Armoede in 2011 sterk toegenomen – verdere stijging verwacht
(tekst: CBS)
Armoede in 2011 sterk toegenomen
•In 2011 is de armoede in Nederland sterk toegenomen. Ramingen wijzen op een verdere stijging in 2012. •Ook de langdurige armoede liep in 2011 voor het eerst in jaren weer op. •De armoede groeide in absolute aantallen in 2011 sterk bij werklozen, bijstandontvangers en zelfstandigen. •De kans op armoede is het hoogst bij eenoudergezinnen, alleenstaan-den tot 65 jaar, niet-westerse huishoudens en huishoudens met bijstand. Bij al deze groepen nam het armoedepercentage in 2011 toe. •Bij gepensioneerden en 50-plussers is de armoede laag, bij kinderen juist hoog. De 30-45 jarigen hadden vroeger geen verhoogd armoederisico, maar de laatste jaren is dat wel het geval.
Dit zijn enkele conclusies uit het vandaag verschenen Armoedesignalement 2012. In het rapport geven onderzoekers van het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP) en het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) een zo actueel mogelijk beeld van de omvang, ontwikkeling en gevolgen van armoede in Nederland. Het Armoedesignalement 2012 is de derde editie van een informatiereeks over armoede, die door het SCP en het CBS gezamenlijk wordt uitgebracht.
Armoedegrenzen
In het rapport zijn twee hoofdcriteria voor armoede gebruikt. Het SCP beschrijft armoede op grond van het niet-veel-maar-toereikendcriterium. Dit normbedrag is gebaseerd op de minimaal vereiste uitgaven voor voedsel, kleding, wonen en sociale participatie. Het SCP kijkt voornamelijk naar de armoede van individuele personen. Het CBS bespreekt de kans op armoede aan de hand van de lage-inkomensgrens. Deze grens vertegenwoordigt een vast koopkrachtbedrag en wordt jaarlijks alleen aangepast voor de prijsontwikkeling. Het CBS beschrijft vooral de kans op armoede onder huishoudens. In bijlage A van dit persbericht worden de armoedegrenzen verder toegelicht.
Gegevens
Voor het vaststellen van de omvang van armoede is vooral gebruik gemaakt van het Inkomenspanelonderzoek van het CBS. De meest recente cijfers lopen tot en met 2011. Het SCP heeft daarnaast via een rekenmodel de omvang van armoede in 2012 en 2013 geraamd. Bijlagen B en C geven een gedetailleerd overzicht van de ontwikkeling van armoede in de loop der tijd.
Armoede in 2011 sterk gestegen
De recessie in 2009 en het daaropvolgende lichte herstel van de economie in 2010 hadden aanvankelijk een bescheiden effect op de armoedecijfers. In de tweede helft van 2011 kromp de economie echter opnieuw. Dat jaar nam de armoede volgens beide grenzen wel fors toe. In 2010 hadden 945.000 mensen een inkomen onder het niet-veel-maar-toereikendcriterium (6,0% van de bevolking). In 2011 was dit opgelopen tot 1.126.000 (7,1%). Die verbleven in 521.000 huishoudens (7,5% van alle huishoudens). Afgemeten aan de lage-inkomensgrens hadden 514.000 huishoudens in 2010 kans op armoede (7,4% van alle huishoudens). In 2011 steeg dit naar 604.000 huishoudens (8,7%). In totaal moesten 1.232.000 mensen in 2011 rondkomen van een laag inkomen.
Verdere stijging verwacht in 2012
Ramingen voor 2012 duiden erop dat de armoede verder zal toenemen. Volgens het niet-veel-maar-toereikendcriterium stijgt het aantal armen in 2012 naar verwachting met bijna 60.000 personen, tot 1.184.000 (7,5%). Op grond van de lage-inkomensgrens komen er naar verwachting bijna 40.000 huishoudens met kans op armoede bij, waardoor het totaal in 2012 op 642.000 (9,2%) zou uitkomen.
