Liwwadders
  • Cultuur
  • Politiek
  • Economie
  • Ondernemen
  • Doneer!

Jan de Roos (NDC): nog zeker anderhalf jaar misere bij krantenbedrijf

11 juli 2009 Actueel

(tekst: interview topman uitgever NDC/VBK commissie Brinkman; http://www.commissiebrinkman.nl/video/ )

BROUWERS: Als jij op dit moment een beschrijving zou kunnen geven van het krantenlandschap zoals we daar nu tegenaan moeten kijken, wat valt jou dan het meeste op?

DE ROOS: Nou, dat kranten het ongelofelijk zwaar hebben. In de lezersmarkt valt het eigenlijk nog wel mee denk ik. We hebben natuurlijk te maken met structurele daling van de oplage maar als je naar de advertentiemarkt kijkt is het op dit moment ontzettend zwaar. Ik denk dat bijna alle kranten te maken hebben met een advertentieomzetdaling van bijna 20% en, nou ja, dat heeft een direct effect op je resultaat. Bijna 90% daarvan zakt in feite naar de resultaten van de krantenbedrijven door. En dat betekent dat de krantenbedrijven ontzettend zwaar.

MOLENAAR: Komen de titels van jouw concern in gevaar?

DE ROOS: Nee, ik denk het niet. Wij hebben doelbewust 5 jaar geleden een strategie uitgezet van basis-verbreding. Wij zagen toen dat kranten het weliswaar nog goed deden, we hebben gek genoeg in 2007 het beste jaar van onze kranten qua resultaat gehad ooit. We zagen die problemen aankomen dat als je alleen afhankelijk bent van kranten waar ook de conjunctuurgevoeligheid enorm in zit, ik heb net al aangegeven dat de advertentiemarkt, dat wij de basis zijn gaan verbreden. En we hebben nu met ons concern de nummer 1 positie in algemene boeken en we hebben de nummer 2 positie met de educatieve markt in Nederland. En daarmee hebben we ons bedrijf minder afhankelijk gemaakt van alleen het resultaat van de kranten. Dat is nog ongeveer 1 kwart van ons resultaat. En daarmee kunnen we, doordat het eigenlijk bij de kranten nu heel zwaar gaat, gaat het in de boeken en educatieve markt in principe redelijk tot goed. En daarmee kunnen we ons geheel van ons bedrijf goed laten draaien.

Brouwers: Die spreiding van risico�s en kansen is dat wezenlijk nu in de moderne bedrijfsvoering

van wat vroeger een krantenbedrijf was?

DE ROOS: Ik vind van wel. Ik noem het ook niet meer een krantenbedrijf maar ik noem het een mediabedrijf. Een modern mediabedrijf. En ik denk dat als je op die manier je onderneming bouwt dat je dan veel meer toegerust bent op alle ontwikkelingen van de toekomst. En dan kan het zijn dat in 1 tak van je bedrijf het gewoon lastiger is en dat je hele ingewikkelde vragen moet beantwoorden, maar in het andere deel van je bedrijf gewoon, ja, vol state-of-the-art kan werken aan de nieuwe ontwikkelingen. En dat hebben wij een aantal jaar geleden in kaart gebracht en voor ons zelf gezegd van dat moeten wij met ons bedrijf doen. En wij hebben nu 25 bedrijven die in allerlei verschillende product-marktcombinaties bezig zijn om hun positie in die markt goed te houden.

MOLENAAR: Betekent dat dat je eigenlijk niet hoeft te bezuinigen op het zeg maar journalistieke gedeelte van je mediabedrijf?

DE ROOS: Nee, dat moeten we wel. Want ik heb al aangegeven ieder bedrijf moet in basis gezond zijn. En als je puur naar het krantenbedrijf kijkt, dan heb ik je net al aangegeven wat de klap is die in de advertentiemarkt plaatsvindt en om het krantenbedrijf an sich gezond te houden moeten we toch die resultaatvermindering die er is door de advertentiemarkt moeten we goedmaken met kosten en dat betekent bij een krantenbedrijf ben je eigenlijk volgens mij vrij snel uitgepraat. Je hebt 3 P�s: je hebt papier, peanuts en personeel. En dat betekent dat je aan die drie knoppen in de kosten kan draaien en helaas, want ik vind het ongelofelijk vervelend, moeten wij gewoon ook naar onze personele sterkte kijken. En daar nemen we dus de acties ook op. Ik denk dat ons bedrijf zich ook kenmerkt door een heel proactieve reageren naar de markt en we zagen dit al aankomen natuurlijk in de laatste helft van vorig jaar. We hebben alleen wel gewacht tot het begin van dit jaar om in te grijpen en dat hebben we dan ook gedaan. En nu zitten we in de laatste fase van laten we zeggen de hele onderhandeling binnen ons bedrijf zelf, met ondernemingsraad etcetera, het sociaal plan is net afgesloten en wij kunnen nu denk ik vanaf 1 juni vol door om de reorganisaties door te voeren die we vinden die nodig zijn.

BROUWERS: En wat heeft dat voor consequenties voor de producten die gemaakt worden?

DE ROOS: Nou, ik denk in eerste instantie zal het natuurlijk wel consequenties hebben in zijn geheel, dat je nog bewuster keuzes moet maken, met name in je journalistieke product. Maar dat moet je eigenlijk altijd wel doen. Wat doe je wel? Wij zijn een regionale krantenuitgever en onze USP is toch wel de manier waarop je de regioverslaggeving doet. En dat je dan misschien wat keuzes maakt dat je je algemene verslaggeving, binnen-buitenland en alles wat er omheen zit, dat je dat op een iets andere manier gaat samenstellen en regelen. Maar het is je moet daarin keuzes maken. Maar ik denk dat ieder mediabedrijf, of ieder krantenbedrijf, daar op dit moment voor staat.

BROUWERS: Is er nog een verschil wat dat betreft tussen een regionaal krantenbedrijf en een landelijk krantenbedrijf?

DE ROOS: Ik denk zelf dat een regionaal krantenbedrijf het eigenlijk nog wel wat makkelijker heeft. We zien het zelf ook in de regionale advertentiemarkt. De binding met de regio is er, je hebt ook een gezicht in de regio. Een verslaggever in de regio die zie je ook. Een burgemeester bijvoorbeeld kent die verslaggever. En voor een landelijke krant is het vaak toch nog wat meer anoniemer. En daardoor ben je ook volgens mij op de lange termijn ook kwetsbaarder naar je markt toe omdat je markt veel diffuser is.

MOLENAAR: Je fijnmazigheid in de regio is niet aangetast?

