Max van der Velde: Leeuwarden heeft de boot gemist
Ook deze zomer weer enkele prachtige verhalen opgediept uit ons archief, oktober 2024
Max van der Velde
Leeuwarden heeft de boot gemist
‘Je hebt een goed lopend restaurant, Het Leven, en café Silbermann en dan wil je ook nog een restaurantschip. Waarom?’
‘Bogerman in Sneek werd beschouwd als hotel de laatste hoop’
‘In Leeuwarden en op Terschelling zag men apen en beren’
‘Je hebt een goed lopend restaurant, Het Leven, en café Silbermann en dan wil je ook nog een restaurantschip. Waarom?’ In de herfst van zijn leven blikt Max van der Velde, ondernemer, cultuurman, vrijwilliger, terug op zijn doen en laten. Hoe lopen de dingen en vooral: waarom pak je zaken op die je beter had kunnen laten liggen? Historische zaken hebben sowieso zijn belangstelling. Zo zou hij graag willen schrijven over de god Mercurius, een veel voorkomend beeld in de binnenstad, die in Leeuwarden nog altijd beschouwd wordt als de beschermheilige van het dievengilde. Van der Velde spat omhoog: ‘Dat is klinkklare onzin. Waarom zou een middenstander de god van de dieven op zijn gevel plakken?’
Als lid van de club van praamvaarders, die in Leeuwarden rondvaarten door de stadsgrachten organiseert, stoort hij zich aan de informatie die sommige gidsen aan toeristen verstrekken. Hij wil zijn club niet al te veel afvallen, maar ‘ik vind dat je je zoveel mogelijk aan het juiste verhaal moet houden. Een beetje afwijken mag, maar ik reken mij tot de preciezen.’ Van der Velde verzorgde de opleidingen van de praamvaarders, informeerde hen over de wetenswaardigheden en was verantwoordelijk voor de public relations, taken die hij zo langzamerhand is gaan afstoten. Thuis in Wergea heeft hij met zijn vrouw Margje een bed and breakfast te bestieren. Hij is verantwoordelijk voor het stofzuigen en het onderhoud met de gasten. Door verhuurbedrijf Booking.com wordt Max als superhost aangemerkt. Al in Reitzum, een van zijn vorige woonplaatsen, speelde hij met de gedachte aan een bed and breakfast, maar dit leidde tot enig huishoudelijk tumult. ‘Ik wilde wel, we hadden volop ruimte. Margje zag er niks in en trapte op de rem.’ Inmiddels is de vrouw des huizes verzoend met de drukte in huis. ‘Ze vindt het nu leuk’, zegt Max. B&B Het Zevende Leven houdt de mensenmens in de benen. Samen hebben ze vier kinderen, bijna allemaal werkzaam in het onderwijs. Met dochter Mare schreef hij een boekje over het Hekkemiedepad bij Wergea.
Dat Max van der Velde in de horeca terechtkwam – na Het Leven, Silbermann en Juliana ook nog Stania State bij Oentsjerk – als ondernemerszoon heeft te maken met de hiërarchische verhoudingen die na het overlijden van zijn vader ontstonden. ‘Ik was zeven jaar toen mijn vader in 1955 overleed en de boekhandel uit 1872 op de hoek van de Doelesteeg en de Nieuwestad werd voortgezet door mijn moeder en later door broer Adriaan.’ Het was voor Max lange tijd onduidelijk hoe de eigendomsverhoudingen lagen. Pas na enkele jaren gaf zijn moeder Jo hier uitsluitsel over. Die keuze leidde tot onbegrip en zwaarmoedigheid. ‘Adriaan was Meneer Van der Velde en ik was Max. De zaak bleek toch automatisch te gaan naar de oudste zoon. Toen dat duidelijk was, na enkele jaren dus, ben ik zo de deur uitgestapt.’
De logica van een en ander ontging hem. Hij zegt onder moeders besluit te hebben geleden. Max was vanaf de Hofschool naar het Bogerman Lyceum in Sneek gedirigeerd omdat de resultaten van Adriaan op de gemeente-hbs daar aanleiding toe gaven. ‘Bogerman in Sneek werd beschouwd als hotel de laatste hoop. Via een berucht Leeuwarder huiswerkinstituut ging iedereen naar Sneek.’ Thuis werd na het verscheiden van vader een huishoudster van de apothekersfamilie Uffelie in dienst genomen. ‘Die kwam bij ons in huis om ons te verzorgen. Mijn moeder zei ook altijd: zij, Gré Uffelie, is de moeder van mijn kinderen.’ Naast Adriaan, die enkele jaren geleden is overleden, is er nog zuster Margo, momenteel woonachtig in de Hofwijck.