Voor 2013 is de raming enigszins onzeker, omdat de inflatie en werkloosheid zich anders kunnen ontwikkelen dan nu is aangenomen. De geraamde stijging in 2013 komt niet door maatregelen uit het recente regeerakkoord; die worden goeddeels pas vanaf 2014 ingevoerd. De huidige verwachting is dat het aantal huishoudens onder de lage-inkomensgrens in 2013 met 14.000 verder toeneemt tot 656.000 (9,4%). Het aantal personen onder het niet-veel-maar-toereikendcriterium zou uitkomen op 1.185.000 (7,6%). Dit laatste is het hoogste peil van deze eeuw, maar nog wel minder dan in 1994.
Ook kans op langdurige armoede voor het eerst in jaren toegenomen
Bijna 160.000 huishoudens hadden in 2011 ten minste vier jaar achtereen een laag inkomen, 10.000 meer dan het jaar ervoor. Het aandeel huishoudens dat langdurig onder de lage-inkomensgrens verkeert, liep licht op (van 2,4% tot 2,5%). Hiermee kwam een einde aan de dalende trend in de omvang van de langdurig arme groep, die zich sinds 2000 onafgebroken voordeed. Ook volgens het niet-veel-maar-toereikendcriterium steeg de langdurige armoede in 2011, en wel van 2,0 naar 2,4% van alle mensen.
Stijgende armoede bij risicogroepen
Volgens het niet-veel-maar-toereikendcriterium liep de armoede in 2011 in absolute aantallen vooral op bij mensen met een werkloosheids- of bijstandsuitkering (resp. +36.000 en +32.000 personen) en bij zelfstandigen (+52.000). Het aantal arme zelfstandigen was in 2011 voor het eerst groter dan het aantal armen in loondienst (resp. 175.000 en 170.000 personen). De kans op armoede steeg in 2011 bij alle groepen die van oudsher al kampen met een hoog risico. Bij huishoudens die bijstand ontvingen liep het percentage met een inkomen onder de lage inkomensgrens op van 65 naar 68%; bij eenoudergezinnen van 25 naar 28%; bij alleenstaanden tot 65 jaar van 17 naar 19%; en bij niet-westerse huishoudens van 22 naar 25%. Onder de (relatief kleine) groep niet-westerse huishoudens van de tweede generatie is de kans op armoede in 2011 echter aanmerkelijk kleiner dan onder de eerste generatie (18% tegen 26%).
Scherpere leeftijdstegenstellingen
De armoede onder kinderen was in 2011 groter dan gemiddeld. Volgens het niet-veel-maar-toereikendcriterium bedroeg dit 10,6%, ofwel 359.000 kinderen van 0-17 jaar. Naar verwachting loopt dit in 2012 sterker op dan bij andere leeftijdsgroepen, tot 377.000 (11,2%). Dertigers en veertigers hadden in 2011 een hoger armoederisico (8%) dan andere volwassenen, terwijl deze leeftijdsklasse in het verleden geen risicogroep was. Daarmee worden de tegenstellingen tussen leeftijdsgroepen scherper: bij vijftigers (5%) en gepensioneerden (3%) is het armoederisico benedengemiddeld.
Meer financiële problemen
Huishoudens met risico op armoede hebben vaker betalingsachterstanden. Terwijl in 2008 nog maar 8% van de groep met een inkomen onder de lage-inkomensgrens achterstanden had in de betaling van huur of hypotheek, was dit in 2011 verdubbeld naar 16%. Acht op de tien huishoudens met een inkomen onder de lage-inkomensgrens gaven in 2011 aan zich beperkt te voelen in de uitgaven op het vlak van voeding, kleding, woninginrichting en vakantie. De groep met weinig inkomen die zich genoodzaakt zag schulden te maken groeide van 5% naar 8% in 2012. Afgemeten aan het niet-veel-maar-toereikendcriterium meldde in 2008 iets meer dan een kwart van de arme groep moeilijk rond te kunnen komen; in 2011 was dit opgelopen tot bijna 35%. Een op de elf arme huishoudens kan zich niet om de dag een warme maaltijd veroorloven, een op de twintig geeft aan niet voldoende geld te hebben om het huis goed te verwarmen.