DE ROOS: Ook daar weer keuzes maken. Er is ook een parallel met banken. Banken hadden vroeger volgens mij op elke straathoek van welke stad dan ook hadden ze een regiokantoor en wij hebben om maar iets te noemen 20 regiokantoren over het hele noorden verspreid en daar gaan we er dan toch een aantal van sluiten omdat de functie van een dergelijk zeg inlooppunt zoals we dat meer noemen, het is minder een commercieel punt, ja die is minder. En dat heeft daardoor ook consequenties. Dat betekent niet dat dat een verarming is, maar dat je slimmer met andere media, en daar kan internet bijvoorbeeld een rol spelen, of dat je nog iets slimmer met evenementen omgaat, of met je positie in de regio, dus dat je gewoon bewuster en slimmer omgaat met de mogelijkheden die je hebt zonder dat dat tot enorme kosten leidt.

BROUWERS: De journalistieke slagkracht zou je daar ook aan kunnen koppelen. Ook in de fijnmazigheid.

DE ROOS: Ik denk dat, je moet het even denk ik in stukken hakken. Als ik kijk naar dit moment, op dit moment hebben we eigenlijk geen van allen, tenminste laat ik zeggen de mensen van tot de 55 zal ik maar zeggen, hebben dit nog nooit meegemaakt. De daling en met name ook de snelheid van de daling van de economie, maar daardoor ook in allerlei bestedingen. Dat heeft zich volgens mij nog nooit zo voltrokken. Ik heb het in ieder geval nog nooit meegemaakt, of in ieder geval bewust meegemaakt. Maar dat betekent dat dit een aparte fase is waarin je moet optreden. Dus dat betekent dat ondanks dat je misschien strategisch of inhoudelijk een ander beleid wilt voeren naar je kranten toe, dat je gewoon je kosten moet terugbrengen omdat laten we zeggen de relatie met die advertentieomzet wat ik net al aangegeven heb dat je dat doet. Maar we zijn nu al met besprekingen bezig dat wij goed gaan nadenken hoe wij op het moment dat de zon weer wat meer gaat schijnen, dat we ook ruimte hebben voor investeringen, diepte investeringen, in de kranten en in nou ja allerlei zaken daaromheen, ook internet producten maar dat je in ieder geval je bereik en je positie in de regio, want dat is toch voor ons krantenbedrijf waar we dan vanuit gaan, dat we die dan heel goed weer kunnen oppakken op het moment dat die versnelling weer mogelijk is in de markt. En je moet niet vergeten we hebben vorig jaar met ons bedrijf meer dan 200 miljoen ge�nvesteerd. We hebben dat ge�nvesteerd door de acquisitie van een educatief bedrijf, maar we hebben ook nog een investering gedaan van 32 miljoen in een pers, dus waarin we full colour, tabloid formaat, je kan het zo gek niet bedenken dat we dat kunnen drukken. We hebben een nieuw advertentiesysteem ge�nvesteerd waarin we multimedia toepassingen mogelijk maken. Dus heel effici�nt vanuit je redactiesysteem wat toch het hart is vaak van, het digitale hart van je productie. Dat je daar zowel voor je krant als voor internet als voor allerlei andere media zoals radio en televisie ook mee kan werken. En dan heb je 1 systeem wat ook op die toekomst is toegerust. Dus we hebben heel diep afgelopen jaar ge�nvesteerd, en een radiostation gekocht voor de regio. Dus we hebben heel veel dingen gedaan, ja nu even pas op de plaats, aanpassen van de organisatie helaas, maar we zijn nu al wel bezig om eigenlijk te anticiperen op de komende anderhalf jaar, want dat is, daar houd ik rekening mee met mijn beleid dat dat gewoon de mindere tijd zal zijn.

BROUWERS: Je noemt een paar systemen, structuren, die je de afgelopen jaren hebt neergezet, advertenties, acquisitie maar ook een redactioneel systeem. Zijn er systemen, zijn er onderdelen van de hele bedrijfsvoering, die je gezamenlijk met andere mediabedrijven zou kunnen uitvoeren? We hebben natuurlijk over distributie vaak gesproken, drukwerk maar ook advertentiesystemen zouden

DE ROOS: Zeker, ik ben absoluut voorstander van dat soort samenwerkingsverbanden en dat is jammer als je wat ouder wordt, dat je ook wat ervaring met je meetorst. Ik heb de afgelopen tien jaar heel veel energie gestoken in de bedrijfstak, of het nu in de branche organisatie was of samenwerkingsverbanden op het gebied van gezamenlijk drukken, of samenwerkingsverbanden op het gebied van distributie. Ik heb 2 jaar van mijn leven gegeven aan het opzetten van een gezamenlijk bezorgbedrijf. Dat was in Utrecht hebben we toen een proef gedraaid. En een van de partners in dat geheel haakt dan eigenlijk vijf voor twaalf af, waardoor je een kans mist. Vijf jaar geleden waren we eigenlijk al zover geweest, om uiteindelijk er naartoe te werken dat je 15% van je distributiekosten naar benenden brengt. Dus niet 5 of 7 fietsers door de straat maar 1, met 1 grote tas waar al die verschillende kranten in zitten. Dat werkte ook. Dus tot nu toe ben ik wel wat teleurgesteld geraakt in, de afgelopen jaren, en dat geldt ook bijvoorbeeld voor samenwerking met persdiensten, etc. in de bereidheid van verschillende bedrijven om echt met elkaar samen te werken. Dat vraagt toch om bepaald type leiderschap dat je het beeld heb dat wil je een branche echt op niveau houden en dit soort zaken, ik noem het maar de shared services op het gebied van distributie, drukken, maar ook op het gebied basiskennis op het gebied van internet en alles wat daar omheen zit, dat je daar samen in werkt en dat je juist elkaar maximaal beconcurreerd op het gebied van je merken, je markt en dat soort dingen. Onze branche heeft zich in de afgelopen jaren toch vind ik niet gekenmerkt door goed leiderschap op dat terrein. Ik heb dat een paar jaar geprobeerd en ik heb me een paar jaar geleden gezegd nou we kunnen onze energie beter in onze eigen bedrijf steken en daarom heb ik ook o.a. �die energie gestoken in de basisverbreding van ons bedrijf.

MOLENAAR: Best een hard oordeel.

DE ROOS: Ik denk dat iedereen die in die fase leiding heeft gegeven aan die ondernemingen zich best weleens achter de oren mag krabben dat ze afgelopen tien jaar niet hebben gebruikt terwijl iedereen echt wel wist dat het met de kranten niet echt geweldig ging. En je hoefde daar ook niet een groot filosoof voor te zijn.

MOLENAAR: Of de lat was niet hoog genoeg?

