We willen terug naar die kern van die daklozengroep. En dat betekent dus ook
en dat is een operatie die voor het Leger des Heils met name aan de orde is en voor een
beetje ook bij ons, daar waar mensen eigenlijk ten onrechte gebruik maken van onze
voorziening, willen we zo ook niet meer binnen hebben, maar willen we ze in een andere
vorm van begeleiding zetten.
Gespreksleider: En dat geldt dus ook voor uw mensen, een deel van de mensen die u nu
bezoekt kan straks niet meer bij u terecht?
Mevrouw Buma: Het is niet zo dat we tegen mensen gaan zeggen als ze bij ons aan de deur
komen, sorry je komt er niet meer in, maar we willen eigenlijk op een andere manier gaan
werken. En we denken dat mensen waarvan we weten dat ze onderdak hebben of dat ze bij
een bepaalde instelling wonen, maar die onze opvang als een soort van daginvulling
gebruiken, als een soort van dagstructuur, dat we die eigenlijk op een andere manier zouden
moeten helpen, om gewoon hun plek in de maatschappij weer terug te vinden, om hun eigen
sociale netwerk in de buurt, met vrienden, noem het maar op, op te bouwen. Nu zoeken ze
dat bij ons en dat vinden we eigenlijk niet terecht.
Gespreksleider: En op hoeveel mensen rekent u dan straks, want ik denk dat dat belangrijk
is voor de buurt.
De heer Van Anken: Ik denk dat het om een bezoekersaantal tussen de 60 en 80 bezoekers
gaat.
Mariëlla Diepenmaat van Diepenmaat Sport: De vraag was net gesteld: zou u het bij u in de
straat willen. Heeft u uw deur dan ook altijd wagenwijd open staan? Dat is eigenlijk de
volgende vraag. Heeft u dan altijd uw deur open staan als er verslaafden en daklozen langs
lopen. Want wij moeten natuurlijk gastvrij zijn en dat hoeft u niet te zijn. U kunt uw deur
Verslag Informatieavond Dagopvang Leeuwarden 5
dichthouden met de sleutel erin. En als u zich dat realiseert: de deur open, heeft u dan ook
behoefte aan daklozen en verslaafde junks naast u.
Gespreksleider: Dus als ondernemer heeft u de deuren open want u wilt zoveel mogelijk
mensen binnen. En zou u als ondernemer nog steeds willen wonen in de buurt van een
dagopvang.
Wethouder Ekhart: Ik heb geen winkel, laten we dat voorop stellen. Als het gaat gebeuren
denk ik dat we daarover juist veel betere afspraken zouden moeten maken. Dat wil ik best
een keer met u verder gaan onderzoeken, ook met de burgemeester erbij in het kader van
openbare orde en veiligheid. Dat zijn wel dingen waar je afspraken over kunt maken.
Gespreksleider: Aan wat voor soort afspraken denkt u dan.
Wethouder Ekhart: Dat moeten we gaan overleggen. In al dit soort instellingen is het
gebruikelijk heb ik begrepen, ook nu bij het Leger des Heils, dat er een bewonersoverleg is,
een omgevingsoverleg. Ik heb begrepen dat daar de laatste tijd heel erg weinig gebruik van
is gemaakt, omdat over het algemeen wordt gezegd: nou voor ons hoeft dat niet. De ervaring
is wel dat je er bovenop moet gaan zitten. Dat je ook extra maatregelen moet nemen om dat
soort overlast juist te bestrijden. Daar staat tegenover, en dat vind ik wel een argument dat
iedere keer de doorslag geeft, als je niks doet, deze mensen gaan niet naar het
industriegebied, deze groep zit per definitie altijd in de binnenstad. Dat is niet alleen in
Leeuwarden zo, dat is overal. Dit zijn mensen die gaan naar de binnenstad.
Gespreksleider: Laten we het over ondernemers hebben. Op dit moment zijn er aan de
Zuidergrachtswal ook een aantal ondernemers. Een paar. Hoe zit het daar dan mee? Wat
wordt er dan afgesproken?
De heer Van Anken: Daar wil ik graag iets over zeggen. We hebben daar inderdaad een
aantal ondernemers zitten en die hebben ook niet de meest goedkope spullen buiten de deur
staan. Maar één van de onderneemsters heeft nu een zaak waar ze onder andere meubels
verkoopt, die staan gewoon buiten, dat is twee deuren verderop. Die heeft ook de deur open.
Onze jongens vegen als er sneeuw ligt zelfs het stoepje voor haar. Daar krijgen ze een kop
koffie voor, want voor wat hoort wat. Je kunt wel met elkaar denken dat er geen afspraken te
maken zijn maar wij ervaren in de praktijk dat het heel goed gaat. Dat winkeltje is er
gekomen terwijl wij er al zaten. En als u last heeft in de stad, er zijn altijd mensen die een
ander tot last zijn, daar ben ik het onmiddellijk met u over eens, dan zitten wij er wel om u
dan bij te staan, dan zitten we er ook om afspraken met u te maken en met de cliënten die
komen.
Uit de zaal: Dan is het te laat.
Mevrouw Diepenmaat: Ik krijg geen antwoord op mijn vraag.
Gespreksleider: U wilt ook nog van beiden horen: stel dat u ondernemer zou zijn, zou u dan
willen wonen in een straat waar ook de dagopvang en de gebruikersruimte gevestigd zijn.
De heer Van Anken: Volgens mij had ik daar al ja op gezegd. Maar ik zet ook meestal mijn
fiets op slot, bij mij thuis is de achterdeur altijd gewoon open, ik weet niet of ik dat altijd in de
binnenstad zou doen, maar hoe dan ook, ik denk dat een winkel die heeft altijd de deur open
en die moet altijd opletten dat er geen rare dingen gebeuren en dat zijn heus niet altijd onze
klanten.
Mevrouw Buma: Ik hoor een aantal ondernemers die zich stinkende zorgen maken over wat
er zometeen gaat gebeuren, ik begrijp dat heel erg goed. Het is zo dat wij ook niet kunnen
beloven dat er niets gaat gebeuren, dat weten we van tevoren niet. Onze ervaring is wel op
andere plekken dat er niet of nauwelijks overlast is. Een dagopvangvoorziening voor
harddrugsverslaafden gecombineerd met alcoholverslaafden, er zijn ook mensen die daar
komen zonder verslaving, we doen dat op heel veel verschillende plekken in Nederland. Er
zijn ook in de regio waar ik zelf verantwoordelijk voor ben, de provincie Drenthe en de
provincie Groningen ook een aantal gecombineerde dagopvangvoorzieningen en daar is niet
of nauwelijks overlast.
Anna Veensma van Panta Rei Antiek, sinds 20 jaar: Ik hoor u heel makkelijk zeggen: we
hebben de dingen onderzocht en dat gaat samen. Nou, dat gaat niet samen. Het is met geen
Verslag Informatieavond Dagopvang Leeuwarden 6
pen te beschrijven wat wij in het verleden hebben meegemaakt. U kunt wel gemakkelijk
zeggen: dat is nu allemaal anders. Ik geloof er helemaal niets van. Het is namelijk zo, de
mensen die niet zwaar verslaafd zijn die worden bang en die gaan “heulen met de enge”, we
hebben dat meegemaakt aan den lijve. Wij hebben een antiekwinkel, we hebben de deuren
altijd open voor onze klanten, zodat ze kunnen zien dat ze binnen kunnen komen, iedereen
kan binnenkomen. U zegt, het wordt allemaal binnenshuis gedaan, wij hebben portieken,
geweldig voor dit soort mensen. Mooie diepe portieken, prachtige panden. Heel mooi uitzicht
vanuit hier daar naar toe. Dat gaat straks, nou ik moet er niet aan denken. Ik moet niet
denken aan wat wij gehad hebben, wij hebben er echt ervaring mee.
Gespreksleider: Welke ervaring heeft u, waar heeft u het specifiek over?
Mevrouw Veensma: Wij hebben ervaring met geweld. Mijn man is ook in elkaar getrapt.
Onze winkel is een beetje een snoepwinkeltje, niet met alleen meubeltjes maar mooie
portieken. Ze maken heel veel kabaal, ook door drank, anderen proberen dat weer te
sussen, want die zijn bang, die zijn dan niet erg aan de drank. Wij hebben de ervaring: het
gaat niet samen, het is een drama geweest.
Gespreksleider: Dus het samengaan van mensen die alcoholverslaafd zijn en die
drugsverslaafd zijn, daarvan zegt u: wij hebben de ervaring dat dat gewoon niet werkt en hoe
kunt u dan volhouden dat dat wel kan.
De heer Van Anken: We zeiden net al: je kunt nooit 100% garantie geven op het gedrag van
mensen. Van niemand niet en nergens niet, dus dat kunnen wij ook niet. We kunnen wel, en
dat is wat mevrouw Buma van het Leger des Heils ook gezegd heeft, met professionele inzet
van medewerkers die echt goed contact hebben met onze cliënten de zaak goed in de hand
houden. Dat hebben we bewezen op alle locaties in Leeuwarden. Ook aan de
Zuidergrachtswal.
Gespreksleider: Hoe kan het dat de ervaring van mensen op De Tuinen anders is?
De heer Van Anken: Ik ken die situatie van het gangetje naast het kerkgebouw waar
inderdaad van alles en nog wat gebeurde. Dan hebben we het wel over 2000 en nog
daarvoor. Die problemen waren er, we hebben nu ongelofelijk veel geleerd en heel veel
gedaan. U kunt van de laatste 10 jaar eigenlijk nergens incidenten vinden in winkels of wat
dan ook, ja natuurlijk gebeurt er wel eens wat.
De heer De Jong: Dit is waar het om gaat. Het gaat er zeer duidelijk om dat de status quo
van dit moment eigenlijk heel tevredenstellend is. Wij willen niet weer terug naar de situatie
van voor 2001. U beweert net dat het al 25 jaar goed gaat. Ik kan u wel vertellen, het gaat
pas 13, 12 jaar goed. Daar hebben wij nu twee maal voor gezorgd met z’n allen. Het is voor
de derde maal dat we voor hetzelfde geval hier weer staan. Ik begrijp mevrouw ook niet
helemaal. We hebben in 2005 hier een onderzoek gehad. Dat was met wethouder Hetty
Hafkamp. Toen was er een bewering van een mevrouw van VNN, die zei: de gezamenlijke
opvang van dak- en thuislozen en zwaar verslaafden, voor het gemak zeggen we even de
daklozen en de junks, zou op meerdere plaatsen in Nederland zo zijn. Toevallig had ik de
dagen ervoor het hele land afgebeld. Alle opvangen. Met de korte vraag: vangen jullie
daklozen op, vangen jullie junks op, vang je gezamenlijk op. Het was steeds: nee. Als het
gezamenlijk was: ja, nee, maar niet overdag de ene, ’s avonds de andere. Je kreeg overal
schuivende panelen. Dat is nu nog zo. Kunt u mij vertellen welke plaatsen er zijn in
Nederland waar daklozen en junks gezamenlijk in één dagopvang met één ingang in één
ruimte worden opgevangen. Dan ga ik morgen die adressen bellen.
Applaus.
Gespreksleider: Dat is een hele concrete vraag. In welke plaatsen in Nederland gebeurt het
al, die gezamenlijke opvang.
Mevrouw Buma: Ik wil er wel antwoord op geven want ik ben er zelf verantwoordelijk voor. In
Groningen, Emmen en Hoogeveen en daar ben ik zelf verantwoordelijk voor. En het lijkt me
uitstekend dat wij contact hebben en dan maken we een afspraak en dan gaan we daar
samen kijken, en ik wil ook wel een afspraak met de buren maken dan kunt u daar ook even
mee spreken.
Verslag Informatieavond Dagopvang Leeuwarden 7
Gespreksleider: Dat lijkt me een belangrijke toezegging. Dus als u zegt: we willen graag een
kijkje nemen, dan bent u hierbij uitgenodigd. En dat blijft vast niet beperkt tot meneer De
Jong alleen, misschien moeten we er met een hele bus naar toe. Ik kan me voorstellen dat
dat wel scheelt.
De heer De Jong: Wij hebben het ook onderzocht. Alleen in Apeldoorn is opvang in dezelfde
ruimte maar dat is in een heel groot pand. En in het rapport staat ook dat, zo mooi met een
binnentuin, fantastisch mooi, we mogen er jaloers op zijn. Maar er is overlast.
Gespreksleider: Maar de uitnodiging staat, u kunt komen kijken en dat kan helpen. Zijn die
locaties in een buitenwijk of zijn ze ook in het centrum van de steden, bij winkels?
Mevrouw Buma: Midden in een winkelstad, tussen woningen, tussen winkels. Drie keer.
Gespreksleider: Het lijkt mij een goed plan om daar te komen kijken.
