Johan Cruijff kreeg het door – De ijzeren dame op de kinderboerderij – Vladimir Poetin in het Naauw – Fijne Liwwadder onderzoeksjournalistiek
Door André Keikes
Dat Leeuwarden helemaal geen onaardige stad is, blijkt wel uit de nooit afnemende stroom binnen- en buitenlandse beroemdheden die hier graag komt. Je hoort er nooit wat over, maar dat komt omdat dit soort volk niet graag herkend wil worden en Leeuwarders bescheiden mensen zijn. Alsof het een schande is dat je Leeuwarden een stad vindt waar gewoon alles deugt en klopt en rijmt. Tja, waar serieuze Liwwadder onderzoeksjournalistiek al niet goed voor is.
Johan Cruijff kreeg het door
Tijdloze wijsheden worden ooit ergens bedacht voor ze gehoord worden en vanaf dat moment tijdloos worden. Klinkt als een Cruijff-wijsheid, maar ik heb hem net zelf bedacht. Het moet wel aan de Leeuwarder lucht liggen, want de meeste wijsheden van de onvergetelijke voetballer zijn hier in Leeuwarden bedacht. Neem nou twee van de bekendste. We nemen ze even door.
‘Je gaat het pas zien als je het doorhebt.’
Het kwam eruit toen Cruijff weer eens een paar maanden in onze stad verbleef. Dat deed hij graag, want de discrete Leeuwarder houdt zijn mond en als hij zijn mond voorbij praat verstaat toch niemand hem. Dus kon Cruijff hier zichzelf zijn waar hij maar wou.
Welnu, eens zat de veelscorende spits weer eens in het gras van de Prinsentuin, toen hem opviel dat wandelaars en fietsers aan de overkant, dus aan de Noordersingel, niet bij hem konden komen. ‘Je gaat het pas zien als je het doorhebt’, riep hij blij uit. Dat ze dan eerst een heel stuk moesten omlopen of -fietsen, dat had de profvoetballer zich nooit gerealiseerd. ‘Zonder brug vaart niemand wel’, mompelde hij ook nog. En ‘pontje weg, koppijn geboren’. Maar die laatste twee zijn nooit zo bekend geworden.
‘Elk voordeel hep se nadeel’
Of het nou ‘elk voordeel hep se nadeel’ is of juist andersom, ‘elk nadeel hep se voordeel’, we begrijpen goed wat er in het karakteristieke hoofd van de goaltjesdief moet zijn omgegaan. Deze uitspraak is misschien nog wel belangrijker voor de bewijsvoering dat Cruijff vaak in Leeuwarden verbleef. Hij kreeg namelijk altijd de vraag ‘Waarom Leeuwarden?’ En dan begon hij een niet te volgen betoog over de voor- en nadelen van grotere steden in het algemeen en Amsterdam in het bijzonder, over uitlaatgassen, files, naar volk, slechte snacks en lawaai in de nacht. Om uit te komen bij de verschillen tussen de Baarsjes en Bilgaard, waar hij jarenlang een flatje heeft aangehouden.
In de Kei of de Gealanden, daar wil ik af wezen. In ieder geval tot groot genoegen, want hij kende er iedereen. Hij speelde er ook op straat met de jongens mee. Een leeg blikje volstond. Best lawaaiig zo rond tweeën, maar als de buren begonnen te schreeuwen dat ze op moesten houden, wist Cruijff weer dat hij zich nog altijd jong voelde.
Maar goed, elk nadeel hep en voordeel hep ook, daar bedoelde hij mee dat Leeuwarden over vrijwel hetzelfde beschikte als de zo veel bewierookte hoofdstad des lands. Beetje kleiner, dat wel, en minder grote aantallen van alles, maar toch. Paleis, theaters, musea, parken, grachten, pontjes, kroegen en maar liefst drie Blokkers en een mooie Hema. Te veel is nooit goed, omdat er ’te’ voor staat. En zo is het.
==
De ijzeren dame op de kinderboerderij
Ze is nooit in verband gebracht met Leeuwarden, maar daar was wel alle reden voor. De ijzeren dame, bekender als The iron lady, ofwel Margaret Thatcher vond Leeuwarden ‘splendid’ waar het aankwam op in het geheim overleggen. Niemand verwachtte de Britse premier immers hier en dat overlegt zo veel prettiger.