DE ROOS: Ik denk uiteindelijk dat dat heeft gewerkt en dat ook misschien een zekere arrogantie daar was dat iedereen wel vond dat ie zelf bij machte was om dit probleem op te lossen. Maar sommige problemen zijn groter dan de individuele problemen alleen en in dat prisoners dilemma kan je het alleen maar oplossen door goed met elkaar te overleggen zonder natuurlijk je eigenheid op te geven.

BROUWERS: Zou de overheid daar een rol in kunnen spelen om die partijen wel tot elkaar te brengen?

DE ROOS: Ik denk haarlemmer olie op dat terrein kan zeker helpen. Ik denk als de overheid je ook kan helpen om als een katalysator, dat je die processen op gang brengt, dat je dat faciliteert. Er is natuurlijk de afgelopen paar jaar met krantenconcerns het nodige gebeurd. Er zijn nieuwe eigenaarstructuren ontstaan die ook daar niet direct toe hebben geleid dat het vertrouwen optimaal was om met elkaar samen te werken. Stel dat je het drukken samen gaat doen h�. Dat lijkt achter de tekentafel een gemakkelijke operatie, maar er is een bepaalde waarde die in drukkerijen zitten, er zit een bepaalde dekkingsgraad op, er zitten dus allerlei elementen in die van belang zijn voor de individuele bedrijven. Maar als je zoiets samen wilt doen, dan doe je dat niet voor 1 jaar, maar dan doe je dat voor 15 jaar bijvoorbeeld, dus dan maak je een commitment naar elkaar. Dan zeg je: jongens we gaan dat doen, we spreken dit vertrouwen uit, dat we de komende 15 jaar optimaal met elkaar kunnen samenwerken. Dan als je dat inderdaad bereid bent om te doen, dan kan je zo�n operatie ingaan en dan ben ik er van verzekerd dat je zeker met drukken, even hardop denken, zeker 10% van je drukkosten kunt terugbrengen. Daar zou je wel aanloopkosten voor hebben, en daar kan de overheid denk ik prima bij helpen. Voor distributie heb ik dat al aangegeven. Maar er zijn nu zeker weer nieuwe initiatieven gaande. Maar belangrijk is om van tevoren vast te stellen of je met elkaar het commitment aan wil om dat echt daadwerkelijk te realiseren want, ik weet dan vanuit mijn eigen ervaring, je bent zeker 5 jaar bezig, dat is om je hele distributieorganisatie die heel complex is, vanuit verschillende drukkerijen komen al die kranten, al die verschillende distributiesystemen, de flexibiliteit die daar ook van gevraagd wordt, dat duurt gewoon 5 jaar voordat dat een geoliede machine is. En nou ja, laat ik zeggen, ik denk dat je dat moet doen, maar het enige waar ik naar zou kijken is, gaat dat ook lukken, is dat commitment er ook van verschillende partijen en dan ben ik ook bereid om dat over te geven.

MOLENAAR: Gaat dat lukken?

DE ROOS: Nou ja daarom zeg ik, ik moet dat toch even zien, dat partijen dat ook doen. Ik ben een aantal malen ben ik daar natuurlijk vol opportunisme en enthousiasme ingegaan en dat heeft niet geleid tot de resultaten die we voor ogen hadden.

BROUWERS: Is iedereen ervan overtuigd dat het voordeel oplevert?

DE ROOS: Nou ik denk dat iedere goede ondernemer op voorhand weet dat dat oplevert. Schaal is in distributie en in drukken, in productie dus, is altijd van belang. En natuurlijk heb je een bepaald aantal regio�s en heb je logistieke vraagstukken, nou ja allemaal van dat soort dingen, maar ik hoefde niet heel lang te studeren dat dat voordelen heeft.

MOLENAAR: Maar je eigen toekomstbeeld bepaald toch hoezeer je geloof hebt in de noodzaak daarvan? Als je zegt van nou ja, ik zing het wel uit, en misschien is �4% -5% de komende jaar best, dan kan ik mijn eigen drukkerij hebben. Maar als je scenario is van het is �20% -30% dan heb je natuurlijk een ander beeld en is de noodzaak heel hoog. Dus je moet wel in overeenstemming zijn over de langetermijnperspectief van je product wil je dat kunnen doen.

DE ROOS: Natuurlijk. Maar 2 jaar geleden heb ik de beslissing moeten nemen ga ik wel of niet investeren in een drukkerij. Dat was voor ons heel belangrijk, volgens mij zijn wij de laatste geweest die dus een diepte-investering op dat terrein heeft gedaan. Maar ik heb voldoende vertrouwen dat er over 15 jaar nog kranten zijn, waardoor het het waard was om deze investering te doen. Ik heb daar niet slapeloze nachten van gehad. Ik heb wel slapeloze nachten gehad van het feit dat in de jaar voorbereiding daarvoor zijn we met alle partijen zo�n beetje die redelijk in de buurt zaten bij ons in gesprek geweest om te zeggen: joh, het zou eigenlijk ons allemaal iets waard zijn. Want ik heb dan 32 miljoen ge�nvesteerd, als wij dan 20 miljoen hoefden te investeren. Die 12 miljoen dan op een of andere manier delen of terug laten vloeien naar productontwikkeling binnen redacties. Of productontwikkeling op het gebied van ICT, of productontwikkeling op het gebied van internet. Nee, dat is niet gelukt.

MOLENAAR: Zelfs lokaal niet?

DE ROOS: Wij zijn natuurlijk toch de grootste speler in het noorden en het lukte ook niet om daar partijen voor te vinden die uiteindelijk daarin samen kunnen werken. Dan zie je toch dat er merk ik gewoon weinig partijen zijn die echt op hele lange termijn durven te denken. Want dat moet je in dit geval doen. Dat je een partnership aangaat voor bijvoorbeeld 15 jaar. Nou vraagt dat ook wel enige lef natuurlijk. Ik kan me er wel iets bij voorstellen dat iemand daar heel goed over nadenkt maar uiteindelijk moet je je geld verdienen door meer kranten te verkopen of meer advertenties te verkopen en natuurlijk is een effici�nte drukkerij daar ontzettend van belang maar uiteindelijk gaat het toch hoe je het aan de voorkant verdient.

BROUWERS: Je zegt net, die haarlemmer olie zou kunnen helpen op het gebied van distributie en drukken. Zijn er andere terreinen waar de overheid financieel of op andere manier een duwtje in de rug kan geven voor de krantensector, of zou moeten geven?