Errol Newby van de ondernemers van de Voorstreek 49: Ik heb een skateshop, 4 jaar
geleden geopend. Ik heb gehoord dat in het verleden ook twee maal zoiets aan de hand
was. Ik begrijp eerlijk gezegd niet waarom jullie dit een derde keer gaan doen. Bij alle
ondernemers lopen de emoties hoog op. De reden is niet zozeer onszelf. Maar ik ben erg
bang dat mijn klanten bang worden. Dus ook ons inkomen, ons welzijn en onze toekomst.
Waardoor we op een gegeven moment de deuren moeten gaan sluiten of moeten verkassen.
Jullie gaan hiervoor opdraaien, subsidies, als wij geen geld binnen krijgen omdat er junkies
zijn die hier op de straat de mensen bang maken. Het is al achteruit gegaan aan de
Voorstreek, het ziet er al een beetje verlaten uit de laatste tijd dat de gemeente ons
tegenwerkt. Wat is dit, de laatste slag?
Gespreksleider: U stelt heel veel. U stelt ook een aantal vragen. Eén van de vragen is:
waarom tot drie maal toe hetzelfde geprobeerd.
Wethouder Ekhart: Je kunt elkaar heel moeilijk overtuigen op dit soort avonden. Dan moet je
het inderdaad gezien hebben.
Onverstaanbaar gepraat.
Gespreksleider: De vraag was, waarom voor de derde keer.
Wethouder Ekhart: We moeten niet gaan herhalen. Omdat uit onderzoek is gebleken, dat we
de doelgroepen beter onder controle hebben. Het pension was er toen niet in 2002. Het
dubbele diagnosepension bij het Bonifatiusplein. In 2002 was de heroïne-unit er niet. En we
hebben onderzocht wat het effect is van de heroïne-unit. Dat kunt u navragen bij de politie.
Negen veelplegers die in de hele stad actief waren zijn dankzij de heroïne-unit de laatste
jaren niet meer in aanraking gekomen met de politie.
Interrupties en onverstaanbaar gepraat.
Gespreksleider: Oké, dat is uw ervaring, goed dat u dat hebt ingebracht. Ik geef het woord
weer aan de wethouder.
Wethouder Ekhart: Nogmaals, ik heb niet gezegd dat er geen veelplegers meer zijn. Ik vind
het heel erg vervelend wat er gebeurt, laten we dat voorop stellen. We hebben het
onderzocht. Voordat die unit er was, waren er negen veelplegers bij, en die negen
veelplegers – en dat kan bevestigd worden door de politie – juist door die instelling hebben
die rust kunnen krijgen. Er zijn een paar bij – ik ben er ook op bezoek geweest – die gaan
zelfs weer aan het werk. Nogmaals: veelplegers zullen er ook altijd blijven. Maar de vraag is
of je het kunt combineren of niet. Een aantal jaren geleden, dat is het onderzoek van meneer
De Jong, toen bleek inderdaad in de praktijk dat het heel erg lastig lag die groepen te
combineren. Maar je hebt ook voortschrijdend inzicht. En u vraagt: geef mij die adressen
waar het wel kan. U wordt uitgenodigd, dat kunnen we ook met een vertegenwoordiging
doen van de winkeliers en de buurt en dan ga ik zelf ook mee om te kijken waarom het daar
nu we lukt. Dus ik daag u uit om mee te gaan en dan gaan we kijken op die locaties waar het
op dit moment wel goed gaat.
Gespreksleider: Blijft wel de vraag: wat is nu anders dan 12 jaar geleden, wat zijn er dan
voor nieuwe inzichten ontstaan. Waarin hebben jullie je verbeterd, waardoor je kunt zeggen:
het is verantwoord.
De heer Van Anken: Wat veranderd is, is dat er punt 1 veel meer personeel op is gezet dan
12 jaar geleden. Ik zei niet dat het 25 jaar geleden oké was. Het is nu een jaar of 10 dat we
Verslag Informatieavond Dagopvang Leeuwarden 8
het goed in de hand hebben. Natuurlijk niet 100%, want dat heeft de politie evenmin en dat
heeft niemand. Er gebeurt altijd overal wel eens wat. Wij zetten heel professioneel in op de
mensen. We zien kans om ze in allerlei activiteiten te krijgen, zoals Skrep, wat een ploeg
mensen is die dan de stad in gaat om de boel mee schoon te houden. De overlast door
spuiten en dat soort rommel is enorm afgenomen. Ik denk dat je heel goed afspraken kunt
maken, dat is ook onze ervaring, ook met mensen die verslaafd zijn, net zo goed als met
mensen die om andere redenen over straat zwerven. En ik denk dat het beste medicijn
mensen zoveel mogelijk binnen te halen en binnen te houden of anders dingen te laten
doen, maar dan wel legaal.
Gespreksleider: Samengevat, we hebben meer mensen dan vroeger en we doen andere
dingen met mensen. We proberen ze te activeren.
Onverstaanbare vraag.
Gespreksleider: Hoe verhoudt zich deze opmerking tot wat u net zei dat het aantal mensen
zal toenemen dat een beroep doet op de opvang.
De heer Van Anken: Het aantal verslaafden neemt niet toe. Het aantal mensen dat door de
economische crisis in de problemen komt, dat neemt wel toe. We hebben de afgelopen
winter echt economisch daklozen gehad, mensen die de hypotheek niet meer konden
betalen, die op straat terecht kwamen en die aangewezen waren op nachtopvang. Dat zijn
niet per se mensen met verslavings- of psychiatrische problemen.
Ik zie geen toename van het aantal junks, om het maar even zo te noemen. Ik zie wel een
toename van het aantal mensen dat in de problemen terecht komt om andere redenen maar
daar hebben we het niet over. Dus we kunnen die groep verkleinen doordat we een
belangrijk deel van die mensen nu onderdak kunnen bieden, gewoon in een vaste
woonvoorziening. En dan hoeven ze niet meer naar de dagopvang, dan hoeven ze niet meer
over straat te zwerven, en dat is de winst die we in de afgelopen tien jaar geboekt hebben.
Dus die pensions zijn een belangrijk antwoord op ons probleem en daarnaast de activering
die we inzetten. Dus werk en dagbesteding, mee de stad schoon houden, allerlei dingen
doen die maatschappelijk nuttig zijn.
Gespreksleider: En dat is anders dan twaalf jaar geleden.
Gina Junckers: We hebben een kapsalon naast het Leger des Heils. Op dit moment is er
eigenlijk al wat overlast. Ik krijg daklozen: mag ik een kopje koffie bij jou, heb je dit voor mij,
heb je dat voor mij. Daar kan ik me mee redden. Ander personeel durft er al niet te staan.
Dus ik sta er in mijn eentje. Alleen het woord al: Leger des Heils opvang. Ik heb zelf af en toe
ook een gesprek met daklozen. Er zitten natuurlijk ook aardige mensen bij. Maar op dit
moment is het al een beetje overlast. Laat staan dat er straks ook verslaafden bijkomen. Het
is nu al dat ze naast mijn salon staan af en toe een joint te roken. Laat staan dat er straks al
die verslaafden daar allemaal voor de deur staan, wat moet ik daarmee doen dan, moet ik ze
allemaal zelf weg gaan sturen?
Gespreksleider: Wat gaat er gebeuren met al die mensen die op bezoek komen en gewoon
buiten een sjekkie of een jointje roken of nog ergere dingen doen?
Mevrouw Buma: Allereerst wil ik wel even zeggen dat dit de eerste keer is dat ik dit hoor.
Geschreeuw in de zaal.
Mevrouw Buma: Ik zou de feiten op een rij willen hebben. Er zijn nul meldingen van overlast
gedaan en er zijn ook nul klachten bij ons binnengekomen. Dus ik ben verbaasd over deze
opmerking.
Gespreksleider: Dat is wat mevrouw zegt: ik los het tot nu toe zelf op. Ik ben met mensen in
gesprek. Maar ze maakt zich zorgen als de doelgroep verandert, dat ze het dan niet meer
zelf kan doen, dat is haar zorg.
Mevrouw Buma: We willen niet dat voor onze deur een verzamelplek ontstaat, waar iedereen
zich gaat ophopen. Dus wat doen wij, dan halen wij die mensen naar binnen. We hebben
een vrij groot voorportaal, daar kunnen we mensen ontvangen. Dan kunnen we hun vragen:
waar ga je naar toe, wil je naar een gebruiksruimte of ga je naar de dagopvang of naar de
Verslag Informatieavond Dagopvang Leeuwarden 9
activering of wil je ergens anders heen. Dat is de plek waar men zich verzamelt. En niet voor
de deur.
Onverstaanbaar gepraat.
Gespreksleider: Hoe laat gaat het open?
De heer Van Anken: Nu om 10 uur, half elf zoiets.
Gespreksleider: Maar wat mensen hier zeggen: iedereen staat dan te wachten om naar
binnen te kunnen.
De heer Van Anken: Dit zijn typisch dingen die je met elkaar moet bespreken. Misschien
moet je je openingstijden verruimen. Misschien moet je eerder open gaan, voordat de
winkels opengaan. Zodat men daar geen last van heeft. Dat zijn afspraken die je met elkaar
zou kunnen maken. Ik denk dat het ontzettend belangrijk is, dat als het college zou besluiten
om dit te combineren en wij zouden daar naar toe gaan, om dan onmiddellijk met de
omgeving, met de winkeliers in gesprek te gaan. Dan gaan we met elkaar afspraken maken
over de beheersingen, over meldpunten, over omgevingsoverleg om te zorgen dat het goed
verloopt. Wij hebben net zo min als jullie belang bij overlast, wij hebben net zo’n groot belang
bij rust in de stad en rust rond onze voorzieningen. Dus daar hebben we geen andere
agenda. We hebben echt hetzelfde belang op dit punt.
Gespreksleider: Dus eigenlijk zegt u nu ook: het zou best kunnen dat we eerder open gaan,
nog voor de winkels open gaan, om te voorkomen dat mensen in die portieken gaan staan
van uw winkels.
De heer Van Anken: Ja, dat zou een afspraak kunnen zijn, maar daar moet je het met elkaar
over hebben, wat je nodig vindt om je veilig te voelen. Welke afspraken we ook maken, zoals
meneer achterin, als zo’n situatie zich voordoet, dat hij ons onmiddellijk belt als hij denkt dat
het een klant van ons is, want dat is niet altijd gezegd. Het kunnen ook mensen zijn die ik
weet niet waar vandaan komen die dit soort ongein uithalen. Want ongein is het en blijft het.
En daar willen wij ook wat aan doen. Ik heb echt geen belang bij rotzooi en ellende.
Integendeel.
Gespreksleider: Wat is de normale sluitingstijd van de dagopvang?
De heer Van Anken: Dat varieert op dit moment. Een voordeel van de combinatie is dat we
meer personeel kunnen inzetten op één locatie. Dus dat we ook de mogelijkheid hebben om
met hetzelfde personeel meer te bieden dan wat we nu doen. Als het nodig is om
openingstijden te verruimen, dan kan dat. Dat doen we nu alleen tijdens de winter, zodat
mensen niet de straat op hoeven en zo één op één door kunnen naar de nachtopvang en we
houden soms ook de nachtopvang langer open om te voorkomen dat mensen in de stad
gaan zwerven. Want dat proberen we nou net te voorkomen, dat mensen in de stad gaan
rondzwerven en ongein uithalen.
Gespreksleider: Er is dus overleg mogelijk over begin- en eindtijd.
Mevrouw Ubels: Ik heb samen met een zakenpartner een huiswerkbegeleidingsinstituut. Er
komen jonge kinderen bij ons, mijn jongste kind is 5 tot een jaartje of 18. We kunnen
afspraken maken. Maar u weet zelf ook dat afspraken vaak niet nagekomen worden. Ik ben
van mening dat dit niet de juiste plek is. En zeker niet als je De Tuinen weer meer bij de stad
wilt betrekken, je wilt er wat mooiers van maken, dat er mooiere winkels in komen. Wij
hebben een enorm risico genomen door daar een huiswerkbegeleidingsinstituut te beginnen.
Elke dag komen er bij ons kinderen over de vloer. Die wil je toch niet aan die junks
blootstellen. Waarom zou je daar juist die opvang gaan doen. Dat is mij een raadsel.
Applaus.
Gespreksleider: Er wordt van alles gedaan om het op te knappen, dat lazen we ook vorige
week in de krant. Waarom dan dit winkelgebied, dat kwetsbaar is, belasten met een opvang.
Wethouder Ekhart: Ten eerste, er zit al een opvang. Die zit er natuurlijk al jaren. Het Leger
des Heils is bijna een begrip in Leeuwarden, die zitten daar al jaren. Er komen nu ook
mensen die drugs gebruiken. Alleen de gebruikersruimte is wat anders. Dat kan ook
bevestigd worden. Er zit al sinds jaar en dag een opvang, en er gebeurt best wel eens wat.
