Een jaloerse Liwwadder in doordeweeks Deventer
Een jaloerse Liwwadder in doordeweeks Deventer
DOOR ANDRÉ KEIKES
Mensen die op een zaterdag- of zondagmiddag door de Leeuwarder binnenstad lopen, zullen het misschien helemaal niet opmerken. Want in die paar wekelijkse uurtjes is er voor eventjes sprake van enige ‘bruis’. Maar wandel je op een doordeweekse ochtend of middag, zelfs op zaterdagochtend, over de Nieuwestad of door omliggende straten, dan kom je tegenwoordig nauwelijks nog een kop tegen. Nee, kijk dan eens in Deventer, zoals ik op een doordeweekse dinsdag in september deed. Al om tien uur ’s ochtends een en al levendigheid. En die neemt in de loop van de dag alleen maar toe. Hoe flikken ze dat?
Leeuwarden heeft een historische en monumentale binnenstad, ik noem dat zelf de hardware. Heel wat gevels (ook het plaveisel en straatmeubilair) zien er anno 2026 best goed uit, dat was vroeger wel anders. Maar de ‘software’, de winkels, zijn steeds meer om te huilen. Natuurlijk heb je de onvermijdelijke uitwisselbare ketens en franchisers, die een stad nu eenmaal geen eigen gezicht geven, maar schrikbarend weinig unieke zaken, al zijn er nog een paar fraaie, en heel veel koffiezaakjes. Verder vooral telefoonwinkels, nagelstudio’s, uitzendbureaus, verzekeraars, opticiëns, tattooshops en duizend kappers. Die mogen er natuurlijk ook zijn, maar als bezoeker uit welvarender streken, en dat is dus heel Nederland buiten Friesland, kun je alleen maar teleurgesteld je hoofd schudden. Wat kwam je hier ook nog al weer doen? (verhaal loopt door onder de foto)
Ik wist het ook wel, maar werd er in het zeker niet minder historische en monumentale Deventer weer eens met de neus op gedrukt. Wat een levendig centrum, met ook op een doordeweekse doodgewone dag volop bedrijvigheid en dus mensen. Niet alleen in de horeca, maar overal op straat en in de winkels.
De aantrekkelijke, goedverzorgde unieke zaken in het Bergkwartier, maar ook elders, zijn zelfs op zo’n dinsdagochtend veelal open. Talrijke antiekzaakjes, boekwinkeltjes, bloemisten, edelsmeden, galeries, eigenzinnige mode, schoenen, nergens eenheidsworst, behalve dan in de Lange Bisschopsstraat, de ‘koopgoot’, die je nu eenmaal overal hebt, maar zelfs daar vind je soms nog wel een paar bijzondere zaken. En de winkelleegstand is overal minimaal.
De Deventer binnenstadsmanager Bart Ellenbroek wist kort geleden te melden dat door serieus beleid het aantal winkels in Deventer een niet te missen stijgende lijn vertoont en dat er afgelopen jaar wekelijks (!) wel winkels bijkwamen, waaronder echte kwaliteitszaken. Daarnaast ligt de Deventer ‘Centrale’, De Boreel, ook nog eens tegen het oude centrum aan. Al met al een resultaat dat veel beter is dan dat van de grotere buursteden Zwolle en Apeldoorn. En zeker dan Leeuwarden, waar je voor één of twee nieuwe binnenstadswinkels per jaar al de vlag mag uitsteken.
Ook verder van de Brink en het Bergkwartier, buiten het winkelgebied, langs de IJssel en omliggende straten, is er reuring op zo’n vroege doordeweekse dag. Kom daar hier eens om. Grote delen van de week zie en hoor je op Leeuwarden ochtenden (en middagen) alleen maar luidruchtig gedreun en gepiep van Hanos- en Sligro-achtigen, maar bitter weinig mensenvolk.
En ‘bruisen’ ho maar, al durven de Leeuwarder makelaars dat toch telkens weer op te merken bij te koop staande huizen in of rond het centrum. Waarschijnlijk denken ze dan alleen aan die paar uurtjes van de zaterdag- en zondagmiddag. Of aan dagen met, vrijwel uitsluitend avondlijke, ‘events’, wanneer het centrum als festivalterrein dienst doet, maar daar gaat het hier niet om. Wie van elders komt en een dagje Leeuwarden aandurft, verwacht uiteraard wel meer dan winkels die je overal hebt en een rijtje afstandelijke musea met hun ook nog eens heel beperkte openingstijden.