DE ROOS: In basis, maar dat is meer mijn houding als ondernemer dat ik vind dat iedere ondernemer zijn eigen broek op moet houden, dus dat is mijn basishouding. Maar ook hier kan het dus zo zijn dat er problemen en vraagstukken zijn die groter zijn dan mijn onderneming alleen. Onze onderneming alleen. En ik denk dat deze vraagstukken het inderdaad dat wel zijn. Wij zijn geen marktleider, wij zijn met onze kranten weliswaar een unieke positie in het noorden van het land maar wij hebben al iets van 8% van de totale krantenmarkt in het geheel dus je bent dan toch afhankelijk van spelers van de marktleiders denk ik bijvoorbeeld. Als ik marktleider was geweest had ik wel met mijn kijk op de wereld had ik daar meer initiatief genomen.

BROUWERS: Jij schiet in de richting van, de vraag was of er nog meer mogelijkheden waren.

DE ROOS: Drukken, dat is 1, op het gebied van ICT kan je natuurlijk best ook wel stappen zetten want dat zijn ook vaak grote investeringen. Maar ik zie ook toch op het gebied van nieuwe media dat daar mogelijk best een samenbundelende weg voor de overheid kan liggen. Het kan ook soms zijn in prijsstelling,in BTW heffen op bepaalde producten, die bijvoorbeeld op kranten zit of op boeken, dat je daar gewoon oog hebt voor de problemen die een bepaalde bedrijfstak heeft. Of dat je daarmee ook weer tijd cre�ert waardoor een bedrijfstak zich ook kan aanpassen. Want de vraagstukken zijn niet eenvoudig. Als je over de hele westerse wereld kijkt hebben krantenbedrijven het ontzettend moeilijk om die transitie te maken naar nieuwe business modellen, naar nieuwe ontwikkelingen en dat is ook wel logisch. Ik geef daar zelf ook al meer dan tien jaar leiding aan en dan zie je dat die transitie maken heel lastig is. Dat komt voor een deel voort omdat het toch nog te goed gaat, goed, wat is goed, natuurlijk dat er toch in ieder geval winst gemaakt wordt. Maar die tijd, dus dat de overheid kan best ook misschien wel helpen om toch die bedrijven die hiermee bezig zijn en die hun goede wil tonen en ook zelf investeren dat die tijd krijgen om die transitie goed te maken.

BROUWERS: Hebt u daar een periode voor in gedachten? Zou het een paar jaar moeten duren en vervolgens weer weg moeten gaan?

DE ROOS: Nou, ik denk, kijk, het moeten altijd tijdelijke periodes zijn. Ik heb net al aangegeven, een onderneming, en krantenbedrijf is een onderneming, die moet op eigen kracht hun rendement draaien en moeten op basis van dat rendement of hun aandeelhouders tevreden houden danwel ruimte hebben om de continu�teit te garanderen en dat je daarmee de diepte-investeringen doet. Dus dat is mijn basisgedachte en ik vind ook in al mijn plannen zal dat op die manier ook zijn plek vinden maar aan de andere kant kan je best een periode van 3-5 jaar hulp bieden om met name de transitie naar digitaal te maken. Nederland lijkt wel een enorm land maar zelfs met 16 miljoen mensen, met een diversiteit aan rationele bevolking kijkt en alles wat daaromheen zit, is die markt eigenlijk relatief klein. Wij bemannen een markt van roep eens wat 1,5 miljoen mensen in het noorden, daar moeten we het mee doen. Dus als je daar maar een heel klein percentage van bereikt, nou. Er is bijvoorbeeld al geen ruimte voor 2 regionale televisiestations dat krijg je gewoon niet rond, advertentioneel, om dat kostendekkend te krijgen. Dan heb je de Publieke Omroepen, die heeft een heel ander financieringsmodel etcetera. Het heeft voor ons geen zin om in die regio een commercieel televisiestation neer te zetten want ik weet op voorhand al dat ik daar nooit een euro mee zal gaan verdienen.

MOLENAAR: Zou u willen samenwerken met een regionale omroep?

DE ROOS: Ik denk dat het, waarom niet, wij hebben natuurlijk ondernemend als wij zijn alle pogingen om hebben we daar ook voor ondernomen.

MOLENAAR: Heeft dat ook succes?

DE ROOS: Je hebt enorme cultuurverschillen tussen ons bedrijf en laten we zeggen de regionale of de Publieke Omroepen. Daar zitten enorme cultuurverschillen in en wij hebben afgelopen vijf jaar vijftien acquisities gedaan waarvan er ongeveer 12 succesvol zijn geweest. En het belangrijkste item waar je naar kijkt is de overeenkomsten in cultuur of de mogelijkheden dat je toch door goed samensmelten een nieuwe onderneming cre�ert. Als die verschillen te groot zijn dan moet je er gewoon niet aan beginnen. Mijn inschatting en ervaring is dat die cultuurverschillen groot zijn, dat ook toch dan niet de bereidheid er is, dat speelde ook mee, de sense of urgency moet er zijn, nou bij ons is de sense of urgency zeker niet vanuit een continu�teitsvraagstuk maar meer van wat gaat die consument wat gaat die de komende vijf jaar van ons vragen, hoe houden we ons bereik in het noorden zo groot mogelijk, dat je daarmee ja toch kan blijven investeren. Daar hoort in mijn visie daar hoort in ieder geval radio en televisie bij. Dat je een breed pallet hebt, en dat is niet 1 bedrijf. Dat kunnen best 5 of 6 verschillende bedrijven zijn met hun eigenheid waarbij er wel aan de achterkant een mooie samenwerking is, zelfs redactioneel. Dus laten we zeggen die drempel zou ik graag wel over gaan. Maar ik zie op dit moment met al mijn ervaring dat toch die cultuurverschillen vrij groot zijn en daarom

MOLENAAR: Err toch een oplossingsrichting is. Ik weet niet waar dat aan zou liggen. Misschien is het motto �it is not invented here�, ik bedoel zeg maar dat soort cultuuraspecten. Wat denk je dat de wereld doet veranderen dan op dat punt?

DE ROOS: Nou de afgelopen tien jaar is die niet veranderd, op het gebied van regionale omroepen, dus ja dat is ook weer leiderschap denk ik. Leiderschap bij ons maar misschien ook leiderschap aan de andere kant. Dat men denkt ja het is wel heel mooi wat we doen en het is heel mooi met de visie die wij hebben, maar het kan best zo zijn dat er meer schaal in moet zitten om daar de kwaliteit van de journalistiek om hoog te doen of daar met de schaarse capaciteit die journalistiek beschikbaar is dat je daar effici�nter en beter mee om kan gaan dat je met je distributiekanalen dat je daar zowel radio televisie of krant daarmee dient, dus dat je op die manier ook door een visie die je daarop hebt gezamenlijk, dat je zegt, hee dat is belangrijker dan die cultuurverschillen die er zijn dus we toch zo�n proces maar.