Bij die kapper kan ik me best voorstellen dat je daar nog een keer naar gaat kijken. Maar het
is niet zo dat het compleet nieuw is. Om te gaan vermijden dat we gaan herhalen, het blijkt in
Verslag Informatieavond Dagopvang Leeuwarden 10
de praktijk, het is onderzocht, vandaar ook ons aanbod om te gaan kijken waar dat loopt, hoe
het daar georganiseerd is. Dan zit je natuurlijk met De Tuinen en met de Voorstreek. Het
loopt niet helemaal via mijn portefeuille, maar ik ben wel goed op de hoogte want dit wordt
ook regelmatig besproken in de gemeenteraad. Er is een nieuwe detailhandelsvisie. We
gaan ook kijken, volgens mij is er vorige week of die week ervoor overleg geweest rondom
De Tuinen, ook toevallig dat dat allemaal tegelijkertijd komt, maar daar ga je ook wel weer
afspraken maken over de herinrichting van het gebied. Maar de opvang zat er al, wordt ook
niet verplaatst, laten we daar ook duidelijk over zijn, alleen die gaan we op een andere
manier inrichten.
Mevrouw Ubels: Het gaat erom dat ik geen junks bij mijn kinderen wil.
Wethouder Ekhart: U heeft een risico genomen. U hebt dat pand gekocht terwijl er al opvang
was. U wilt daar geen junks hebben. Los daar van, die junks, om dat zo maar te noemen, dat
blijkt uit alle onderzoeken, die zitten gewoon per definitie in de binnenstad. Niet alleen daar
maar ook hier. Als je ziet, het aantal mensen dat gebruik maakt, maar dat weten de experts
beter, zowel van de nachtopvang als van de Zuidergrachtswal, als van De Tuinen en ook
nog van het aanloophuis wat door de kerken helemaal gerund wordt, die lopen nu ook vaak
die hele cirkel en gaan van het een naar het ander. Als je het gaat concentreren heb je er
meer grip op. Nu gaan ze ook wel eens een beetje shoppen van het een naar het ander. Ik
snap best dat het lastig is. We gaan het anders doen door met name te kijken naar die
sociale activering en we gaan ze in die zin actief maken, daar hebben we hele goede
ervaringen mee.
Gespreksleider: Waarom De Tuinen en niet een ander gebied dat misschien minder
kwetsbaar is?
De heer Van Anken: Omdat we gebruik wilden maken van bestaande locaties en niet op
totaal nieuwe plekken in de stad helemaal opnieuw wilden beginnen. We wilden op plekken
zitten waar de ervaringen goed zijn.
Vraag: Waarom niet blijven zitten waar je nu zit.
De heer Van Anken: Dat hebben we net proberen uit te leggen. Omdat er nu eenmaal
besloten is, ook mede door de gemeente, dat die twee kunnen worden samengevoegd en
dat er geen reden meer is om dat gescheiden te doen. Dat is gebleken uit dat onderzoeksrapport.
Wij zagen ook in het verleden wanneer we maar voldoende professionele inzet
konden bieden ook geen overwegende bezwaren om het te combineren. Maar je moet het
niet met vrijwilligers doen.
Onverstaanbare vraag.
De heer Van Anken: Nee dat klopt, de locatie was toen met dat gangetje daar achter en een
veel te kleine ruimte daar achter waar de mensen bij elkaar in een veel te kleine ruimte
zaten. Dit is grote ruimte en hier zitten heel veel mogelijkheden om in het pand verschillende
plekken in te richten. Dus het voldoet aan de eisen die wij stellen om mensen voldoende te
kunnen scheiden achter de voorkeur. Dat gaan wij wel weer doen natuurlijk.
Onverstaanbaar gepraat.
De heer Van Anken: We willen een inpandige wachtruimte hebben, en niet dat mensen op
straat voor de deur hangen. Wij nemen ook verantwoordelijkheid voor wat op straat gebeurt.
Zoals jullie weten hebben we ook cameratoezicht op de straat. Dus met andere woorden: we
kunnen zien wat er gebeurt en ook onmiddellijk zelf ingrijpen als er zich wat in de straat
voordoet.
Onverstaanbare vraag.
Gespreksleider: Tot waar reikt de camera is de vraag.
De heer Van Anken: Het lijkt me niet onverstandig om daar dan eerst maar eens afspraken
over te maken, tot hoever het moet.
Onverstaanbaar gepraat.
Gespreksleider: U stelt vragen en deze heren en dame doen echt hun uiterste best om die
naar eer en geweten te beantwoorden. Dat u het er niet mee eens bent, daar kan ik me iets
bij voorstellen. Maar u krijgt wel informatie.
Verslag Informatieavond Dagopvang Leeuwarden 11
Afke Heida, De Tuinen: Ik heb een vraag aan meneer Van Anken. Waarom moet dat spul
van de Zuidergrachtswal weg? Wat is nou echt de oorzaak. Ik heb in de rapporten gelezen
dat het plan is om in de Wirdumerpoort nachtopvang te plaatsen. En dat er ooit door de heer
Roel Sluiter is afgesproken dat er in zijn wijk geen twee locaties zouden komen van deze
opvang. Maar de Wirdumerpoort, ligt dat midden in de Oranjewijk? Dan weet ik niet wat de
Oranjewijk is. En daarvoor moeten de junks weg naar De Tuinen. Dat is de oorzaak. Dat
staat ook in het verslag. Wat is de Oranjewijk meer dan De Tuinen en de hele omstreek hier,
mag ik dat van u weten.
Gespreksleider: Eigenlijk is de vraag: waarom moeten wij bloeden voor een afspraak die
voormalig wethouder Sluiter heeft gemaakt met de Oranjewijk.
Wethouder Ekhart: Het klinkt wat raar, maar het is wel een toevalligheid dat het onderzoek
van het Intravalbureau is van mei 2012. Dat is al een vrij oud onderzoek. Tegelijkertijd
speelde het feit, waar ik ook mee begonnen ben, dat De Terp afgekeurd is en dat wat nog
verplaatst moet worden is de nachtopvang en de ziekenboeg die naar de buitenschool gaat
wat ook met de buurt besproken is. Wat inderdaad gebeurd is, dat is de afspraak van Roel
Sluiter, ik heb daar in Wirdumerpoort destijds een bewogen avond gehad en dat hoort er ook
gewoon bij, want je moet het kunnen blijven uitleggen vind ik en daar blijkt inderdaad dat ook
letterlijk met mijn voorganger meneer Sluiter is afgesproken dat omdat de Zuidergrachtswal
zou worden geopend daar geen andere voorziening zou komen. Tegelijkertijd was ook al min
of meer besloten om samen te gaan, maar we wisten geloof ik niet welke locatie het zou
worden. Toen heb ik inderdaad gezegd, als die belofte is gedaan door mijn voorganger vind
ik het te gek om te zeggen: nou zit er een ander en nou telt die belofte niet meer. Dat zou ik
raar vinden. Die afspraak is letterlijk zo gemaakt en dat kan bevestigd worden door
raadsleden die destijds ook in de raad zaten. Ik vind aan zo’n afspraak moet je je houden.
Nu de mogelijkheid bestaat om de dagopvang samen te voegen, betekent dat automatisch
dat dan de Zuidergrachtswal gesloten zou kunnen worden mits het college, mits de raad,
maar dan herhaal ik het verhaal. Dan is daar een voorziening weg en dat zou kunnen
betekenen, maar dat moet ook allemaal nog weer …..dat de nachtopvang daar naartoe zou
kunnen gaan. Maar het is niet zo dat het één een gevolg is van het ander.
Gespreksleider: Maar mevrouw zegt: volgens mij is er een verband, het komt wel goed uit.
Wethouder Ekhart: Zo zou ik het zelf ook kunnen uitleggen, maar het is niet bewust gedaan.
Gespreksleider: Daar moeten we het mee doen.
Suzan Rekers: Ik run samen met mijn vriend Errol de skateshop aan de Voorstreek en de
vraag was eerder gesteld: stel de dagopvang komt er, en onze klanten worden weggejaagd,
ons inkomen is weg, gaan jullie ons dan financieel ondersteunen, want ik denk als jullie dat
niet doen dat jullie het druk krijgen, dan we komen allemaal in de daklozenopvang.
Applaus.
Gespreksleider: Een hele duidelijke vraag: is er compensatie vanuit de gemeente voor
ondernemers die het niet redden straks.
Wethouder Ekhart: Dat zou wel heel handig zijn. Laten we nou eerlijk zijn, dat geldt niet
alleen voor Leeuwarden, ik schrik ook wel als ik het aantal winkels zie die leeg staan om heel
andere redenen dan daklozen. Het is een economisch slechte tijd. Het hele internetgedoe
wat er aan zit te komen, Bol.com ….
Vandaar ook dat we bezig zijn – en dat gaat via collega Deinum en de burgemeester die de
gesprekken heeft gevoerd – met de bewoners van de Voorstreek, hoe we kunnen komen tot
die revitalisering van de binnenstad, dat is die portefeuille. Gaan we er straks economisch op
achteruit doordat de opvang wordt aangepast, die één op één conclusie die moet in de
praktijk ook wel gewoon blijken want je kunt ook op een andere manier aantonen ….
Gespreksleider: En stel dat het zou blijken, is er dan een compensatieregeling.
Wethouder Ekhart: We gaan geen winkeliers compenseren, daar ben ik heel eerlijk in. Dan
moet je het zelf proberen door een planschadeprocedure.
Gespreksleider: Dat is wel een duidelijk antwoord op uw vraag, dus er is geen compensatie.
Verslag Informatieavond Dagopvang Leeuwarden 12
De heer Bekkema, bewoner: U weet net zo goed als ik, u creëert niet alleen een broeinest
van gebruikers maar ook van dealers. Die willen wat verkopen als die mensen buiten staan
te wachten. En dat trekt nog meer gebruikers aan en dealers. Je krijgt een ongebreidelde
wildgroei die niet in de hand te houden is. Ik woon er om de hoek. Ik heb er een fiets staan
en mijn vrouw een auto, waar ze hard voor gewerkt heeft. Dat spul is niet meer veilig. Ik ben
een tijdje postbode geweest in de wijk. Toen het tehuis op het Bonifatiusplein gerealiseerd is
voor verslaafden met een geestelijke handicap, toen durfden de mensen van de Walburg en
de Nieuwe Hoek na zonsondergang hun huis niet meer uit. En dat wordt nog veel erger. Dat
weet ik gewoon, ik heb met die mensen gesproken. En daarom ben ik er heel erg op tegen
op dit plan en dat weet u wel.
Applaus.
Gespreksleider: Meneer wijst op het risico dat ouderen niet meer over straat durven en uw
eigendommen beschadigd worden. En meer dealers. En meer rotzooi op straat.
De heer Van Anken: Waar verslaafden zijn, houden zich ook dealers op. Dat klopt. Wij
hebben daar bij de Zuidergrachtswal goede afspraken over gemaakt. Ook met onze cliënten,
wat niet wil zeggen dat die zich er altijd aan houden. Want die dealer die blijft zich opdringen.
U wilt van mij een eerlijk verhaal. Ik ga niet ontkennen dat er dealers zijn. Het enige wat we
kunnen, is het aantal hotspots terugbrengen, zodat je samen met de politie en het
drugsoverlastteam, en die zijn er vanavond ook, meer toezicht kunt houden op dat soort
gedrag. Je moet met elkaar daar heel scherp op zijn wil niet gebeuren wat u daar stelt. Dat
risico zit er constant in. Rond verslaafden hangen dealers.
Gespreksleider vraagt de wijkagent: Wat voor afspraken maakt u dan met bewoners als het
gaat om het voorkomen van overlast?
Wijkagent: Wij hebben natuurlijk meer opvang hier in de binnenstad. We maken afspraken
met de bevolking, in omgevingsoverleggen. Die zijn bij al die opvangadressen wel geweest.
In het begin gaat dat vrij heftig. Maar gaandeweg zien we dat het door goede afspraken
maken rustiger wordt.
Gespreksleider: Kunt u een voorbeeld noemen van zo’n afspraak?
Wijkagent: Aan het Bonifatiusplein hebben we wel een omgevingsoverleg. Alleen nou hoor ik
weer van die meneer, dat is nooit in dat overleg neergelegd. Dan gaat er kennelijk ook wel
eens wat mis. Want ik vind het erg dat oude mensen niet op straat kunnen komen.
Onverstaanbaar gepraat uit de zaal.
Gespreksleider: Dus u zegt, wij horen die klachten niet, maar deze meneer zegt: ze zijn er
wel degelijk want mensen durven de straat niet op.
Onverstaanbaar.
Gespreksleider: Bent u bereikbaar als wijkagent?