Haar tijdgenoot en politieke vriend Ronald Reagan, president van de Verenigde Staten, zaten vaak met een flesje chocomel in het kantinedeel van de oude Kinderboerderij. Eerst aaiden ze de geitjes, dan gingen ze naar binnen en bespraken ze gezellig met z’n tweetjes hoe ze de wereld verder konden privatiseren. Neoliberalisme werd dus bedacht aan de Leeuwarder Jeugdweg. Of we dat nou leuk vinden of niet.
In de verte hoorden de twee wereldleiders destijds de welpjes van de Padvinderij schreeuwen als ze zichzelf per ongeluk weer eens vastgebonden hadden, want al die knopen en worpen haal je gemakkelijk door elkaar. Dan glimlachten ze superieur, zoals alleen wereldleiders dat kunnen. Vervolgens bedachten ze politieke oneliners, die altijd van pas komen. ‘Is hier ook wat anders te krijgen dan chocomel’, vroeg Reagan na zijn zevende flesje die middag? ‘There is no alternative’, antwoordde Thatcher. Dus bleef het chocomel tot ze lichtjes paars uitgeslagen naar buiten kwamen.
Als de twee hier waren, maakten ze ook graag wat tijd voor ‘jolly things’, zoals Thatcher dat noemde, want ze wist dat Reagan de pest had aan die malle Engelse termen. Toch verstoorde het nooit hun goede verstandhouding. Aan het eind van zo’n geheime bijeenkomst gingen ze bijvoorbeeld nog altijd even naar de speeltuin om er loom te schommelen, de konijntjes te sarren, want zo waren ze ook wel, en een paar eieren uit het kippenhok te pikken. Ze geloofden namelijk serieus, stadsmensen als ze waren, dat daar kuikentjes uit zouden komen. En ze maakten om de beurt een ritje op de harde rug van Nononono, de boerderij-ezel in die dagen, genoemd naar het lastdier van Pipo.
Zeg nou zelf: als je als wereldleider zo genoeglijk kunt vergaderen zonder vrees voor aanslagen, zonder opzichtige beveiliging en met een nachtje pitten in het hooi in het vooruitzicht, vind je het dan gek dat ze Leeuwarden geweldig vonden? ‘If I can make it there, I’ll make it anywhere’, zei Reagan dan, al haalde hij ook wel eens wat door elkaar.
==
Don Draper leit anne singel
Sommige dingen gaan viral, andere van mond tot mond, maar als iets heel erg waar is, weet al snel iedereen het. In ons geval is dat de waarheid als een Friesche koe: We hewwe un woanskip en hij leit anne singel. Daar lusten ze in de States ook wel pap van. Al was het maar omdat ze daar niet zo veel woonskepen en singels hebben. Dus als ze daar dan lezen dat er een stad in Europa is waar woonskepen an singels lège, dan zijn ze snel wakker.
Don Draper, wie herinnert zich de in een strak pak geboren reclameman uit Mad Men niet? Strakke kaken, borende ogen, flatteuze hoed, kreunende stem als het hem uitkwam, vrouwenmagneet van de eerste orde. Altijd alert als hem iets ter ore kwam dat een kort, maar wild avontuur met een mooie vrouw beloofde. Zo is het gekomen, want een woonschip op het water, dat belooft immers wat. Bovendien kende hij natuurlijk reclamebureau Weda aan de Oostersingel.
We hebben het hier over de jaren zestig. Weda was net begonnen, Draper deed al langer mee. En opeens liep hij hier over de Willemskade, langs Amicitia en over de Nieuweweg, waar hij vluchtig even over zijn linkerschouder naar de Weaze keek, maar hij, Don Draper, de vrouwenman, was op weg naar de Oostersingel. Daar trof hij in die voor hem zo vertrouwde reclameomgeving het woonschip dat hij zocht.
Van buiten zag je er niets bijzonders aan, het leek of er gewoon een doorsnee Leeuwarder woonde, maar het was jarenlang de vaste pied à terre van Don Draper. Hij was het ook die later de Amerikaanse castingbureaus enthousiast attendeerde op de schoonheid van de Friese vrouw. Welbeschouwd kun je Drapers langjarige bezoeken aan Leeuwarden dus ook zien als het begin van de modellenloopbaan van Doutzen Kroes en na haar veel anderen.