BROUWERS: Die cultuurverschillen zijn die bestuurlijk van aard, en moet het daar beginnen of zijn die redacties allemaal zo eigenzinnig dat

DE ROOS: Iedereen die er zit laat ik zeggen nou eigenlijk op al die verschillende lagen. Publieke Omroepen hebben toch niet een echte winstdoelstelling dus kijken op een andere manier naar productontwikkeling. Laat ik zeggen ons bedrijf wij geven Geert Mak uit, wij geven allerlei andere geweldige schrijvers uit, Van Dale, wij hebben echt wel oog voor kwaliteit, maar toch worden wij gezien als een echt commercieel bedrijf en is daarmee ook moeilijker om mee uit de voeten te komen.

MOLENAAR: Je suggereerde net dat de fijnmazigheid niet in gevaar komt. Dat is wat ik proefde. Zou het wel zo kunnen zijn dat in de toekomst dat wel in gevaar komt en juist in die regionale verslaggeving hebt ter controle van de locale overheden, dat daar juist wel een soort samenwerkingsverband gaat ontstaan met de Publieke Omroepen, zou de overheid daar wat van moeten vinden?

DE ROOS: Dat die fijnmazigheid niet in gevaar komt dat is misschien ietsje te kort door de bocht. Volgens mij heb ik het hier ook iets anders geformuleerd maar dat kunnen we zo terugdraaien misschien. Maar nee daar gebeurt natuurlijk wat. Waar in het verleden, en dan noem ik even als je de noordelijke regio neemt 20 jaar 25 jaar geleden waren er geloof ik 7 onafhankelijke kranten. Nu zijn er nog 2 kranten in het noorden en ik hoop dat het inderdaad bij lange na zo zal blijven. Met toentertijd met al die redacties, de Publieke Omroepen was er bij en noem maar op. Dus daar is zeker wat gebeurd. Laten we zeggen, eigenlijk is Friesland nog heel bijzonder omdat daar 2 regionale kranten zijn die elkaar nog kunnen beconcurreren dus dat is een unieke plek volgens mij in Nederland. Nee er is natuurlijk wel wat gebeurd. Er is minder journalistieke apparaat, journalistieke mankracht beschikbaar om de dingen te doen die je moet doen. Nou daar wil je niet heel, dat wil niet zeggen dat de hoeveelheid journalisten altijd dan garant staat voor de vereiste kwaliteit van zaken dus je moet daar ook wel op een realistische manier naar kijken. De markt is ook veranderd. Er is duidelijk minder behoefte aan ook kranten, anders hadden die kranten waren die ook wel overleefd om maar te zeggen, dan waren ze er nog wel geweest. Maar ik maak me daar wel zorgen over, maar dat geldt niet alleen voor de regionale journalistiek maar ik denk ook voor het totaal. Als je durft zo�n tien jaar vooruit te kijken zullen er best een aantal kranten zijn die het heel erg moeilijk krijgen en die misschien ook wel zullen verdwijnen omdat ze hun exploitatie niet rond krijgen.

Waarom maak je je daar zorgen over? Omdat het daarmee ophoudt journalistiek gezien of omdat er misschien traditierijke media omvallen. Waar zit die zorg?

DE ROOS: Omdat kranten toch een heel belangrijke basis vormen voor journalistiek. Er zijn weliswaar een enorme doos aan internetproducten op dit moment op de markt die ook zich bezig houden met nieuws, maar laten we zeggen kranten zijn toch een van de belangrijkste bronnen voor ook die internetsites en dat geldt voor veel.

Tot in eeuwigheid?

DE ROOS: Nee. Ik wilde mijn verhaal nog even afmaken. Dus dat betekent dat ik me er zorgen over maak doordat er zijn straks minder instituten, minder merken, krantenredacties, op zelfstandige basis die gewoon hun eigen geluid op die manier kunnen en een kritische rol kunnen spelen. Ik heb bij elkaar geloof ik 16 jaar krantenervaring dus ik heb iets met kranten natuurlijk anders had ik het niet zo�n mooi product gevonden. En ik zie ook de rol en betekenis van kranten. In Nederland zijn we al helemaal gewend aan persvrijheid en alles wat er is en landen om ons heen word je gelukkig nog weleens met je neus op de feiten gedrukt en dan zie je hoe belangrijk het is dat dat fenomeen in Nederland is. Maar ik maak me er wel zorgen over het feit dat er uiteindelijk dus straks minder journalistieke power zal zijn. Er ontstaan best op internetgebied met blogs en nieuwe vormen van journalistiek ontstaan daar wel, maar de onafhankelijkheid en de betrouwbaarheid van krantenmerken en krantenredacties die hebben toch een andere positie dan veel van de internet brands die je hebt. En ik vind dat wel iets waar we met elkaar heel serieus naar moeten kijken. Je moet niet coute que coute een bedrijfstak in leven houden waar geen toekomst voor is, neem de steenkolenmijnen in het zuiden van het land. Ja, klaar. En dat gebeurt niet. Maar ik vind wel dat je wel heel veel energie moet steken in het merk kranten en daar zie ik best wel een rol ook voor de overheid. Om het mogelijk te maken om bepaalde laten we zeggen groepen journalisten groepen wel op die manier in leven te houden, laat ik het zo maar zeggen.

BROUWERS: En op die manier de journalistieke fakkel door te geven aan opvolgers van de beschrijvers van krantenpapier of om de papier vast te houden?

DE ROOS: Nee, we zitten in een transformatieproces naar mijn idee. Ik denk dat als we 20 � 25 jaar vooruit proberen en durven te kijken dan zullen daar heel andere producten zijn ontstaan, naast kranten maar ook naast televisie ook naast radio en naast ja noem het maar op. Er zijn nu al hele nieuwe social communities op internet aan het ontstaan waar ook gecommuniceerd wordt, waar mensen kennis en kunde uitwisselen, of informatie uitwisselen. Ik verwacht zelf dat in de komende jaren er allerlei nieuwe vormen van ook journalistiek ook gaan ontstaan. Die ook best wel kunnen gaan voldoen aan het criterium dat we nu aan kranten toedichten. Bijvoorbeeld 2 maanden geleden met een goede journalist uitstekende journalist in Turkije te praten waarvoor in het verleden laten we zeggen eigen kranten als een New York Times etc onderzoek deden naar Turkije en alles wat eromheen zit, heb je nu onderzoeksbureaus, bemand met hele goede journalisten die een rapportage over Turkije maken. Even als een voorbeeld voor wat alleen wordt het dan anders ingevuld. En die stichtingen die dan die rapporten maken die worden weer op een andere manier gefinancierd waardoor je in ieder geval die informatie hebt en waardoor wij toch ja die beschikbaarheid is er om wat er in zo�n land gebeurt in ieder geval goed te laten weergeven. Ik verwacht zelf dat er in de komende jaren allerlei nieuwe producten zullen gaan ontstaan, ook nieuwe merken gaan ontstaan, of die uit kranten voortkomen weet ik niet, maar die zullen ergens denk ik wel uit voortkomen. Die zullen misschien ook wel internationaal laten we zeggen links hebben en uitstaan.Dus daar verwacht ik wel. Maar zover zijn we nog niet. We zitten nu nog in een fase dat internet er is, waar heel veel mee gebeurt, hoelang werken we ermee? 20 jaar neem ik aan. Maar het is nog volledig aan het ontwikkelen en er zitten zoveel elementen in die nog eigelijk nog zichzelf moeten gaan opbouwen en de mogelijkheden daarvan gaan uitbouwen. Dus ik verwacht in de komende jaren dat daar wel een en ander gaat gebeuren maar dat de traditionele merken nog voldoende markt en positie hebben om goed te kunnen overleven.