Wijkagent: Ja, ik ben op alle manier bereikbaar, via telefoon, mail en een algemeen nummer.
En ik kom ook bij het omgevingsoverleg. Maar omdat er nauwelijks meer belangstelling was
voor dat overleg is dat op een gegeven moment afgeschaft.
Gespreksleider: Wat kunt u dan concreet afspreken om de overlast te beheersen?
Wijkagent: Op meerderde plekken in de binnenstad zijn dealers bezig en het is een taak van
de politie om dat te bestrijden. Met name in het Weazegebied hebben we nogal wat
problemen daarmee en als hier natuurlijk andere mensen komen in dit gebied, dat zal ook de
dealers meetrekken.
Gespreksleider: En die jaagt u dan weg.
Wijkagent: Nou……
Gespreksleider: Heel serieus: wat doet de politie dan?
Wijkagent: De aanpak van dealers is toch wel een vrij moeilijk probleem, dat ontken ik niet.
Daar pak je er één en daar komt er één weer terug. Dus dat is een moeizaam proces. Dat
keer je niet, die zijn er gewoon.
Gespreksleider: Dus wat dat betreft kunt u ons niet helemaal geruststellen. U bent wijkagent
in de Oranjewijk of in dit gebied?
Wijkagent: Ik ben van de binnenstad. Mijn collega van de Oranjewijk is niet aanwezig hier.
Gespreksleider: Ik ben benieuwd naar de concrete maatregelen want misschien kan dat
helpen om daar kennis van te hebben.
Verslag Informatieavond Dagopvang Leeuwarden 13
Uit de zaal: Het heeft helemaal geen zin om dat te vergelijken. Het gaat er heel duidelijk om
dat in het verleden, in 2001 – toen woonde ik hier trouwens nog niet maar ik kan het me
goed voorstellen, ik heb de verhalen wel gehoord – die junks en die drugs die kunnen niet
samen. Die slaan elkaar de hersens in. Daar gaat het om. In de Oranjewijk is het niet. Op het
internet staat meer informatie dan ik tot op heden heb gekregen. Ik woon hier achter.
Toevallig lees ik het in de krant dat ze hier willen komen. Dus we worden heel goed
geïnformeerd. Uiteindelijk is er een actie gestart door de heren die daar zitten en zodoende
zijn we hier gekomen. Want het kon natuurlijk allemaal niet in de voorziening waar die junks
ook komen. Dat geeft trouwens wel te denken want als dit daar al niet kan, hoeveel ruimte
heeft u dan om al die mensen bij elkaar op te vangen. Ik vind het echt onvoorstelbaar, ik heb
een dochter van 5, ik zit er echt niet op te wachten om, kijk dat is een junk, daar moet je
maar niet bij in de buurt komen. Ik woon in een straatje achteraf. De politie hebben we nu
ook al gezien. Meneer is wijkagent en ik heb hem nog nooit gezien. Ik zou niet weten wie het
is. En als je belt, of je kunt ze niet bereiken of ze kunnen er ook weinig aan doen en dat is
ook frustrerend voor die wijkagent want die doet zijn best, dat geloof ik allemaal, alleen hij
kan er weinig aan doen. Dealers, die situatie die krijg je. Dat is nu bij de oude gevangenis,
daar wonen gelukkig geen mensen, er wordt ook wat getippeld enzo. Meneer is wijkagent
voor de hele binnenstad; dat wordt geweldig, want die situatie daar zal hij in de gaten
moeten houden, hier komt weer een nieuwe situatie. Alles in feite volgens mij omdat De Terp
dat kan niet meer. Volgens mij staat daar een mooie woontoren gepland, een mooie
ontwikkeling, dat is weer geld voor de gemeente Leeuwarden. Wirdumerpoort, volgens mij is
daar het bestemmingsplan, ik zie een kantoorgebouw. Ik vraag me af of het
bestemmingsplan voor opvang al geregeld is. Als dat zo is, dan is het fantastisch.
Gespreksleider: Wilt u het weten, is het een vraag
Vervolg zelfde spreker: Ik wil nog wel even doorgaan. Het gaat erom dat die twee
voorzieningen niet in dezelfde wijk mogen zitten. We hebben hier in 2005 ook gezeten. Toen
kreeg ik een kindje, nu trouwens weer, die komt ook in een geweldige omgeving. Ik zit er
echt niet op te wachten, ik vind het echt onvoorstelbaar en toen zijn er afspraken gemaakt
met die Oranjewijk. Die bewoners die daar vlakbij in de buurt zitten zijn ook allemaal tegen
trouwens dat de Terp naar de Wirdumerpoort gaat, dus ik denk ook niet dat dat een gelopen
race is. Ondertussen wil je wel dit gaan samenvoegen om de weg vrij te maken.
Gespreksleider: Wilt u nu afronden.
Vervolg zelfde spreker: Ik vind het onvoorstelbaar dat je die groepen weer bij elkaar doet. En
wat zijn de afspraken die de raad in 2005 heeft beslist, hier komen geen drugs en junks, dat
hebben ze duidelijk beslist. Ik vind dat ook bindend, de raad die maakt een besluit, ik stem
op mensen die maken een besluit. Nu komt er een nieuwe wethouder, die komt uit Sneek
elke dag met de trein, wat voor binding heeft hij hier met Leeuwarden, en die maakt weer
een nieuw plan, ze moeten maar weer bij elkaar komen, het is fantastisch en wij zitten weer
met de problemen en de afspraak die in de raad gemaakt is, hier gaan we die groepen niet
bij elkaar voegen, die afspraak is weer van de baan en over 5 jaar kan het weer anders zijn
en zitten we hier waarschijnlijk weer als dit nu niet doorgaat omdat er teveel mensen op
tegen zijn. Ik kan u wel vertellen: iedereen is hier op tegen. U vindt hier niemand in deze
buurt die er niet op tegen is.
Gespreksleider: U bent heel boos. Ik wil als vraag stellen aan wethouder Ekhart: Waarom
voelt u zich niet gehouden – want volgens mij is dat een vraag – aan die afspraak die vijf jaar
geleden met de gemeenteraad is gemaakt om de drugsverslaafden en de alcoholopvang niet
bij elkaar te brengen?
Wethouder Ekhart: Nu gaat iedereen boos worden, maar we hebben het nagekeken en die
afspraak is gewoon niet gemaakt. Het had gewoon in de verslagen moeten staan die
gemaakt zijn. We hebben het uitgezocht, het is destijds niet afgesproken om dat te doen. Er
is wel gekozen voor een andere oplossing. Maar er is niet afgesproken met de
gemeenteraad, en die discussie gaan we ongetwijfeld voeren met de gemeenteraad, maar
dat is niet afgesproken met de gemeenteraad, het staat nergens zwart op wit.
Verslag Informatieavond Dagopvang Leeuwarden 14
Mevrouw: Ik woon sinds 1975 op De Tuinen. Dus ik weet er heel veel van. Dat er bij het
Leger des Heils een opvang kwam, daar in dat gangetje, voor mensen die es een stukje
brood of een kopje soep wilden hebben, daar heeft de buurt niet tegen geprotesteerd, omdat
wij dat menselijk vonden. Toen later is ons dat grote ding door de strot gedrukt om het maar
even zo te zeggen en nu krijgen we weer dat gehannes over die drugs. En wat denkt u nu,
alle dagen staat het al in de krant wat alle mensen zeggen: op De Tuinen moet je niet wezen
want daar is het een rotzooitje en daar heb je straks ook nog de drugsopvang. Nu zijn we
uiteindelijk zover dat er toch bepaalde panden opgeknapt worden. Ik ben zelf opnieuw
begonnen omdat ik niet nog een leeg pand op De Tuinen hebben wou. Mijn pand is te koop
en dat kan ik nu helemaal wel vergeten en dan krijg ik er helemaal niks meer voor. En nou
vraag ik: waar bent u nu iedere keer mee bezig. U zegt nu wel: er was al een opvang. Ja, dat
begon met broodjes en soep. Dat begon niet met alcohol, en dat begon niet met drugs. En
nu langzamerhand hebben we eerst de alcohol, die zit er al. Daar hebben mensen die daar
wonen wel last van. U kunt wel zeggen dat u er geen last van hebt maar u bent in Groningen
en Drenthe, daar hebben we geen boodschap aan. U moet eens zien hoeveel fietsen daar
langs die hekken staan. Die hekken gaan ook nog weg. Waar moeten al die fietsen straks
heen? En nu krijgen we toch nog weer ook nog die drugs erbij. Ik vind het onvoorstelbaar. En
ik vind dat de gemeente De Tuinen en de Voorstreek heel slecht behandelt. Daarginds bij het
Zaailand moet het allemaal mooi zijn. Dat is zeer duidelijk. Ik zit er al 40 jaar in en ik ben al
40 jaar ook met de gemeente in overleg geweest dus ik weet heus wel waar ik over praat.
Applaus.
Gespreksleider: Er zijn gemeenteraadsleden aanwezig en die hebben uw oproep aan hen
ongetwijfeld goed in de oren geknoopt.
Meneer: Ik woon tegenover het Leger des Heils en bijna dagelijks maak ik calamiteiten mee.
Van de week nog werd er iemand letterlijk buiten de deur geschopt bij de dagopvang. De
politie zie ik een keer of 7 of 8 voorbijrijden. Ik zie regelmatig dat de politie naar binnen gaat.
Ik zie regelmatig vechtpartijen, kleine vechtpartijtjes. Ik zie regelmatig dat er geduwd wordt
voor de deur, of op de hoek van de straat, vanuit de dagopvang. Dat weet ik 300% zeker. Ik
zit er schuin tegenover, ik zie het iedere dag. We hebben al geklaagd bij de politie, ja, we
komen wel een keer kijken, dat is anderhalf jaar geleden, ze moeten nog komen kijken. Dan
praten ze over bestemmingsverkeer op De Tuinen. Van de honderd auto’s die De Tuinen
oprijden, zijn er misschien drie bestemmingsverkeer. Mijn klanten komen niet de straat in
rijden om spullen op te halen want er staat een bordje van bestemmingsverkeer. En als ze
wel voor de deur staan, krijgen ze een prent. Maar wat er allemaal aan de overkant gebeurt,
ja, jammer dan, dat zien wij niet, dat maken wij niet mee. Ik maak het dagelijks mee. Ik wil
niet zeggen dat er dagelijks problemen zijn, maar zeker 2 of 3 keer in de week, dat ik het
echt met eigen ogen zie.
Gespreksleider vraagt mevrouw Buma: Bent u op de hoogte van deze problemen die meneer
een paar keer per week ziet?
Mevrouw Buma: Ik kijk mijn collega’s even aan en die kijken net zo verbaasd als ik.
Geroezemoes en geschreeuw.
Gespreksleider: Op zich is het wel wonderlijk dat mensen die daar wonen van alles zien en
dat u het niet weet. Hoe zou dat komen. Maakt u weleens melding ervan, meldt u het bij de
politie of bij het meldpunt overlast?
Meneer: Ik heb vorig jaar contact gehad met een aantal parkeerwachters onder andere ook
over dit probleem en die zouden mij in contact brengen met iemand van de politie inzake het
meer controleren op De Tuinen enzovoort maar tot op heden, ja sorry, gebeurt het niet. In
december zijn wij bestolen, ook door een junk, ik heb aangifte gedaan, ik heb anderhalf uur
op het politiebureau gezeten, ik heb een ooggetuige die dezelfde verklaring heeft afgelegd
als ik, onafhankelijk van elkaar. Ik kreeg een brief van de arrondissementsrechtbank, het
wordt van tafel geveegd wegens gebrek aan bewijs. Terwijl ik een ooggetuige heb dat een
junk bij mij de tafel heeft leeggehaald. Hoever moeten we dan nog gaan om eigen spullen
nog buiten te kunnen zetten. Ik kan de tent wel sluiten.
Verslag Informatieavond Dagopvang Leeuwarden 15
Gespreksleider: Dit is een serieuze ervaring van mensen met grote klachten, diefstal,
aangifte.
Mevrouw Buma: Maar ik hoor meneer een aantal zaken zeggen. Ik probeer de juiste
antwoorden op de vragen te geven. Ik hoor u iets zeggen over bestemmingsverkeer en
borden eenrichtingsverkeer en dergelijke.
Gespreksleider: Daar gaat het niet over. Het hoofdpunt dat meneer aankaart, is dat er meer
gebeurt dan waarvan u op de hoogte bent en uw zorg dat dat alleen maar toeneemt als de
plannen doorgaan.
Mevrouw Buma: Ik begrijp heel goed dat er een zorg leeft over wat er gaat gebeuren, dat
heb ik net ook aangegeven. Ik heb ook aangegeven dat ik niet kan beloven dat er nooit wat
gebeurt. Maar ik kan wel beloven dat wij uw klachten en uw opmerkingen zeer serieus
nemen. Maar dan moeten we ze wel binnen krijgen. En wij horen daar niets van.