Hoe flikken die Deventenaren dat, vroeg ik me best een beetje jaloers af? Deventer is geen provinciehoofdstad, heeft minder inwoners dan Leeuwarden en drie keer zo weinig studenten, heeft ook veel inwoners met een minimuminkomen, maar er is volop leven en beweging all the time. Jazeker, Deventer heeft een flink welvarender ommeland en de stad ligt centraler in het land, maar dat je er met trein of auto langs scheurt, levert toch niet meteen meer bezoekers voor het centrum op? Het moet wat anders zijn.
In de afgelopen decennia zijn veel kantoren, winkels en ook scholen naar de randen van Leeuwarden verplaatst of verhuisd. Die mensen lopen doordeweeks dus niet gauw meer in het centrum, maar het is naar mijn idee vooral een mentaliteitskwestie. Nog even los van de veel ambitieuzere, jaarlijks terugkerende evenementen, zoals de Deventer Boekenmarkt, de grootste van Europa, en het landelijk bekende winterse Dickens Festival, heb je er ook elke week en elke dag veel kleinere activiteiten, onder meer in de Bergkerk.
Er spreekt meer toewijding uit dan bij die rommelmarktachtige curiosakraampjes op het Zaailand, een paar donderdagen in de zomer, honderd grijze en/of kale mannen die jaar in jaar uit zeemansliedjes blijven kwelen of zo’n rare Amerikaanse Santarun. Alsof Leeuwarden aan zee ligt en/of in de US of A. Heel succesvol zegt u, ja vast, een Friese hand is gauw gevuld.
Zijstraatjes, tegenwoordig zelfs hoofdstraten, in het historische Leeuwarder centrum kenmerken zich veelal negatief door gemakzuchtig met stickerreclame dichtgeplakte ramen, kijk maar eens in de Weerd, de Oude Doelesteeg of op het Ruiterskwartier. Of gruwel van de in potentie prachtige Bagijnestraat met de Oldehove op de achtergrond, waar je vrijwel overal gesloten bevoorradingsdeuren aantreft. In Deventer zijn dát nou juist de plekken voor leuke kleine ontdekkingen. Bovendien groen en bloemrijk vormgegeven. En wat gebeurt er hier in de voor het vlakke Friesland toch heel verrassend hellende terpenstraatjes? Helemaal niks.
Er speelt natuurlijk veel meer, maar laten we eerlijk zijn, het ontbreekt hier ook aan visie en regie. Ooit kende Leeuwarden een actieve stichting voor stadsherstel, maar het was altijd ploeteren. In Deventer bezit en beheert een al vijftig jaar bestaande en zeer actieve naamloze vennootschap Stadsherstel (nvbergkwartier.nl), waarin ook pensioenfondsen, ondernemers en particulieren deelnemen, maar liefst 160 panden (!), deels Rijksmonumenten, die na zorgvuldige restauratie verhuurd worden aan hotels, restaurants, winkels, kerken en particulieren. Niet alleen in het Bergkwartier, ook daarbuiten.
Zorgvuldig onderhoud, aandacht voor specifieke details, maar – uiterst belangrijk – ook een passende invulling zijn daardoor altijd gegarandeerd. Vergelijk het met de Stichting Alde Fryske Tsjerken, die op een enigszins vergelijkbare manier functioneert en in onze provincie een kleine zestig monumentale kerken beheert. Net als in Deventer, of bij het grotere Stadsherstel in Amsterdam, gaat het daarbij niet om de winst, maar wordt er gewerkt uit liefde voor kwetsbaar monumentaal erfgoed en daarmee de vitaliteit van de stad.
Want vergeet niet: als jonge ondernemer een fulltime of parttime winkel of iets anders beginnen in een voor iedereen aansprekend monumentaal en romantisch pand is toch heel wat aantrekkelijker dan in een door een pandjesbaas kaalgeslagen winkelruimte met een rechttoerechtaan-pui onder een systeemplafond, zeg nou zelf. Mooie panden zijn er genoeg in historisch Leeuwarden, maar je moet hier door dat gebrek aan regie altijd maar afwachten wie er iets wil beginnen en hoe. Vermoedelijk wordt het dan weer zo’n tl-verlichte kapperszaak. Want die hadden we nog niet.
Dat een actieve Stadsherstel-vennootschap ook anderen buiten het eigen werkgebied aanzet om eens wat beter na te denken en initiatieven te nemen, spreekt voor zich. Alles met elkaar brengt het Deventer zichtbaar verder, ondanks de beperkte omvang van die stad. Stadsherstel in Leeuwarden is altijd een moeizaam verhaal geweest, waarbij steeds verwezen wordt naar tegenvallende steun van Rijk en gemeente. In Deventer klaagt niemand daarover, hooguit een beetje, want wat Den Haag en stadhuis niet doen, doen ze daar zelf wel.