MOLENAAR: Over nieuwe merken gesproken van buiten de branche: Google wordt vaak genoemd door de branche als een in weinig positief daglicht de laatste tijd. Hoe kijk jij daar tegenaan?

DE ROOS: Ja gewoon heel realistisch denk ik. Ik vind het fantastisch dat iemand zo�n merk heeft bedacht met alles wat daar omheen zit en natuurlijk moet je goed opletten dat laten we zeggen het auteursrecht goed gediend wordt, maar je moet aan de andere kant ook realist zijn dat het fenomeen laten we zeggen internet en hoe daar gebruik van gemaakt kan worden door Google ja dat dat nieuwe wetten zijn, nieuwe manier van het retrieven en vinden van informatie. Wij hebben zelf ook wel de nodige energie er ingestoken om in ieder geval het auteursrecht goed te dienen want uiteindelijk is dat ook in het belang van Google. Want als er niks meer te googleen valt, er zal wel voldoende te googlen zijn, maar op het gebied van nieuws, en er zijn geen redacties etc, ja dan ben je ook met de verkeerde dingen bezig. Uiteindelijk zal er best wel een soort win-win situatie zijn waardoor ook op dat terrein met Google bepaalde manier dat men ook op een bepaalde manier met zaken omgaan. Maar aan de andere kant kan je Google als ik het op de boeken terugbreng, Google heeft projecten gestart met boekenuitgevers en daar werken we ook aan mee om producten volledig gedigitaliseerd te krijgen, ook opgeslagen te krijgen, dat er dan ook een deel van zo�n boek gepubliceerd kan worden op Google. Dus als je naar een boek zoekt kan je het ook op die manier vinden. Dan is het meer een teaser om dat boek te gaan kopen, of dat nou straks via een e-boek is of via een normaal boek is, en daar werkt Google denk ik heel goed samen met boekenuitgevers om dat fenomeen juist goed te laten ontstaan. En dan versterkt de ene branche de andere branche.

MOLENAAR: Daar wordt specifiek ook gekeken naar de ontkoppeling tussen lezer en producenten. Via Google is de waardenketen als het ware ontkoppeld. Waar jij juist zegt van er zit juist meer in omdat ze meer nieuwe klanten aanbrengen voor hun boeken?

DE ROOS: In het geval met boeken is het wel gebeurd. Maar ik vind de boekenbranche wat dat betreft toch een branche waar toch wel erg verstandig omgegaan wordt met zaken. Neem het Centraal Boekhuis, waarin zowel de retail en de uitgevers met elkaar afspraken maken hoe met dat soort zaken om gegaan kan worden, en dan zie je gewoon dat dat ten gevolgen voor zo�n hele branche. Want begin 1980 durfde niemand meer een boek aan te raken, en wat moet je ermee, en nu is het een hele florerende business die natuurlijk hier en daar ook wel zijn zorgen heeft, maar wel absoluut er anders voorstaat dan 20 jaar geleden.

BROUWERS: Kunnen kranten daar wat van leren? Of anders gezegd: kunnen kranten actiever zijn of meer profijt halen uit de kracht van Google?

DE ROOS: Nou, kijk wat er nu gebeurt. Ik weet niet of jullie het vanmorgen in de krant hebben gelezen, of was het nou gisteren, dat je die digitale readers die op de markt komen, die geven een zee van nieuwe mogelijkheden. Niet alleen voor boeken maar ook voor andere uitgaves, en kranten kunnen daar absoluut profijt van trekken. En die kunnen daardoor ook nieuwe businessmodellen oppakken en dan kun je ook van de muziekindustrie het een en ander leren. Nu wordt er toch met muziekrechten best wel wat verdiend, alleen zit dan een deel van je opbrengst in je telefoonabonnement. En dat is iets minder zichtbaar maar uiteindelijk krijgen muziekuitgevers in ieder geval een deel terug van hun rechten. En daar kun je ook als krantenuitgever, daar kan je bijvoorbeeld modellen bedenken waarbij zo�n reader, en die gaat er komen, kijk, nu is het allemaal nog een beetje kinderspel vind ik zelf, maar Sony komt aan het eind van het jaar met dingen, Amazon heeft er volgens mij al iets van 1,5 miljoen verkocht in Amerika en er komen straks producten die echt state of the art zijn, die mensen willen hebben, wie wil er geen i-pod of een i-phone of weet ik veel wat en dat hoort straks bij de standaard uitzet van de welbewegende consument.

MOLENAAR: Praat de branche in termen van dat ik me zou kunnen abonneren op het nieuws uit Leeuwarden en de sportverslaggeving bij het AD / Telegraaf?

DE ROOS: Of de branche daarover praat? Te weinig denk ik. Daar worden niet gezamenlijke modellen daarvoor opgezet. En het zou wel ook een uitstekend experiment zijn om te kijken van laten we niet allemaal met een reader gaan experimenteren, maar laten we een gezamenlijk project starten waarin we zo�n reader uitproberen en de kennis met elkaar delen. Dat je uiteindelijk straks met je content en de manier waarop je je producten op die reader presenteert, dat je je daarmee onderscheidt, en dat je afspraken maakt over de standaards waarmee je die readers kan gebruiken.

BROUWERS: Een beetje hetzelfde als wat je eerder zei over distributie, daar moet je niet op concurreren?

DE ROOS: Nee, dat zou ik niet doen. Kijk naar laten we zeggende auto-industrie ook, hoe standaard, misschien niet zo�n goed voorbeeld op dit moment, maar het was helemaal een drama geweest als ze niet hun hele distributie, hun hele logistiek en hun hele productiewijze hadden gestandaardiseerd en daarin allerlei dingen gedaan. En ik zie daar zeker mogelijkheden.