Mevrouw: Is het niet een kwestie van, ach dat is bij De Tuinen, daar gaan ze even te keer.
We hebben er heel veel ervaring mee. Ik zal u de details besparen maar het is
verschrikkelijk. Het is niet zo, och dat waait straks wel over, als ze er een keer zitten. Dat is
niet zo, dat we nu even sputteren, dit is echt serieus.
Gespreksleider: Ik geloof dat u ontzettend serieus bent.
Dirk Beintema van Turfmarkt 8: Ik zit op het hoekje van De Tuinen en ik heb daar een mooi
uitzicht over een mooi deel van Leeuwarden. Vanuit uw beide posities schat ik in dat u heel
goed bezig bent, ik heb ook bewondering voor het werk dat u doet, ik denk dat het zo is dat u
hier wel ons probeert te overtuigen dat u afspraken wilt maken. Maar die afspraken, die
liggen niet vast in een overeenkomst. Want het zijn afspraken, die zijn niet afdwingbaar. De
afspraak die u eigenlijk zou moeten maken, het zouden harde garanties moeten zijn. En dat
gebeurt niet en dat gebeurt nooit. Ik wil aan de heer Ekhart het volgende vragen. Ik ben deze
week bij veel ondernemers langs de deur geweest. Ook bij mevrouw met het
huiswerkbureau. In de deplorabele staat waarin De Tuinen verkeerde proberen jonge,
enthousiaste, oprechte, hardwerkende ondernemers hun nek uit te steken om er iets van te
maken. Dat doen ze op eigen “manneboert”. De gemeente staat er niet met grote scheppen
geld. Nou heeft die mevrouw een mooi pandje ingericht, die heeft een huiswerkbureau, zij
heeft kinderen daar drie, vier keer per week daar op De Tuinen. Zij spreekt haar
ongerustheid uit over het feit dat ze nu door u wordt geconfronteerd met het risico dat ze
dagelijks drugsgebruikers in de directe omgeving van haar voordeur heeft. Net als wij
allemaal. En wat zegt u? En dat vind ik heel erg tekenend voor deze avond. U zegt: “Dat is
uw risico.” Fout. Het is precies andersom. Als de gemeente een besluit neemt dat zo ingrijpt
in de omgeving, dan hoort de gemeente de belangen van de direct door dat besluit
getroffenen af te wegen tegen het belang dat zij beogen met het nemen van dat besluit. En u
zegt ook nog: “Als u er de dupe van wordt krijgt u geen cent.” Dat zegt u ook tegen die
meneer. Twee keer fout. U maakt een schadeberokkenend besluit. Daar bent u
verantwoordelijk voor. Ik vind het heel erg wat hier gebeurt.
Applaus.
Gespreksleider: Even voor de duidelijkheid: het is nog geen besluit. Het is wel belangrijk om
het even te herhalen: het is alleen een plan dat nog geen voorstel is. Maar dat wel een
voorstel kan worden, daar heeft u gelijk in. Op dit moment is het een plan.
Gespreksleider: U zegt: een afspraak heeft niks bindend, een afspraak is juridisch in elk
geval niks. Kunt u daarop reageren?
Mevrouw Buma: Ik kan me voorstellen dat het zo lijkt. In de praktijk is dat niet zo. Wij hebben
een subsidierelatie met de gemeente en daar staan een aantal hele harde eisen in van waar
onze dienstverlening, waar onze hulpverlening aan moet voldoen en net zo goed als dat wij
de zorg hebben voor de mensen waar we primair verantwoordelijk voor zijn, hebben we ook
zorg voor de buurt waarin dat zich afspeelt. En een gemeente kan tegen ons zeggen: beste
Leger des Heils, beste Zienn, en nou zorg je dat die zaak op orde is, anders sodemieter je
op, anders stoppen wij het subsidiecontract. Dus dat kun je met afspraken in een
omgevingsoverleg heel goed vastleggen.
Verslag Informatieavond Dagopvang Leeuwarden 16
De heer Beintema: Dat zijn afspraken die rechtstreeks werken tussen u en uw
subsidieverstrekker. Die subsidieverstrekker kan namelijk punitieve sancties nemen tegen u
nemen, maar ik als degene die schade leid van de hele affaire sta daar buiten, want ik ben
namelijk geen deelgenoot. Nee, want u zelf net gezegd als je schade leidt, ik heb geen geld.
U spreekt uzelf tegen.
Gespreksleider: Waar meneer op doelt, u heeft een subsidierelatie met de gemeente en als
u zich niet houdt aan de afspraken dat kan voor u consequenties hebben maar dat geldt niet
naar de bewoners want die hebben niks in handen als u uw afspraak niet nakomt en daarom
zegt u, ik geef niets om die afspraak.
Wethouder Ekhart: Dat is niet helemaal waar. Want indirect natuurlijk wel. Want die subsidievoorwaarden
van ons zijn vrij strak. Stel dat de heer Van Anken de dealers van harte welkom
zou heten in de gebruikersruimte, dan was hij de dag erna gesloten. Dat soort afspraken
maak je wel. De subsidieregels zijn duidelijk over wat er wel en wat er niet mag. We gaan
natuurlijk wel uit van de professionaliteit van die organisaties en die is er gewoon zodat ze
zich aan die afspraken houden. Maar mocht het zo zijn dat u zich als buurtbewoner, en dat
valt me vanavond ook op, hier worden vaak klachten geuit terwijl ik denk de wijkagent weet
van niks, daar moeten we ook eens naar gaan kijken, als inderdaad die klachten binnen
komen bij de gemeenten, via de wijkagent, via het bewonersoverleg, dan gaan we met de
organisaties rond de tafel en dat zeggen we: we horen dit van de buurt en we horen dat van
de buurt. Maar nogmaals, en het is jammer dat hij er vanavond niet is maar dat komt een
volgende keer wel, ook de burgemeester ziet daar als hoofd van de politie op toe. Als die
klachten binnenkomen en dan meen ik echt als je kijkt naar het aantal klachten dat is binnen
gekomen, ik begrijp niet dat het er niet meer zijn. Want daar kun je namelijk op reageren. En
is dat zo, dan kunt u diegene erop aanspreken dat de afspraken die zijn gemaakt met
instanties, dat zij zich er niet aan houden en dan grijpen wij in.
Gespreksleider: Dit is eigenlijk een oproep aan u om klachten en overlast te melden. Waar
moeten mensen klagen?
Wethouder Ekhart: Het kan variëren, het hangt een beetje af van wat je gebeurt. Je kunt het
melden bij de politie of bij het meldpunt overlast.
Gespreksleider: Doet u dat, want dan wordt in ieder geval duidelijk wat zich allemaal
afspeelt.
Bonnie de Jong: We hebben in 2005 hetzelfde gehad. En is er ook door de politie gezegd:
we zullen heel goed met de omgeving rekening houden, maar dat is echt niet gebeurd.
Gespreksleider: Dus u bent teleurgesteld. U zegt: die afspraak heeft toen niet gewerkt.
De heer Zeng van de Voorstreek: Is de wethouder bekend met de wet van Murphy. Alles wat
mis kan gaan, gaat uiteindelijk mis. Er lopen drie keer per week kinderen, die vrij speels zijn
langs auto’s om te gaan sporten. Dat gaat een paar keer goed, maar uiteindelijk gaat dat een
keer mis. Durft u dat risico aan.
Wethouder Ekhart: Ik heb mijn collega Spekman in Utrecht, en dan zeg ik het ook maar een
keer hardop, die kreeg ook dat soort vragen gesteld en die gaf toen een keer de wedervraag:
wat is dan volgens u de oplossing. En die zei toen keihard: dan moet u ze de stad uit jagen,
dan moet u ze doodschieten. Dat was een radicale manier van uitdrukken.
Wij zijn als gemeente Leeuwarden verantwoordelijk, door het Rijk aangewezen als één van
de 40, 45 steden die verantwoordelijk zijn voor deze opvang. Dat is een zorgplicht waar de
gemeente zich aan moet houden. Wij proberen dat te doen door de risico’s zoveel mogelijk
te beperken. Daar mogen wij ook altijd op aan worden gesproken. Je weet wel, er is altijd
een vorm van risico die je loopt. Maar nogmaals, als je ziet het kan overal gebeuren ook op
plaatsen waar je het niet verwacht, plaatsen in Friesland waarvan je denkt …
Nogmaals, door niets te doen is die tijdbom nog veel groter.
Gespreksleider: Dus dat is het antwoord: ik heb een verantwoordelijkheid als wethouder en
die neem ik.
Jeannine de Vries van Kunsthandel en Galerie De Vries: Mijn pand is een monument. Ik
klaag niet elke keer als ik een blikje of rotzooi tegen de gevel heb, dan bel ik niet naar het
Verslag Informatieavond Dagopvang Leeuwarden 17
meldpunt, kijk eens hier heb ik kots op de gevel of kijk eens hier heb ik weer een blikje of
andere dingen. Ik ruim het op en meld het niet meer. Ik heb daar ook gezeten dat de hele
boel daar bezig was. Ik heb politie gezien met honden, ik heb ze met wagens zien
langsrijden waarmee ze mensen oppikten, ik heb mensen met messen zien zwaaien,
schreeuwen. En toen ik dit las, ik kan het bijna niet zeggen, Ik ben helemaal overstuur van
dit hele gebeuren. Want we krijgen hetzelfde geintje terug. Je kunt niet zeggen er gebeurt
niets, het gebeurt absoluut weer en we zijn hier allemaal kapot van.
Applaus.
De heer Schweigmann, oud-ondernemer van de Voorstreek en bewoner Voorstreek en
tevens vrijwilliger bij de opvang van het Leger des Heils: Stel dat dit hele zaakje wel
doorgaat, dat jullie dit doordrukken, dat het doorgaat op De Tuinen. Hoe had u zich dat
voorgesteld. Die twee groepen van de Kade naar De Tuinen, zomaar bij elkaar? Dan kan ik
u de verzekering geven, dan wordt het slaande ruzie, dat loopt verkeerd. Ik denk dat het
hooguit door kan gaan als het helemaal gescheiden is, zowel qua ingang, en dat die mensen
boven zitten of ergens anders maar in ieder geval, die twee groepen mogen absoluut niet bij
elkaar komen. Want wat krijg je dan. Wij hebben nu mensen bij de opvang, dat zijn wat
schuwe mensen. Als die club van de Zuidergrachtswal erbij komt, dan blijven die mensen
allemaal weg. Dat is de bedoeling niet denk ik. En ik denk ook dat mensen die ooit op de
Zuidergrachtswal hebben gezeten als verslaafde, afgekickt zijn of nog bezig zijn af te kicken
die bij ons op De Tuinen komen, dat die weer met diezelfde mensen in contact komen, dan
gaat dat allemaal weer verkeerd. Dus ik denk dat het een onzalig plan is.
Applaus.
Gespreksleider: Laten we dit vertalen in de vraag die er onder zit. Hoe gaat het dan als die
twee groepen bij elkaar komen, gaat u ze gewoon bij elkaar in een pand zetten of wordt het
helemaal gescheiden.
De heer Van Anken: We gaan ze achter een en dezelfde voordeur opvangen. In het pand
komen gescheiden functies. We hebben dat nog niet tot in detail uitgewerkt, omdat we
natuurlijk eerst willen weten gaat het besluit überhaupt wel door, dan gaan we het verder
uitwerken. Maar één van de dingen die we steeds gezegd hebben, is we moeten ervoor
zorgen dat die groepen niet te veel vermengen. Aan de andere kant meneer Schweigmann
in de nachtopvang vangen wij ze al sinds jaar en dag op en dat leidt ook niet tot
onbeheersbare toestanden. Nou is de dagopvang en de nachtopvang niet hetzelfde, dat geef
ik onmiddellijk toe. Maar het lukt ons uitstekend om die groepen samen te laten gaan en ook
om ze in voldoende mate te scheiden. Maar dat doen we achter de voordeur. En dat moeten
we nog verder uitwerken.
De heer De Jong: Het percentage junks in de nachtopvang is maar heel klein. ………..De
rest is dakloos. ….(onverstaanbaar)
Gespreksleider: Het percentage dat u noemt dat klopt.
Ik zit met een microfoonprobleem, u gaat zomaar voor uw beurt.
De heer Van Anken: Dat klopt wat u zegt meneer De Jong. Die verhouding is zo ongeveer
gemiddeld eenderde, tweederde zo gemiddeld. Er komen ook mensen die sowieso helemaal
niet in dagopvang komen. Er komen zelfs mensen in de nachtopvang die nog een baan
hebben, maar geen dak boven hun hoofd. Dus dat is een heel gemengd gezelschap.