Dit jaar nog presenteerde prof. Jan Rouwendal aan de VU de uitkomsten van een grootschalig onderzoek naar het Deventer Bergkwartier, waarin met name de indrukwekkende economische meerwaarde van een sterk monumentenbeleid voor de stad tot uitdrukking komt. Misschien moeten de relevante Leeuwarder monumentenvrienden, -ambtenaren en ondernemers dat ook in boekvorm uitgegeven werk eens aanvragen.

Meer berichten
- ‘Dat kan ik niet betalen’: 4 op de 10 jongvolwassenen vinden dat lastig om toe te geven
- Weer minder particuliere verhuur in 2025
- Klacht tegen gedeputeerde De Vries over dossier biovergisters SONAC Burgum
- Laatste jaar betalingsregeling coronaschulden ingegaan – Nog 1,9 miljard euro aan coronabelastingschuld bij 73.000 ondernemers
- Sl!M- vragen over toenemende overlast, vandalisme en intimidatie door jongeren Zuiderburen
- Detailhandel zet 2,7 procent meer om in september
- Meeste mannen hebben respect voor mannen die iets zeggen van seksueel grensoverschrijdende opmerkingen of grappen
- Bij de nieuwe Groningse start-up Tunhûs kun je je eigen houten tuinhuis samenstellen
- Leeuwarden heeft een grens voor Airbnb, maar geen registratienummer
- Is elke journalist een activist? Met Giselle van Cann, Eric Smit, Natasja Gibbs, Fréderike Geerdink
- Fietsveiligheid in de stad: wat leren we van een jaar onderzoek?
- Nieuw jongerenkanaal DRUK brengt betrouwbaar nieuws naar tijdlijn van jongeren
- 13 procent minder asielaanvragen in derde kwartaal dan een jaar eerder
- Er zijn een paar dingen waar ik depressief van word, denk ik als ik de winkeldeur op slot draai; buitensporig jong geluk en dit kloterige herfstweer
- UPDATE De zeehonden kunnen zwemmen. De bestuurders verzuipen
- Kim van Keken: ‘Het zijn dit soort moedige pioniers die de journalistiek bruisend houden’
- ‘Wie polarisatie wil begrijpen, moet voorbij de standpunten kijken’
- Moeten universiteiten zich uitspreken over het klimaat? En over Gaza?
- Meest kritieke materialen komen vooral uit China
- Friese en Groninger media geven en ontvangen, is dat niet mooi?
- Veel bezorgproblemen pakketten – bewoners zoeken oplossingen voor feestmaanden
- Inventaris van Royal De Vries uit Sneek onder de hamer
- Starters in corporatiewoningen zijn steeds vaker statushouders
- Klein coronanieuws en andere zaken – NOK Clinics vult na 15 jaar winkelwand Ruiterskwartier – Geen Maison de Bonneterie – Architect Sijtsma schrikt van vernieuwde Harmonie – In Londen leest men Klaas Kasma – Fietsburgemeester kan meteen aan de slag – Willem Beintema daagt LC voor de rechter – Olievrouw gemeente Martine Wierdsma met pensioen
- Francesco Veenstra: Het interview met Eric van der Burg (in NRC) getuigt van wensdenken, loze beloftes, gebrek aan politieke zelfreflectie
- Appen op de fiets kost straks 180 euro
- Aantal miljonairs stijgt opnieuw, 81 duizend meer dan in 2024
- Nederland ontsnapt voorlopig aan Europese faillissementsgolf
- Mensen met lager inkomen doen minder vaak aan een sport, verschil met hogere inkomens groeit
- Politiek café: kunnen raadsleden en gewone Leeuwarders zaken wezenlijk beïnvloeden?
- Sander Schimmelpenninck: Jort Kelder zou eens los moeten komen van het pluimstrijken en hermelijnvlooien
- ‘Leegstand in verpleeghuizen vraagt om een andere kijk op zorgvastgoed’
- ‘Vrouwen en meiden zijn onveiliger achter hun eigen voordeur dan op straat’
- Theoloog Janneke Stegeman in TOON – Stadsschouwburg
- Nederland voert defensie-uitgaven veel minder snel op dan Europese koplopers
- Flitsboetes in Leeuwarden: 33.892 overtredingen in 8 maanden (toegenomen met 29.525)
- Anna Olteanu zoekt een stageplek – Interieurstudio, stoffering en restauratie
- Blijft gemeente pappen en nathouden rond vliegbasis Leeuwarden? Geert Verf in de aanval over beteugeling rechten burger
- Monnikenwerk. Monnik voor een avond in de Grote Kerk
- Anouk Nammensma: hoe doe je meer ervaring op als je niet de kans krijgt om die ervaring verder uit te breiden?