BROUWERS: Publieke Omroepen, een klein stapje maken, je hebt daar net al een paar dingen over gezegd. Publieke Omroepen wordt door de overheid gefinancierd, zie je dat als uitgever van een krantenbedrijf, van een kranten- en boekenbedrijf, als valse concurrentie? Zeker als je de STER daarbij betrekt.

DE ROOS: Als ik het persoonlijk beleef, ik zie het nu als een realiteit. Je kan die markt toch niet veranderen, hij is er, dus we concurreren allemaal naar die, laten we zeggen de vrije tijd van onze consumenten, of leestijd of hoe je het dan ook maar noemt. Het is een partij die er is, waar je zeker rekening mee moet houden. Ja, kijk, ik denk dus niet in valse concurrentie. Je zou iets kunnen bedenken dat de STER en dat andere zaken, heeft dat, is dat concurrentievervalsing. Ik zie het meer op dit moment als een fact of life. Als iemand daar heel hard tegen wil vechten dan moet je dat doen. Ik steek dan meer mijn energie in de positieve dingen die ik wel kan be�nvloeden. Ik heb het gevoel dat ik dat niet echt heel nadrukkelijk kan be�nvloeden. Wat ik wel merk, wij hebben veel pogingen gewaagd om toch wat met de Publieke Omroepen dingen samen te doen. De diversiteit van ons bedrijf zijn we heel nadrukkelijk gaan zoeken naar mogelijkheden, ik noem maar wat, in Europa, een programma met VPRO, met Geert Mak erbij, maar ook een spel voor Van Dale, allemaal op het gebied van educatie denk ik dat je ook heel interessante samenwerkingsverbanden kunt hebben. We zitten toch allemaal een beetje het wiel zo her en der uit te vinden. Voor een goede benadering van consumenten heb je toch soms een multimediaal spectrum nodig, met gevestigde content en hoe je dat doet is daar heel belangrijk. Mijn ervaring tot nu toe is dat op het moment dat het woord geld verdienen en omzet en kosten valt, dat toch bij de Publieke Omroepen er iets gebeurt. Dan wordt het toch ineens bedreigend en dan komen er allemaal bazen bij, en nog meer bazen bij en nog meer bazen bij, en dan wordt het voor partijen zoals wij ook vaak heel diffuus en heel onduidelijk of je echt goede afspraken met elkaar kan maken. En als je met elkaar ergens in een product wil investeren, dingen kosten tijd, en in de media kosten dingen altijd tijd. Je hebt toch een bepaald minimum kwaliteitsniveau, je hebt een aantal mensen, je moet nadenken over je concept, al dat soort zaken. Ik ga bijvoorbeeld als we een nieuwe krant neerzetten, nou ik hoef jou eigenlijk weinig daarover te vertellen, dan ben je gewoon drie jaar bezig voordat zo�n product er staat, voordat het een geoliede machine is, voordat die klant het herkent, etc. Nou datzelfde geldt ook, stel dat je in samenwerkingsverbanden met de Publieke Omroepen, want als je even vanachter de tekentafel kijkt, zijn er ongelofelijk veel mogelijkheden, ook voor ons type bedrijf. Maar in de praktijk blijkt het gewoon heel moeilijk te zijn om dat voor elkaar te brengen omdat laten we zeggen de strategische invalshoek van ons bedrijf bijvoorbeeld en laten we zeggen de Publieke Omroepen of de partijen waar je dan mee samen wil werken, dat dat dan niet heel goed past. En binnen de Publieke Omroepen toch heel erg voorzichtig is, ongelofelijk voorzichtig is, om daar echt de diepte in samenwerkingsverbanden aan te gaan.

Zo heb ik het in ieder geval ervaren. En dat is niet echt een kwestie van onwil, maar dat men toch als management heel onzeker is over welke concrete stappen je wel en welke concrete stappen je niet mag maken.

BROUWERS: Vind je er iets voor te zeggen dat de Publieke Omroepen, die programma�s maakt met publiek geld, die programma�s dan ook maar ter beschikking zou moeten stellen aan derden, zoals kranten of uitgeverijen? Zit je daar op te wachten?

DE ROOS: Nee, ze kunnen ze zelf beter op hun zender zetten. Wat moet ik een beetje een zender gaan doen. Waar ik veel meer in geloof is dat je krachten bundelt, kennis bundelt, en die gebruikt om een nieuw concept of een nieuw product neer te zetten, waardoor de impact daarvan veel meer is dan de individuele partijen zelf zouden hebben kunnen doen. Ik noem maar wat, even een voorbeeld, stel een educatief programma maak je, waarbij nou ja voor het basisonderwijs, waardoor een product als Engels noem ik maar even, waar zeker met digitale schoolwoorden op dit moment, daar kan natuurlijk uitstekend bij wijze van spreken Publieke Omroepen of door mensen of door kennis die daar is kunnen zaken doen. Wij hebben bijvoorbeeld heel veel ervaring met het maken van onderwijsmethodes voor langere termijn en je maakt een gezamenlijk product waarbij je elkaars kennis en kunde gebruikt en dat zet je op de markt en de opbrengst daarvan, ja daar moet je wel heel goed mee oppassen dat je Publieke Omroepen-geld daar niet voor gebruikt om je investering te doen. Maar zo klein denk ik niet. Maar ik denk wel dat ik bijvoorbeeld dingen veel minder kan doen door het zelf allemaal te doen, maar door een partnership met een bepaalde, laat maar zeggen omroep, kan dat ontzettend interessant zijn. Zo zijn er, misschien is het voorbeeld niet zo verschrikkelijk goed, maar als je een beetje doordenkt zou ik zo wel 50 dingen kunnen bedenken die het doen en dan zou je ook nog kunnen zeggen: er zijn een aantal preferred partijen waar ik mee samen werk, en dat zou ons totale bedrijf kunnen zijn, en dat je daarbinnen, in die projecten die je doet ook gewoon ook een relatie opbouwt. En niet op 1 project bepaalde dingen doet maar dat je echt elkaar ook weet te vinden voor wat diepere samenwerking waardoor je ook met elkaar meedenkt in wat nou voor de toekomst een goede strategie zou kunnen zijn.

Maar goed, ik heb dat een aantal malen geprobeerd en ik merk gewoon dat het heel moeilijk is om die strategie en die visies te combineren maar dan gaan wij gewoon op eigen kracht een aantal dingen doen.

Maar daar liggen naar mijn idee best kansen want er zit natuurlijk zoveel mooie en interessante dingen, jij zit bij de Publieke Omroepen, die daar beschikbaar zijn.