Daarom zei ik het ook, dat is een andere situatie. Dus ik zal niet roepen, waar het ene kan,
kan het andere ook wel. Nee, wij zullen echt maatregelen achter die voordeur moeten
nemen, anders gebeurt wat meneer Schweigmann stelt en waar u allemaal bang voor bent.
Als we dat niet doen, gaat het zeker fout. We moeten dat goed met elkaar uitwerken. En wat
we ook vooral goed moeten doen is met u als het doorgaat, dat zeg er iedere keer maar
weer bij, welke afspraken we zouden kunnen maken. Ik heb liever niet dat u het meldpunt
belt. Ik heb liever dat u ons onmiddellijk belt, want wij zijn er namelijk wel, altijd.
Emily Boeke: Ik ben geen bewoner van noch de Oranjewijk noch van deze wijk, wel oudbinnenstadbewoner.
Maar ik ben gewoon Leeuwarder en ik heb ook een vraag. Met name
Verslag Informatieavond Dagopvang Leeuwarden 18
over wat ik al eerder bedacht heb. Er wordt gesproken over een onderzoek van 2012. En in
combinatie met wat de heer Schweigmann stelt heb ik al een hele tijd de vraag. Zijn in dit
onderzoek mensen gevraagd die er werken en zijn er mensen gevraagd die er werkten in de
periode dat ze nog wel samen waren, de junks en de dagopvangmensen. Dus in hoeverre
zijn die mensen gevraagd. Er zijn natuurlijk mensen die daar werken en gewerkt hebben.
Dus dat wil ik graag weten en dan heb ik nog een vraag.
Gespreksleider: Dus over het onderzoek dat is gehouden, waar u ook aan refereerde, hoe zit
dat, waren daar ook mensen bij die werkten in de opvang.
Wethouder Ekhart: Ik heb het even gecheckt maar u kunt het ook gewoon nalezen op
internet. Het volledige rapport staat op internet. Het is inderdaad een onderzoek ook met de
mensen die daar ervaring mee hebben. Als u het echt even na wilt lezen, het is een dik
rapport dat u gewoon kunt vinden via de gemeentelijke website op internet.
Gespreksleider: meneer Willemse, u kent het rapport, kunt u misschien de vraag
beantwoorden?
De heer Ferry Willemse (van de gemeente Leeuwarden): In essentie komt het hierop neer.
Dat rapport heeft uitgezocht wat voor mensen rondlopen in de beide opvanginstellingen. De
conclusie van de onderzoekers was, er zitten een heleboel mensen met problemen, maar
daar zit ook een groot aantal mensen met een eigen woning. Wat is nu de reden dat die
mensen met een eigen woning keer op keer naar die dagopvang komen. Dat is de vraag.
Dat rapport is van mei 2012. Er is de afgelopen maanden met de opvanginstellingen heel
veel over gesproken en die conclusie die de onderzoekers hebben getrokken is ook gedeeld
door de beide opvanginstellingen. Men heeft de conclusie getrokken: er komt naar onze
dagopvang een grote groep mensen die daar eigenlijk niet echt thuis hoort. Want de
dagopvang is bedoeld voor mensen die op straat leven, op de eerste plaats. Die moeten
kunnen douchen, die moeten daar een kop koffie, een broodje kunnen krijgen. Als je een
woning hebt, en je hebt een aantal problemen maar je woont in een wijk, je hebt een
uitkering, waarom zou je dan gratis broodjes gaan eten in de dagopvang? Omdat het
aantrekkelijk is. Dus het is natuurlijk aan die mensen, die cliënten, de bezoekers zelf
gevraagd: wat wilt u. En dat staat ook in het rapport. Die zeggen: laat ons maar lekker blijven
zitten. We vinden het wel best zo. De gemeente zegt: luister, we komen de komende jaren
met gigantische bezuinigingsproblemen. Als wij in de maatschappelijke opvang iets willen
doen aan besparingen – en deze hele zaal zit vol met ondernemers die weten ook dat je
moet besparen, dat je geen overheidsgeld uit moet geven als het niet nodig is – als je kunt
komen tot besparingen, dan moet je kijken of je die groepen die ten onrechte in de
dagopvang komen, of je die in hun eigen woning, in hun eigen buurt kunt ondersteunen,
ambulant een plek geven. En als je dat doet, dan heb je eigenlijk te weinig aantallen mensen
voor twee dagopvangen. Dat is de conclusie van dat rapport. En ik snap heel goed een
aantal mensen die zeggen: dat is wel heel toevallig dat dat met die Wirdumerpoort zo
uitkomt. Dat is niet toevallig. Maar het zijn wel twee op zichzelf staande doelen van de
gemeente. Als je strikt genomen minder mensen hebt voor twee dagopvanginstellingen, dan
kun je proberen of je die kunt combineren. Of dat hier moet, dat is de vraag. We luisteren
allemaal heel goed naar wat u zegt. Of dat de geschikte oplossing is, dat is de vraag.
Of je van twee dagopvanginstellingen één opvang kunt maken, dat is een gegeven waar de
gemeente op dit moment van uitgaat.
Mevrouw Boeke: Dit is helemaal geen antwoord op mijn vraag. Ik heb alleen maar een
combinatie gelegd. Wat ik misschien dacht, dat er een onderzoek is gedaan naar de mensen
die werkten in de diverse opvangen of daar onderzoek naar is gedaan. Nu krijg ik een
antwoord over een onderzoek en dat onderzoek kende ik nog niet. Ik wil weten of dat
onderzocht is onder de mensen die er gewerkt hebben in de periode dat ze nog wel samen
waren.
Gespreksleider: Is destijds onderzocht onder de medewerkers van de voorziening hoe dat
was bevallen?
De heer Van Anken: Nee hoor, dat is niet gedaan.
Gespreksleider: Het onderzoek waarop de heer Willemse een toelichting gaf, dat het is
onderzoek dat zich richtte op de populatie van de Leger des Heils voorziening.
Verslag Informatieavond Dagopvang Leeuwarden 19
Onverstaanbaar.
Gespreksleider: Waarom is dat onderzoek niet geweest.
De heer De Jong: Dat zijn toch de enige ervaringsdeskundigen, dat zou toch de bron moeten
zijn waar je je op moet richten, maar hoe gaat dat dan in de praktijk. Nu zeggen jullie: we
denken dat we het zo gaan doen, we denken dat het zo kan en we hebben gehoord dat het
zo kan. En jullie die het risico lopen, jullie moeten er maar vertrouwen in hebben dat ons
spelletje klaargespeeld wordt. Wij hebben er geen vertrouwen in. U moet dat risico ook niet
nemen. U moet het uit het hoofd zetten. U moet de Zuiderkade gewoon open laten. En dat
geld dat u erin stopt, kunt u gewoon uitsparen door die mensen die daar een broodje komen
eten gewoon te laten komen. Daar heeft niemand last van.
Gespreksleider: Dus eigenlijk is opnieuw de vraag: heeft u wel voldoende ervaring met de
combinatie van beide groepen die u op wilt vangen in één voorziening. Eigenlijk is dat steeds
weer de terugkerende vraag. De mensen zijn daar nog niet gerust op.
Mevrouw Buma: Het is een herhaling van wat ik een aantal malen al eerder gezegd. We
hebben wel degelijk ervaring in de vermenging van doelgroepen. Dat feit op zich is in geen
enkele dagopvangvoorziening van ons ooit een issue geweest. Dat is het nu niet en dat is
ook niet geweest. Het is gewoon echt zo.
Gespreksleider: Mevrouw Buma geeft antwoord naar eer en geweten en zij nodigt u ook uit
om te komen kijken. U mag het er niet mee eens zijn, maar dit is de informatie die zij heeft
De heer De Jong: In Groningen is de Kostersgang. Daar hebben ze dagbesteding,
fietsenwerkplaats, houtwerkplaats, computerafdeling, schilderswerkplaats, muziekstudio.
Hoe willen jullie dat hier creëren? Het is nergens vergelijkbaar.
Mevrouw Buma: Ik wil hier even op reageren. Ik weet niet hoe u aan die informatie komt. Die
informatie klopt echt niet wat u vertelt. Wat er op de Kostersgang gebeurt, wat er op het
Beukemaplein in Hoogeveen gebeurt en wat er op het Bendienplein gebeurt in Emmen is
zeer vergelijkbaar met wat er op dit moment op De Tuinen gebeurt. Opnieuw vertel ik u:
midden in de binnenstad, tussen ondernemers en tussen woningen, middenin de binnenstad,
keer drie.
Arianne de Ruiter, bewoner: Ik wil allereerst wel zeggen, want dat heb ik nog niet gehoord,
dat ik zeker vind dat er dagopvang moet zijn. Ik vind dat u heel goed werk verricht, alle
respect daarvoor en ik begrijp dat u de zorg zo effectief mogelijk wilt bieden. Maar ik vind wel
dat u zich in deze discussie heel erg focust op de effectiviteit van de zorg voor de mensen
die er gebruik van gaan maken. Wat mij betreft mag u zich meer focussen op de effectiviteit
van de zorg voor de buurt en de bewoners. En in dat kader is het voor mij een raadsel
waarom de optie De Tuinen weer naar voren komt. Ik vraag me ook af waarom u zich
beroept op onderzoeken en op afspraken, terwijl u hier voor zich ziet een enorme groep
ervaringsdeskundigen. Waarom beroept u zich niet op deze groep die nu al voor de derde
keer voor u staat.
Applaus.
Gespreksleider: Dus eigenlijk is dat de vraag naar de politiek: hoe zwaar wegen de belangen
van de buurtbewoners eigenlijk?
Wethouder Ekhart: We krijgen een beetje een herhaling van zetten. Dat begrijp ik ook best.
Twee dingen zijn helder. We gaan een keer kijken zou ik zeggen in Hoogeveen of Groningen
waar het goed werkt. Tweede wat me opvalt is: er wordt te weinig gemeld. Hoe ga je het
buurtoverleg beter en strakker organiseren, wat voor afspraken kun je erover maken. Het is
altijd zo, die discussie verlies ik altijd. Wat ik ook zeg, hoe ik ook zeg: we zullen iets voor die
mensen moeten proberen te doen, ik kan dit nooit goed doen, daar ben ik heel eerlijk in. Dat
kun je nooit goed doen. Maar het moet wel gebeuren. Want wij zijn verantwoordelijk ook als
gemeente voor de dak- en thuislozen. En dan krijg je dat die belangen gaan botsen. En ik ga
ervan uit dat we daarover hele goede afspraken moeten en kunnen maken. En dat is altijd
het spel dat je moet spelen.
Verslag Informatieavond Dagopvang Leeuwarden 20
Vraag. Kunnen we stemmen. Gespreksleider: U kunt stemmen tijdens de verkiezingen en die
zijn in november.
Mevrouw: Ik begrijp best dat u in een spagaat zit wat dat betreft. Maar als er wordt gevraagd:
waarom kiest u weer voor de optie De Tuinen, dan is het antwoord dat daar al een opvang
zit. Dat vind ik strategisch zo zwak. Is daar nou niet een andere optie dan het antwoord: daar
is al een opvang.
Applaus.
Gespreksleider: Dus zijn er nog andere of betere redenen dan alleen de enkele reden dat er
al een opvang zit.
Wethouder Ekhart: Je gaat ook kijken naar de praktijk, kun je dingen gaan combineren. Je
hebt ook wel mensen die zeggen: donder ze maar naar buiten, zet ze maar op het
industrieterrein. Helaas, zo werkt dat niet. Want die mensen die zijn de hele dag gewoon in
de binnenstad. En dat is niet uniek voor Leeuwarden, in alle plaatsen merk je dat: die groep
trekt naar de binnenstad. Dus als je die overlast wilt beperken, dan moet je, hoe raar dat ook
klinkt, dan moet je zorgen voor voorzieningen in die binnenstad, zodat je ze snel binnen kunt
krijgen. En dat is altijd vervelend als dat in jouw straat gebeurt. En we hebben puur om
praktische redenen gekozen. Want dezelfde discussie, als we hadden gezegd we gaan
kijken zijn er alternatieven, dan had ik daar vanavond ook gestaan met die bewoners van die
omgeving, dat gebeurt altijd.
Wim van de Meer: Ik heb een zaak op De Tuinen, De Leermakker. Ik zit hier al een jaar of 20
en heb ook van alles meegemaakt. Junkies en alcoholisten zijn vaak min of meer
psychotische mensen. Ze hebben een achtergrond, ze reageren sterk op prikkels. Ik denk
dat de prikkels op De Tuinen vele malen sterker zijn als de prikkels op de Zuidergrachtswal.