Meer berichten
- Alles veranderde drastisch toen Eric van ’t Zelfde aan het werk ging op een school in Friesland
- Gemiddelde WOZ-waarde ruim 10 procent hoger – Leeuwarden stijgt met 7,2 procent
- Theatermaker Mees van Rijswijk (neemt het menszijn met een korreltje zout) door het land te zien tijdens reizend theaterfestival De Parade
- Eerste Kanaalsbrug ligt weer tussen de Emmakaden
- De kunst van het afleiden – Verantwoording is een last die men liever niet draagt
- Digital News Report: Interesse en vertrouwen in nieuws daalt
- Kersvers raadslid Ivo van der Meer nu al met handen in het haar
- Ik ben belast met het openen en dichten
- Hogere prijzen veranderen vakantiekeuzes, niet de behoefte aan vakantie
- Aandeel woonlasten in inkomen hoogst voor starters in private huurwoning
- Middelgrote hond Bobik is een kleine ode aan Leeuwarden
- Etiquette-experts over zomerkleding op werk: slippers zijn een absolute no-go
- Meer dan twee derde van mkb’ers kampt met onbetaalde facturen
- Jaap Stalenburg: Het echte examen voor PRO wordt afgenomen in Heerenveen
- Overzichtstentoonstelling Henk Mual (1932-2015) in Museum Arnhem
- Drink je glas leeg, zeg ik. Ik sluit de tent. Dan kan ik nog net in Harlingen de laatste boot terug naar Terschelling halen
- PowNed de Jack Russell van Hilversum
- Gerenoveerde 1e Kanaalsbrug dinsdag terug in Leeuwarden
- Hoe verlies de blinde vlek werd van de politiek
- Het fietspad van 2026 is ontworpen voor de fiets van 1990
- Meer mensen stromen bijstand in dan uit
- Onderzoek: Waddeneilandbewoners hebben goud in handen – merk Vlieland het meest waard
- Aan de Amsterdamse Herengracht wordt Gert-Jan Dröge node gemist
- Musk bijna biljonair, verdient $1 miljoen per minuut. Rijker dan 46% van wereldbevolking
- Lara Kool nieuwe Havendichter van Leeuwarden
- Zakelijke dienstverlening zet bijna 5 procent meer om (door hogere prijzen) in eerste kwartaal 2026
- Aantal internationale studenten in Nederland daalt voor het eerst in twintig jaar
- Asfalt voor de bühne, gaten in de regio
- Oud-burgemeester Geert Dales veroordeeld tot taakstraf na ruzie met taxichauffeur
- SP Leeuwarden bezorgd over plannen nieuwe coalitie: hogere afvalstoffenheffing en ozb, meer ruimte voor huisjesmelkers en bezuinigingen op de sociale zekerheid
- Minder dan de helft medewerkers openbaar bestuur vindt het veilig om risico’s te nemen
- Drie waves en meerdere bezoekende eenheden op vliegbasis
- De therapeutische elite en uw krimpende leven
- GB058 stelt vragen over aanhoudende overlast Harlingertrekweg
- Partij voor de Dieren presenteert Anke Schothorst als Ombudsvrouw voor de Dieren
- Het fietspad is 1,50 meter breed (zie Foto 1). Fietsers kunnen elkaar op dit drukke fietspad eigenlijk niet passeren. Kan het college uitleggen waarom hiervoor gekozen is?
- Groene Michelin Ster verdwijnt – Albert Kooy: elke keuken moet biodiversiteit versterken
- FNP: Veel is nog onduidelijk over herinrichting Nieuwestad en Ruiterskwartier
- Banengroei Friesland valt tijdelijk stil bij hoge energieprijzen
- Sheila Sitalsing over rellen, referenda en bange bestuurders