Max van der Velde belandde bij de IVA in Driebergen, een opleiding waarmee hij leidinggevende kon worden in de automobielbranche en andere aanverwante organisaties. ‘Dat was helemaal niks. Even later constateerde men in militaire dienst dat ik niet de nodige hardheid had om in de autobranche verder te komen.’
Na enige avontuurlijke omzwervingen kwam Max van der Velde opnieuw in de boeken terecht. Nu als hoofd van de boektechnische afdeling bij de Centrale Bibliotheekdienst, de bibliotheek van de Friese bibliotheken. Tijdens dit werk lonkte de horeca en opende hij in 1982 het eetcafé Het Leven op de Druifstreek, naar het voorbeeld van het populaire eetcafé Het Pakhuis in Groningen. Boven bestierde zijn toenmalige echtgenote Margreet Egberts (de man van Margreet is de ex van Margje; ‘Dat ging allemaal op natuurlijke wijze. Ja, Snakkerburen hè’) haar balletschool. Het eetcafé werd uitgebreid met een echt café: café Silbermann (1985). Silbermann, dat hij samen met zijn compagnon Leno Tromp ontwikkelde, was in de jaren tachtig the place to be.
‘Daarna kwam dat schip. Leno en ik waren gek op Terschelling en daar in Midsland besloten we een schip te kopen en om te bouwen tot restaurantschip. ‘s Winters zou die in de haven van Terschelling liggen en ‘s zomers voor de Harmonie in Leeuwarden.’ Een zucht gaat over tafel bij de herinnering aan dit avontuur. ‘De Deense eigenaren aan wie we het schip na vier jaar verkochten konden uit zes steden kiezen waar het schip kon worden afgemeerd. Alle steden stonden met open armen klaar om het te ontvangen.’ Op Terschelling en in Leeuwarden kregen de twee horecaondernemers bij de start van hun nautisch avontuur met het voormalige zeevaartschoolschip de Juliana te maken met forse tegenwind. ‘Je kunt het zo gek niet bedenken of het zat tegen. Bij de gemeente Leeuwarden sprak men steevast over ‘het pannekoekschip’ terwijl ik de oude logboeken uitploos om menu’s samen te stellen en we kosten noch moeite bespaarden om er een eersteklas restaurant van te maken. De gemeente wou ut gewoan nyt siën, juh. Of dat nog altijd zo is? Ja. Volmondig ja. We moesten ons wapenen tegen verhalen dat het uiteindelijk op een varend bordeel zou uitlopen. Wat kun je ertegen in brengen? Ook op Terschelling werd een woeste strijd gevoerd. Ook hier zag men apen en beren en was het uiteindelijk aan burgemeester Haakman te danken dat de vergunning door Rijkswaterstaat werd verleend. Het is een wonder dat het na al die tegenwerking en kosten uiteindelijk toch is gelukt. Tot aan de Raad van State hebben we geprocedeerd en we wonnen. Bewoners van het appartementengebouw naast de Harmonie bestookten ons met bewerkte foto’s die het project in een kwaad daglicht stelden. Onze advocaat Aaron de Vries gaf mij de suggestie om het schaalmodel van het schip mee te nemen naar de zitting in Den Haag. Enigszins beschroomd zat ik daar met het schip op schoot. Na binnenkomst zette ik het model in een hoekje, maar de rechter zei meteen; is dit waar het allemaal om draait? Ze waren helemaal verrukt. We wonnen!’
Al met al kostte het de ondernemers meer dan het dubbele waarop was gerekend en moesten de gasten van café Silbermann stevig aandrinken om de verliezen van de investering te bekostigen. ‘We rekenden op 300.000 gulden en het werd ruim 700.000. We waren bijna failliet.’ Na vier, wat Van der Velde ‘mooie jaren’ noemt werd besloten het schip De Juliana te verkopen. Dat werd een avontuur op zich, met een notariskantoor Wierda dat zich vergiste in de Deense en Zweedse kronen, een keurmeester die precies wist waar hij de hamer moest plaatsen (bij de toiletten) en een gat in de romp sloeg, een sleepboot met panne die eerst door de ondernemers verholpen moest worden, een kapitein zonder de juiste papieren en het ontbreken van uitklaringsdocumenten. Op een gegeven moment werd zonder overleg, op advies van botenguru Lex Tichelaar, koers gezet naar Denemarken. ‘Het was redelijk weer. In dit weekend moest het gebeuren. We hadden iets van: we leggen het in handen van een hogere macht. Gaat het mis, dan gaan we failliet.’
Na twee dagen vertrokken de ondernemers Max en Leno naar het Deense havenstadje Saeby. Ongeloof viel hun ten deel toen in het ochtendgloren een wit schip opdoemde. ‘Opeens zagen we een wit schip aankomen, de Juliana.’ Het duurde nog een week voordat de Deense ambtenarij het schip liet passeren. ‘Ik word er nog emotioneel van.’