En ik denk dat het daarom zo goed gaat op de Zuidergrachtswal. Dus waarom is het niet
mogelijk dat die opvang van De Tuinen naar de Zuidergrachtswal gaat. U zegt dat er een
afspraak is gemaakt over de Zuidergrachtswal maar waarom is mij volkomen onduidelijk en
ik denk dat die afspraak wel veranderd kan worden. Vooral omdat het daar zo goed gaat.
En verder wil ik zeggen dat ik al veel dingen heb meegemaakt door de junkies en
alcoholisten. Zoals kapotte ramen, mensen die op je vensterbanken gaan zitten en dan moet
je weer vragen: jongens willen jullie eraf gaan, mensen die voor je deur liggen “Ik heb net
weer wat gebruikt”, zo gaat dat eindeloos door. Als bijvoorbeeld de auto’s die niet mogen
rijden op De Tuinen, dat lijkt een zijdelings verhaal maar dat geeft wel degelijk commotie. En
dat geeft ook, zo van jongens kijk eens, hoe flink we zijn. Dat zijn dus echt de alcoholisten en
drugsverslaafden. Kijk eens hoe flink ik ben, dat is eigenlijk hun hele instelling naast hun
psychotische, onredelijk zijn.
Gespreksleider: Dus uw vraag is eigenlijk: waarom niet naar de Zuidergrachtswal, dat is een
veel rustiger, prikkelarmer omgeving met minder ondernemers die er last van hebben. Als u
toch wilt concentreren.
De heer Van Anken: De Zuidergrachtswal is kleiner, er zit op zich minder ruimte in. Dus je
moet veel meer bij elkaar fantaseren om al die functies daarin kwijt te raken. Dat was een
belangrijke reden. En ik zal niet ontkennen dat op een gegeven moment de discussie rond
de Wirdumerpoort, die mevrouw vroeg dat ook, en dat wij al zo lang op zoek zijn naar een
locatie voor de nachtopvang, dat we na zoveel jaren blij waren dat we een optie hadden op
die Wirdumerpoort, en dat we dachten, nu hebben we eindelijk een plek waar het kan,
natuurlijk die twee dingen die lopen samen. Het zijn twee gescheiden kwesties maar je
maakt wel afwegingen en die hangen natuurlijk ook wel een beetje met elkaar samen. Ik kan
wel net doen alsof dat niet zo is maar natuurlijk is dat wel zo.
Gespreksleider: Maar nu u dat zegt, kom ik terug op de andere vraag. De Wirdumerpoort
hoort toch niet bij de Oranjewijk.
Mevrouw: Ik heb gelezen in een verslag dat gezonden is naar de raadsleden. Dat het verhaal
van de heer Roel Sluiter na is gekeken en dat die is benaderd en uiteindelijk zegt: zo stellig
Verslag Informatieavond Dagopvang Leeuwarden 21
heb ik het niet gezegd. Ik heb het gehad over midden in de Oranjewijk. En dit is notabene
Wirdumerdijk, is dat ook nog Oranjebuurt? Dat is een heel ander gebied.
Wethouder Ekhart: Het is inderdaad een rare wijk, dat is mij ook opgevallen, die begint
ongeveer bij de Mediamarkt en hij loopt tot en met de Wirdumerpoort. Het hele stuk is
helemaal de Oranjewijk.
De afspraak is destijds wel gemaakt, en ik heb dat gesprek daar ook gevoerd met die
buurtbewoners in het gebouw van de Wirdumerpoort en dan kunt u zich wel voorstellen als
ik daar kom met de suggestie: het is wel de Oranjewijk maar ik reken het niet mee. Dat is
ook ongeloofwaardig. Er is een afspraak gemaakt door mijn collega Roel Sluiter die
bevestigd kan worden, volgens mij door raadsleden hier aanwezig die daar bij aanwezig
waren toen ik nog geen wethouder was. Die afspraak is keihard gemaakt en die staat
namelijk wèl in de verslagen, die hebben wij kunnen terugvinden en dan vind ik dat je je daar
aan moet houden. Maar u hebt gelijk, dan heb je die discussie, moet je die wel of niet bij de
Oranjewijk rekenen. Volgens de kaart hoort die bij de Oranjewijk.
Onverstaanbaar gepraat.
Gespreksleider: Dit is niet te verstaan. Het gaat over de bijeenkomst van vorige week, of er
wel of niet een toezegging is geweest van de heer Sluiter want daar bestaat verschil van
inzicht over. U stelt dat de heer Sluiter heeft gezegd: ik ben niet zo stellig geweest als een
toezegging. En u zegt: ik begrepen dat het wel een besluit was.
Wethouder Ekhart: Ik ga ervan uit dat als die dingen zwart op wit staan, en die staan ook
zwart op wit, dat is uitgezocht, dat is nagekeken, dan moet ik me daaraan houden. Ik was
hier toen nog niet. Dan ga je uit van verslagen van raadsvergaderingen, die gemaakt zijn, en
aantekeningen, want we bewaren wel alles. Het staat er letterlijk en dat moet ik wel zeggen:
die afspraak staat zwart op wit.
Gespreksleider: Hier komen we niet verder mee, daar heeft u gewoon een verschil van
inzicht over.
Arno Klunder: Ik woon niet op De Tuinen, maar we hebben daar net iets gekocht. Dat had ik
niet gedaan als ik geweten had van deze ontwikkelingen. Ik heb net iets verontrustends
gehoord. U zegt dat het aantal mensen minder wordt dat er komt, alleen van een andere
samenstelling. U geeft ook al aan dat de rustige mensen die toch al een beetje een
dagbesteding hebben er eigenlijk weggaan. Dus de groep die er gaat komen is wellicht
zwaar psychotisch. Daar zit je volgens mij niet op te wachten. Dat is alleen een verergering
van zaken. Op dit moment heeft u een locatie voor dagopvang, dat gaat redelijk. Ik zou
zeggen: prijs u gelukkig. En ik zou proberen toch die splitsing te vinden. Want waarom zou u
de commotie opzoeken om het weer samen te voegen en de ervaringscijfers zijn er. Wat u
heeft, is theorie, dat is een theoretisch onderzoek. De ervaringscijfers vanuit de buurt zijn
van 2001, er is dan alleen maar ellende.
Gespreksleider: U geeft eigenlijk advies: laat het zoals het is.
Gina Junckers: Ik zie dat dus dagelijks. Bijvoorbeeld een persoon kan zo vaak als hij wil in
en uit lopen. Dus straks als we de verslaafden hebben, dat wordt in- en uitlopen. En de
dealers die denken: ha daar moet ik heen. Die gaan erheen. De politie geeft net ook al aan
dat het heel moeilijk is, het is een hele pittige situatie om achter de dealers aan te gaan. Het
wordt dus een kat en muis =spel: ha daar hebben we een dealer, er op af. Ik vind het een
belachelijk idee. Mijn vraag is vooral: waarom doen jullie er zo moeilijk over. En willen jullie
dus eigenlijk gewoon wat jullie net aangeven, het is moeilijk, ja we weten, er kunnen klachten
ontstaan. We moeten eerst gaan klagen, maar we zitten hier met z’n allen want we zijn er op
tegen. We moeten dus eerst met z’n allen gaan klagen en dan moeten jullie weer gaan
overleggen en zo en dan willen jullie pas maatregelen nemen. Waarom zouden jullie die
moeilijke situatie gaan opzoeken, en dit allemaal gaan uitbreiden en waarom willen jullie dit
dan toch tot stand laten komen als wij er allemaal op tegen zijn, terwijl jullie dealers eigenlijk
amper aan kunnen pakken, waarom. Dat slaat toch nergens op.
Gespreksleider: U bent nog niet overtuigd. U bent het gewoon niet eens.
Onverstaanbare vraag.
Verslag Informatieavond Dagopvang Leeuwarden 22
Gespreksleider: Uw punt is duidelijk. Waarom neem je het risico als je niet zeker weet dat
het goed komt.
De heer Van Anken: Daarmee overtuig ik u niet, dat is ook niet meer mijn bedoeling zou ik
bijna zeggen. De reden zit in het onderzoek dat de heer Willemse schetste. Natuurlijk zit er
ook druk achter, er zit financiële druk achter. Maar we hebben ook ervaringen met die
groepen op het ogenblik. U zegt: dat is theoretisch, maar dat is niet alleen theoretisch maar
ook praktisch. In het land zitten ook vergelijkbare situaties. De reden zit erin dat het zowel
financieel als inhoudelijk mogelijk is, misschien zelfs beter is om het te combineren. Maar
daarmee overtuig ik u niet.
Meneer: Die meneer had net een goed punt. Hij zei: een omgeving die minder prikkels geeft,
zorgt voor rust. Uit het onderzoek van meneer Willemse blijkt dat bij uw dagopvang heel veel
broodjeseters zitten, die hebben daar eigenlijk niets te zoeken. Daar kunnen er dus heel veel
van weg, dat kost alleen maar wat administratie wie mag er wel en wie mag er niet komen.
Dan kunt u De Tuinen sluiten en dan kunt u de mensen die wel op De Tuinen horen mooi op
de Zuiderkade onderbrengen. Dan is het probleem opgelost.
Gespreksleider: Dus dit is een advies van meneer om het anders op te lossen.
De heer De Jong: We hebben het voortdurend over de bezoekersaantallen. We hebben ook
onderzoek ervan en er staat in dat de verslaafden bijna allemaal een dak boven hun hoofd
hebben. En toch willen ze de dagopvang bezoeken. Dat wilt u verminderen. Wat gaan ze
dan doen, dan gaan ze zwalken, dan gaan ze de straat weer op of ze gaan naar de kroeg en
daar moeten ze helemaal niet komen. Die opvang moet dus gewoon blijven. Die opvang is al
tientallen jaren gewoon goed. Ik zit hier 45 jaar en ik heb alles meegemaakt en de ergste,
echt verschrikkelijke jaren waren de jaren 90 tot 2001. Dat was echt een ramp. En wij zijn
allemaal hier als de dood dat dat weer terug komt. En er is maar één oorzaak geweest en
dat was de gezamenlijke opvang wat u nu wilt doen. Voor de derde maal staan we hier nu. Ik
herhaal dit: deze wijk is zeer druk bewoond en zeer druk bewinkeld. Per vierkante meter
waarschijnlijk de meeste mensen en de meeste winkels van de hele stad. En deze wijk is
gewoon zeer zwaar belast. Bijna alle opvang zit op een paar honderd meter hier vandaan
inclusief de coffeeshops. En nu wilt u het nog weer zwaarder maken. Een winkelstraat die
het procentueel gezien beter doet dan welke in Leeuwarden ook. De minste leegstand, de
meeste ontwikkelingen. Mensen die nieuwe appartementen gaan maken. En er is maar één
angst. Men durft dit niet meer aan als er weer gecombineerde opvang komt. U heeft het over
verslaafden, u heeft het over daklozen. Wij hebben het over eenvoudig de daklozen en de
junks maar daar vatten wij veel meer onder als mevrouw. Want dat gaat bij ons van de
verslaafde die op straat loopt en geen werk kan vinden tot de zware spuiter, tot aan de
psychisch gestoorde junks, de psychoten, de psychopaten. Die hebben we allemaal
meegemaakt. En daar zijn we als de dood voor. En het enige wat we horen is: dat moeten
we samen oplossen, daar moet u klachten over indienen, we moeten er afspraken over
maken. Dit hoor ik al 45 jaar, ik heb daar geen enkel vertrouwen in. Ik heb vertrouwen in de
situatie zoals die nu is en met mij iedereen hier aan deze kant van de zaal en alle bewoners.
Applaus. Vervolg heer De Jong: Geen gezamenlijke opvang meer, nooit meer. Als u dat nu
toezegt, kunnen we naar huis en dan is het klaar. Als het om het geld gaat, en dat gaat het,
is het wel zo dat u het daarna, ik garandeer het u, dat gaat weer fout, u wentelt het weer af
op deze hardwerkende mensen. Die gaat het geld kosten en de gemeente gaat het geld
besparen. Het is niet eerlijk, het is niet sociaal, het wordt ook niet door ons getolereerd, door
niemand van ons.
Gespreksleider: Volgens mij bent u heel erg duidelijk.
Applaus.
Gespreksleider: Ik ben geneigd te denken dat dit een mooi afsluitend betoog is, maar ik
geloof dat u nog niet helemaal tevreden bent. We worden het niet eens vanavond, dat is
volstrekt duidelijk.
Verslag Informatieavond Dagopvang Leeuwarden 23
Spreker: Dit hele gebeuren, kunnen we daar als bewoners uit deze wijk op stemmen of we
dit wel of niet willen? En wordt er dan naar ons geluisterd?
Gespreksleider: U wilt weten hoe het verder gaat en vraagt: hebben wij nog invloed? Wordt
er daadwerkelijk naar ons geluisterd? Eigenlijk wilt u een referendum, zoals met het nieuwe
Zaailand. Wat is nog de invloed van de bewoners en eigenaars van winkels?