Doe mee en doneer knop
Vorige bericht

Ministerie van Defensie: de JSF maakt helemaal geen extra herrie

Volgende bericht

Jongeren over sluiting van hun Wyldemerk: we gaan hieraan kapot

 

Meer berichten

  • Schep moet de grond in voor FVC – Waarom duurt het allemaal zo lang?
  • Migrant als zondebok in Amerikaanse en Nederlandse politiek
  • Ruim 78 miljoen luchtvaartpassagiers in 2025 – Meeste passagiers van en naar Barcelona
  • Johnny Ritzema, gepensioneerd metselaar: ze doen allemaal prachtige dingen
  • Oproep RUG: onderzoek samen met ons vogelgedrag tijdens zonsverduistering
  • Wint de CEO een prijs? Dan neemt de vervuiling van het bedrijf toe
  • Totale verwarring rond vervolg kandidatuur European Youth Capital 2029
  • Bewoners Swettehiem kunnen erop vertrouwen dat hun stem gehoord blijft
  • De Boekentafel van Godert Walter met twee verzen van de Friese dichtersvorst Remco Kuiper
  • De Troubadour zwijgt (en wij zouden ons moeten schamen)
  • Oprichter RTL: Waarom de Nederlandse media de aansluiting met de toekomst verliest
  • Julie Bruijnincx (D66): Van een college met GroenLinks had ik veel meer verwacht
  • Olympia in Leeuwarden opent deuren voor mensen die moeite hebben met lezen, schrijven of rekenen  
  • Meer asielaanvragen afgewezen in 2025
  • Joep van Tuinen: Ik stem FNP. Gemeente moet eens meedenken met ondernemers (ook kleine ondernemers)
  • Experiment alcohol in de Prinsentuin – Marcel Visser: Wel drinken maar niet dronken worden
  • SLIM stelt aanvullende vragen over financiële positie gemeente Leeuwarden
  • Het TOOI: een geheime politiedienst in Nederland waar je waarschijnlijk nog nooit van hebt gehoord
  • Wat doet de provincie? Welke plek heeft de provincie in het bestuur van Nederland? Hoe werkt de besluitvorming?
  • Meer bouwen, maar voor wie? (2)
  • Nieuwe banen vragen om vaste woonplekken
  • Steeds meer studenten wonen hun hele studie thuis
  • Wesley de Haan: Mede dankzij de FNP is het eindelijk gelukt dat It Skiphûs vernieuwd wordt
  • Oud-wethouder GroenLinks Leeuwarden verwijt bestuur van partij passiviteit over integriteit
  • Het leek vandaag wel even of ik in een evangelische boekhandel werk, zeg ik. Je hebt er een vrome kop van gekregen, krijg ik te horen
  • Uitgeven uitgelicht tijdens Lettertreffen
  • Opbrengsten ozb voor gemeenten 6,3 procent hoger – Sterkste stijging bij secretarieleges
  • 2025: record aan grote faillissementen in West-Europa
  • Wie het noodkanaal normaliseert, verzwakt het precies op het moment dat het er werkelijk toe doet
  • Wethouder Hein de Haan ernstig ziek
  • Klein coronanieuws en andere zaken – Sjoukje Witkop verlaat Oranje Hotel – Ronnie bestelt boeken – Gerard Buising maakte kans op project Utrechtse Dom – Schootstra Vis te huur of te koop – Sociale winkel Moes nu ook in de weer met honden – Heite schonk collectie schaakboeken aan boekenpassage
  • Sjoerd Bootsma lekker bezig, nu in Vantaa Finland – What struck me most wasn’t a problem, but potential
  • Omrop Fryslân lanceert een nieuw platform met snelle video’s
  • Leeuwarden Oost blij met kabinet Jetten
  • Ruim 26.000 bezoeken aan spoedeisende hulp per jaar mogelijk voorkomen door aanpak nicotinegebruik
  • 1 miljoen mensen voelen zich ernstig beperkt
  • 15 partijen leveren kandidatenlijst in voor gemeenteraadsverkiezing Leeuwarden
  • BV Sport sluit zwembaden en sporthallen door code oranje
  • Rapport: Jongeren haken niet af, maar raken overspoeld door het nieuws – oplossing: niet méér publiceren, maar slimmer distribueren
  • De papieren vuist van Den Haag
Problemen met verhuurder? Woningtoewijzing? Uitkering? Aanvraag minimaregelingen? Bel snel PEL! 058-2671636 op werkdagen van 14.00-17.30 uur. B.g.g. mail verpel@online.nl

Schep moet de grond in voor FVC – Waarom...

11 februari 2026

Migrant als zondebok in Amerikaanse en Nederlandse...

11 februari 2026

Ruim 78 miljoen luchtvaartpassagiers in 2025...

11 februari 2026

Soep met witlof en gort

11 februari 2026

Stadsblad Liwwadders

Veel Leeuwarders ontvangen elke morgen rond koffietijd onze nieuwsbrief. Die wilt u toch ook niet missen? Het laatste nieuws uit Leeuwarden e.o. elke morgen rond elf uur in uw mailbox.

Lunch mee!

Stadsblad Liwwadders

JA, IK WIL een abonnement op het Stadsblad Liwwadders en ontvang de krant graag een jaar lang in de bus.

Meer informatie

Koken met Klaas

Klaas kasma

Service

  • Liwwadders TV
  • Foto-archief
  • Dossiers

Liwwadders.nl

  • Colofon
  • Contact
  • Privacystatement
  • Disclaimer

Sociale Media

TwitterFacebookYouTube
Copyright 2026 | Liwwadders.nl | Alle rechten voorbehouden
Uw gegevens op Liwwadders
Liwwadders plaatst functionele en analytische cookies.
Door op 'Akkoord' te klikken geeft u daarvoor toestemming. Lees ook onze Privacystatement. Akkoord
Privacy & Cookies Policy

Privacy Overview

This website uses cookies to improve your experience while you navigate through the website. Out of these, the cookies that are categorized as necessary are stored on your browser as they are essential for the working of basic functionalities of the website. We also use third-party cookies that help us analyze and understand how you use this website. These cookies will be stored in your browser only with your consent. You also have the option to opt-out of these cookies. But opting out of some of these cookies may affect your browsing experience.
Necessary
Altijd ingeschakeld
Necessary cookies are absolutely essential for the website to function properly. This category only includes cookies that ensures basic functionalities and security features of the website. These cookies do not store any personal information.
Non-necessary
Any cookies that may not be particularly necessary for the website to function and is used specifically to collect user personal data via analytics, ads, other embedded contents are termed as non-necessary cookies. It is mandatory to procure user consent prior to running these cookies on your website.
OPSLAAN & ACCEPTEREN