=======================
De gemeente Leeuwarden komt niet tot beleid
‘De gemeente Leeuwarden komt niet tot beleid. Men ziet de waarde van de Stichting Praamvaren Leeuwarden nog altijd niet in. Andere steden zeggen tegen ons: jullie hebben met het praamvaren goud in handen. Het is een zelfstandige stichting die zonder subsidie functioneert. Er zijn tachtig vrijwilligers in touw en nog steeds moet je aan sommige ambtenaren uitleggen dat we elektrisch varen. Wij beschouwen ons als ambassadeurs van Leeuwarden. We worden overladen met complimenten dat we onze zaakjes zo goed voor elkaar hebben. Maar de gemeente Leeuwarden ziet het niet.’
Andries Veldman
foto: hieronder: de Juliana in Aalborg
Meer berichten
- Defensie niet vervolgd voor PFAS-vervuiling in vaart naast vliegbasis Leeuwarden
- Johannes Beers: GroenLinks zit nu dertig jaar in het college en ik zie het verschil niet
- Heel gewoon: de Haagse kaasstolp hindert journalisten in hun werk
- FNP: aandacht voor veiligheid moet stukken beter
- Slechte werkcultuur voornaamste reden om nieuwe baan te zoeken
- Koopwoning kostte gemiddeld 480 duizend euro in 2025
- Tweede druk voor Ien tel de ierde stil van Arjan Hut
- Irene van Breemen (FNP): Bouw geen dure wijken, bouw voor wie een huis nodig heeft
- Debat in Neushoorn – Bouwe de Boer van Freonen fan Fossylfrij Fryslân over een toekomst zonder olie, benzine en gas
- Premier Schoof wilde chips en bitterballen en viel op de bank in slaap
- Schriftelijke vragen: Kunnen tijdelijke huurcontracten ‘spoedzoekers’ De Pier in Leeuwarden wel verlengd worden?
- Adviesraad Sociaal Domein Leeuwarden roept inwoners op: Fiets mee, denk mee!
- Nieuwe bijstandsregels: minder melden, wel zelf bijhouden
- GB058: Investeren in onze jeugd. Schoolzwemmen weer terug, meer speel- en sportvoorzieningen, goed onderwijs en een goede begeleiding naar werk
- Ik maak me wel wat ongerust over mijn klanten, gezien de hoeveelheid zelfhulpboeken die ik vandaag verkoop
- WOZ-waarde per vierkante meter stijgt het hardst buiten de Randstad
- Ira Judkovskaja nieuwe directeur Neushoorn
- Kinderen Wynwizer brengen bedrag bijeen voor pizzeria Sardegna
- Harns Invest nieuwe eigenaar Achmeatoren
- Simon Ferwerda: Ik stoor me al jaren aan staat van onderhoud van de Mercuriusfontein
- In januari 12 procent minder faillissementen -Meeste faillissementen in horeca
- Leeuwarder Leeuwtje voor Margreet Terpstra
- Artist in residence Ernesto Lemke bij het Historisch Centrum Leeuwarden
- Bent u het met ons eens dat, indien het college meent dat burgers elkaars eigendom zonder aankondiging mogen betreden en dit achteraf kunnen afdoen met excuses, deze norm ook geldt richting gemeentelijke eigendommen?
- Schep moet de grond in voor FVC – Waarom duurt het allemaal zo lang?
- Migrant als zondebok in Amerikaanse en Nederlandse politiek
- Ruim 78 miljoen luchtvaartpassagiers in 2025 – Meeste passagiers van en naar Barcelona
- Johnny Ritzema, gepensioneerd metselaar: ze doen allemaal prachtige dingen
- Oproep RUG: onderzoek samen met ons vogelgedrag tijdens zonsverduistering
- Wint de CEO een prijs? Dan neemt de vervuiling van het bedrijf toe
- Totale verwarring rond vervolg kandidatuur European Youth Capital 2029
- Bewoners Swettehiem kunnen erop vertrouwen dat hun stem gehoord blijft
- De Boekentafel van Godert Walter met twee verzen van de Friese dichtersvorst Remco Kuiper
- De Troubadour zwijgt (en wij zouden ons moeten schamen)
- Oprichter RTL: Waarom de Nederlandse media de aansluiting met de toekomst verliest
- Julie Bruijnincx (D66): Van een college met GroenLinks had ik veel meer verwacht
- Olympia in Leeuwarden opent deuren voor mensen die moeite hebben met lezen, schrijven of rekenen
- Meer asielaanvragen afgewezen in 2025
- Joep van Tuinen: Ik stem FNP. Gemeente moet eens meedenken met ondernemers (ook kleine ondernemers)
- Experiment alcohol in de Prinsentuin – Marcel Visser: Wel drinken maar niet dronken worden