Wethouder Ekhart: Even terug naar het begin. Daarom organiseren we dit soort avonden.
Het is in het verleden fout gegaan. Dat heb ik zelf ook meegemaakt. Je werd voor een
voldongen feit gesteld, het kwam er.
Wat nu gebeurt, is dat er nog geen besluit is genomen, en daarom zijn wij vanavond ook bij
elkaar. Er wordt woordelijk een verslag gemaakt van alles wat gezegd is. Dat verslag gaat
ook mee naar B&W en eventueel richting de gemeenteraad want die gaat er ook wat van
vinden. Dus alles wat u vanavond naar voren hebt gebracht, inclusief het slotpleidooi van de
heer De Jong, gaat integraal naar de afweging die we gaan maken in de gemeenteraad. En
als de gemeenteraad, en gelukkig zijn er van diverse partijen hier ook politici aanwezig en
die zijn ook bewust uitgenodigd om hier vanavond aanwezig te zijn, ze hebben vandaag ook
nog de wijziging van de locatie doorgekregen. En alles wat gezegd wordt gaat mee. U krijgt
ook nog het recht om in te spreken bij een commissie als u dat wilt. Maar uiteindelijk is het
niet een kwestie van ik stem voor, ik stem tegen, dan zou ik als wethouder nooit weer wat
kunnen bouwen in deze stad. Uiteindelijk is het zo dat de gemeenteraad, de politiek, zijn
verantwoordelijkheid moet nemen zoals ik die ook moet nemen. En tot die tijd, tot aan het
besluit, krijgt u alle tijd om met mensen te gaan praten, te gaan bellen, handtekeningen te
gaan verzamelen. Maar de gemeenteraad is het hoogste orgaan, die heeft ook een
verantwoordelijkheid om voor dit soort instellingen voorzieningen te treffen.
Gespreksleider: Dus uiteindelijk is het de gemeenteraad die het besluit neemt en alle
argumenten die u vandaag heeft aangevoerd komen ook bij hen terecht.
Spreker. U heeft het over bezuinigingen gehad en u zegt dat u met minder mensen meer wilt
gaan doen. Dat heeft u gezegd. Maar vervolgens komt er hier een opvang en dan wilt u met
minder mensen een betere zorg gaan verlenen. Dat lijkt me nogal een probleem eigenlijk.
Gespreksleider: Dit lijkt me een beetje een misverstand. De aanleiding is ook een
bezuiniging en hoe verhoudt zich dat dan tot op een goede manier ervoor zorgen dat
mensen geen overlast veroorzaken.
De heer Van Anken: Ik heb niet gezegd met minder mensen maar wel met minder middelen.
En dat is iets anders. Je hebt geen twee gebouwen meer maar één gebouw. Dat is op zich al
een bezuiniging natuurlijk. Vervolgens ga je ook minder mensen uiteindelijk opvangen, dat is
onze bedoeling. Dus in totaliteit gaan we minder mensen opvangen als gewoon in de situatie
nu als je het optelt. En daar hebt u absoluut een punt. Al dit soort dingen nemen wij ook mee,
om nog eens over na te denken, nog eens op te kauwen, nog eens af te wegen: doen we de
goede dingen. Maar het is de bedoeling om daar meer dan voldoende personeel op in te
zetten en eigenlijk in totaliteit niet meer maar op de groep wel. Dus de verhouding
medewerkers / aantal bezoekers wordt er beter op. En daarmee bedoel ik mee: meer
medewerkers in verhouding tot het aantal bezoekers.
Gespreksleider: Maar inderdaad een zwaardere groep mensen en één locatie in plaats van
twee. En daarmee wordt die bezuiniging gerealiseerd.
Ed Prins: Ik woon op dit moment in opvangcentrum De Tuinen. Ik heb dit een keer eerder
meegemaakt. Ik ben oud-kraker en we hebben op de Hoekstersingel gewoond. En u spreekt
over de buurtbewoners maar ik heb andere verhalen gehoord. En ook op dat moment is er
een avond geweest zoals deze maar het is gewoon bij de mensen door de strot geduwd en
ik denk dat dat nu weer gebeurt. En dat het gewoon weer verkeerd gaat.
Gespreksleider: Dus wat u eigenlijk zegt is dat u er geen vertrouwen in hebt dat er heel erg
naar ons geluisterd wordt.
Mevrouw Diepenmaat: U gaf aan vanavond dat we kunnen inspreken op de
raadsvergaderingen. Afgelopen anderhalf jaar zijn we als Voorstreek bezig geweest met het
Verslag Informatieavond Dagopvang Leeuwarden 24
beleidsplan van Leeuwarden ook om bepaalde dingen tegen te gaan dat het toch in het
voordeel van de Voorstreek is en niet in het voordeel van andere situaties. Wij zijn met z’n
allen wel beetje moe aan het worden om de strijd aan te gaan. We moeten al voor de derde
keer hiervoor strijden. We zijn dit jaar ook al voor de derde keer bij de gemeente geweest
voor andere dingen. We worden wel een beetje moe. We worden verdrukt in De Tuinen,
Voorstreek en omgeving. We willen op een gegeven moment een keer gehoord worden. Ik
denk dat dit al voldoende aangeeft vanavond hoeveel mensen er tegen zijn. En ik denk dat u
ook moet verwachten doordat we al voor de derde keer hier staan dat we agressief worden
in het algemeen. U merkt dat al. Ik heb voor het eerst van m’n leven beveiliging zien staan bij
een inloopavond. Dat zegt al genoeg. We houden ons rustig. Maar we koken van woede om
weer hier moeten staan voor iets wat we niet willen. En dat is wat het zo zwaar maakt. We
worden moe van het strijden tegen u als gemeente, als bewoners, ondernemers en ook als
klanten. Want je bent ook klant van de andere winkeliers. Je durft straks niet meer over
straat en daar worden we heel moe van. En heel boos. En ik denk dat u kunt verwachten als
u gaat zeggen: we gaan door, dat u een heel agressief stukje Leeuwarden krijgt. Niet van de
junks, maar van de bewoners zelf. En ik denk dat u daar rekening mee moet houden.
Applaus.
Gespreksleider: U heeft uw boosheid duidelijk gemaakt en ik ben u allen dankbaar dat u niet
bent gaan gooien en smijten ook al bent u zo woedend.
Mevrouw: Is het een optie om wat anders te onderzoeken dan De Tuinen. Er zijn
waarschijnlijk wel meer opvanghuizen leeg, ik wil vragen of dat ook onderzocht kan worden.
Gespreksleider: Dus u vraagt of onderzocht kan worden of er andere mogelijkheden zijn om
deze opvangvoorziening te huisvesten. Ik denk dat dit de laatste vraag moet zijn.
De heer Van Anken: We blijven onderzoeken tot het allerlaatste moment, tot het moment
waarop er een besluit ligt. We houden in die zin de opties open voor alternatieven. Tot nu is
het ons echter bar tegengevallen om geschikte plekken te vinden. We zijn daar al jaren mee
bezig. En iedere keer hebben we discussies met omwonenden die een ander belang hebben
dan wij hebben. Ik heb vanavond al gezegd: we hebben ook een gemeenschappelijk belang.
Ik ben op zich blij met de avond zoals die verlopen is en met al uw argumenten omdat ik
denk dat we die mee moeten nemen, ook in onze afwegingen. Maar nogmaals, het blijft
razend moeilijk. Ik ben al 20 jaar bezig om locaties te vinden voor allerlei plekken die wij in
de opvang willen realiseren, dat is geen sinecure.
Onverstaanbare opmerking.
Gespreksleider: Ik ga de avond afronden. Een aantal mensen is al weg gegaan. Het is
duidelijk dat we het niet eens worden met elkaar. Maar ik hoop wel dat u uw vragen heeft
kunnen stellen, uw punt heeft kunnen maken. Pers is ruimschoots aanwezig, raadsleden zijn
aanwezig om al uw argumenten in zich op te nemen. Er wordt een verslag gemaakt. Als u
uw naam heeft opgeschreven bij binnenkomst, krijgt u het allemaal toegemaild. Zoals
gezegd: het is nog een plan, het is nog geen voorstel. Dan kun je zeggen: wat maakt dat uit.
Dat maakt wel uit. Het kan zijn dat de wethouder op basis van onder meer deze avond
besluit het plan in te trekken. Dat kan. En het kan zijn dat hij het gaat bespreken met zijn
collega’s en dat het wel een voorstel wordt en dan heeft u de mogelijkheid om in te spreken
om misschien alsnog uw gelijk te halen.
Ik wil u allemaal heel erg bedanken voor uw aanwezigheid. En ook voor de manier waar op u
zich heeft geuit. Ik zie hoe boos u bent en vind het knap dat u zich zo heeft weten te
beheersen. Ik wens u een goede avond en succes met uw strijd.
Meer berichten
- Dat vrouwen uit de architectuur verdwijnen is niet de kern van het probleem, maar een symptoom van een verziekte branche
- Het was weer een dolle boel tijdens de nieuwjaarsreceptie van de provincie Fryslân
- Burgemeester Buma, hoe zit het met ondermijning vanuit gemeentelijke organisatie? (update)
- ABNAmro: Voor 452.000 woningeigenaren moet het mogelijk zijn denken wij – samen met TNO – om met gesloten beurs te verduurzamen
- Koopwoningen in december bijna 6 procent duurder dan jaar eerder – gemiddelde transactieprijs 480.051 euro
- Werkgevers kunnen online uitingen personeel niet zomaar begrenzen – Efteling mag niet zomaar verbod instellen
- Journalist Ignace Schretlen: Je wordt als senior minder serieus genomen
- Meer arme werkenden in 2024 – Zzp’ers vaker arm
- Politici missen kennis en interesse in de bedreigingen van big tech
- Femke Molenaar moet met de billen bloot – nieuwe partij SLIM is reactie op werkwijze GroenLinks/PvdA
- Je kunt roddelen inzetten voor samenwerking en wedijver
- Raad voor Cultuur roept op tot actieve bescherming van artistieke vrijheid
- VVD wil langere openingstijden horeca tijdens WK voetbal (nu met tip)
- Is het college bekend met de inhoud en problematiek zoals geschetst in de brief van Mixed Hockeyclub Leeuwarden
- Dag meneer Pennewaard, waarom komen mensen die verstand hebben van natuurkunde en kunnen rekenen bijna nooit in de krant aan het woord? (nu met reactie)
- Nieuwe Omroep Hermes in Leeuwarden stelt kwalitatief hoge eisen
- Wethouder Reitsma (CDA) trekt kritiek op Omrop in: Ik had zorgvuldiger taal moeten kiezen
- Grensoverschrijdend gedrag: hulpverleners doen dat toch niet?
- FNP Politiek Café – mechanische gebreken bij Grou mobiel – problemen met Oekraïense vluchtelingen – contact wijkagent Grou moeilijk – fouten bij Mercuriusfontein
- Almachtige PvdA sluit wijkbibliotheek, een bonbondoos met heerlijkheden (uit ons archief)
- Raadsleden op stap met politie in nachtelijk Leeuwarden: alles onder controle
- PEL stelt vragen over woningtoewijzingsbeleid woningcorporatie Elkien
- De vraag waarom bepaalde kiezers in 2021 en 2023 nog wel op Laurens Dassen stemden en nu niet meer, komt niet aan bod
- Streep door Regionaal Opvangcentrum aan de Troelstraweg – FNP: college blijft ongevoelig voor omwonenden
- Professionele podia trekken 10 procent meer bezoek
- Waarde landbouwexport ruim 8 procent hoger in 2025
- Als de mevrouw met haar erotische verhalenboek de deur uit is, zit ik weer een half uurtje alleen
- Huub Mous: Ton Broekhuis (Noorderlicht) schandalig behandeld
- De inspirerende overlevingskunst van het opbouwwerk
- Sietske Poepjes: Ik heb nog nooit zoveel kift meegemaakt
- Volop agressie tegen lokale politici: ‘Na sommige berichten loop ik anders over straat’
- Omrop Fryslân, RTV Drenthe en RTV Noord winnaar van de LangmanPrijs
- Het Heilige Roomse Rijk en de Friese vrijheid
- Nieuwe politiek voor mensen met een arbeidsbeperking?
- Meer bestaande koopwoningen verkocht, minder nieuwbouw
- Iconische slogan Kip, het meest veelzijdige stukje vlees krijgt nieuw leven
- Zevende Dag van de Elfstedentocht in Sneek – Schaatshistoricus Jurryt van de Vooren over de Oranjes en hun warme band met ijs
- Nog een scholenfusie: Voorgenomen bestuurlijke fusie in noord Friesland
- Sybe Knol: Sykje jim noch in aardich en unyk kado foar ûnder de krystbeam? Der binne ek strûpen te krijen
- Praat Nederlands met me



