Echt iets voor jou zeiden ze in mijn omgeving, de bijlage van de Leeuwarder Courant Visie Magazine 2015. Ik dacht nog:”De Leeuwarder Courant en een visie? Zo goed doen ze het toch niet?” Bleek het om een katern te gaan over het noordelijk bedrijfsleven en vernieuwing. Met welhaast onvermijdelijk een interview met de baas van de NOM, over een stip aan de horizon en natuurlijk het Innovatiecluster in Drachten. Een tijdje terug riep de SER Noord-Nederland ondernemers op meer ambities te tonen en de bedrijven uit dat cluster als een icoon te beschouwen. Alsof je een doorsnee Friese vrouw oproept zich te spiegelen aan Doutzen Kroes, zo’n teleurstellende ervaring wil je ze liever besparen.
Wat organisaties als de NOM zien in dat innovatiecluster snap ik niet. Bedrijven delen zelden of nooit hun opgedane kennis en ervaring als daar geen dringende noodzaak voor bestaat. Het kost alleen maar tijd en energie en levert verder niet veel op. Onlangs kwam ik er min of meer bij toeval achter dat een van de bedrijven uit dat cluster heeft geparticipeerd in een Europees project betreffende een tak van sport die model-based system engineering (MBSE) wordt genoemd. Het is mooi wanneer er met producten van het land zoals aardappelen en bieten meer wordt gedaan dan nu zodat ze (deels) als grondstof kunnen dienen voor andere doeleinden bijvoorbeeld in de chemische industrie. Veel meer waarde kun je er niet meer aan toevoegen wegens een gebrek aan mogelijkheden. Overwegend natuurkundige kennis verwerken in mechatronische systemen biedt meer perspectief. In tal ven sectoren is het heel gebruikelijk om eerst een model te maken van het uiteindelijke product. Een toparchitect als Frank Gehry bedenkt iets en gaat met een stuk geavanceerde software na of het allemaal realiseerbaar is. Voordat een wolkenkrabber verrijst is er eerst een digitaal model van gemaakt dat is doorgerekend. Een wolkenkrabber is nagenoeg statisch, van staal en beton zijn de materiaaleigenschappen bekend, heb je eenmaal een en ander in software weten te vangen dan kun je los. Gehry maakt daarbij gebruik van een duur, commercieel product dat hijzelf mede heeft ontworpen.
In (Europese) landen met een lucht- en ruimtevaartindustrie passen bedrijven dezelfde manier van werken toe: eerst een digitaal model maken waaraan je kunt rekenen. Het heeft geen zin een prototype de ruimte in te schieten om te achterhalen hoe het wel of niet werkt. Niet verrassend worden er met Europese gelden projecten uitgevoerd om MBSE op een hoger plan te brengen. In welke mate het betreffende bedrijf uit het innovatiecluster daadwerkelijk heeft geparticipeerd weet ik niet, het linkje naar de resultaten van het project Cresendo is te vinden op de website http://overturetool.org Het gaat om open source software waar geen kosten aan verbonden zijn. MBSE is niet eenvoudig, de leercurve mag er zijn maar zeker de moeite waard.
Geavanceerde mechatronische systemen zoals autonoom vliegende UAV’s waarbij het welzijn van mens of dier in het geding is zullen uiteindelijk gecertificeerd moeten worden. Een prototype in de markt zetten en dan kijken wat er gebeurt is er veelal niet bij. MBSE is in toenemende mate onontkoombaar.
Ik weet niet welk punt aan de horizon de NOM-baas in gedachten heeft, hopelijk niet in dit deel van het land met een weids uitzicht zo’n welvaartverslindende windmolen. Met 3D-printers, open hardware als o.a. Arduino en Raspberry Pi en software voor MBSE kunnen veel bedrijven hun horizon verbreden en zich tezijnertijd daadwerkelijk spiegelen aan de bedrijven uit het innovatiecluster.