Wat er op zijn woonschip in die jaren allemaal gebeurd is, daar is zelfs door vasthoudende onderzoeksjournalisten weinig zicht op te krijgen, maar wie Mad Men ooit gevolgd heeft, kan zich er wel wat bij voorstellen. Loop je vandaag de dag langs dat water, dan zie je vaak van alles dobberen; drankflessen natuurlijk, een stropdas en zelfs een keer een kleine bh. Net of de geschiedenis daar maar niet wil wijken, want het is alweer een halve eeuw geleden mensen.
Oudere Leeuwarders houden nog steeds hun mond over wat ze er in die tijd van meegekregen hebben. Dat valt in ze te prijzen, maar zo komt het hele verhaal natuurlijk nooit boven tafel. Dick, die niet met zijn achternaam in de krant wil, begint wat besmuikt te grinniken. Ja, zeker, hij weet heel goed wie we bedoelen. Ook wel een beetje ongemakkelijk wil hij nog wat zeggen. Ja, Dick, zeg het maar. ‘Nou, die Don Draper wist altiten de moaiste vrouwen te krijen en dat doët mie nog altiten erg seer’.
===
Miles Davis onze groene ster
De iconische jazztrompettist Miles Davis, ook weer een, zo’n grote vriend van Leeuwarden. Hij zat soms stil in een hoekje van het voormalige jazzcafé De Brouwershoek te luisteren naar de Leeuwarder grootheden van het genre. Hij herkende de struggle, het kunnen maar niet willen of willen maar niet kunnen, het blaasvermnogen, de lipgevoeligheid, het Fingerspitzengefühl waarzonder een jazztrompettist niet kan, de wangvibratie, het toenemend longemfyseem op latere leeftijd, de innerlijke druk de nek te laten hangen tijdens de sessies. Maar al te goed.
Zelf blies hij nooit in de binnenstad, te bevreesd voor herkenning van de toon. Toch kwam hij nooit zonder de toeter naar hier. Als het Leger des Heils op de Lange Pijp stond te spelen, was hij er altijd bij. Hij onderging de koperen klanken van het ‘Heer ontferm U’ als een vanzelfsprekend verlengstuk van zijn eigen idioom. Maar dan zonder die specifieke conception en groove, je weet wel. Maar toch, hij werd er altijd wat sentimenteel van, zoals Gerard Reve dat had als de koperkorpsen zich blazend door Greonterp verplaatsten. ‘It’s the brass, man, it’s the brass’, rochelend.
Wie hem herkende, en wie deed dat niet, zo’n prachtige lange zwarte man tussen de toch altijd wat pipse Leeuwarders, maar niets liet merken, omdat we dat afgesproken hadden, wist dat Miles graag inwendig swingend de stad uitliep. Over de Voorstreek, de Groningerstraatweg helemaal af, en verder, verder. De toeter bij de hand, maar slechts af en toe een riedel blazend. Tot hij in de verte het Bos van Ypey kon zien liggen. De enge grot in het bos had hij wel eens geprobeerd, maar afgekeurd vanwege te eng, al was de akoestiek best oké, maar liever zat hij gewoon in het gras tussen Bos en stad, gewoon wat te blazen tussen de kieviten, die hem inspireerden, wat goed te horen is op het wereldbefaamde album Miles in the Sky uit 1968. Ja, je moet er een oor voor hebben, maar je hoort het als je het doorhebt.
Miles vertelde er soms over, back home, maar ook wel hier in de stationsrestauratie voor vertrek terug naar de States. Het viel hem altijd moeilijk, dat vertrek, gewoon… moeilijk. Een keer zei hij dat het gebied waar hij zo graag lag en blies, nog veel mooier zou kunnen zijn: ‘More trees, bushes, some water, a little zoo, plenty of room for the gay people, music festivals’.
Het kwam ook toenmalig burgemeester Adriaan van der Meulen ter ore, die meteen de aanleg van recreatiegebied De Groene Ster op de agenda zette. Vandaag de dag zijn alle inwoners van Leeuwarden en verre omstreken intens blij met alle muziekfestivals die daar elke zomer plaatsvinden, zo lezen we tenminste vaak in oude gemeentelijke stukken. Als de eerste beats en grooves door de avondlucht zweven tot in de kleine uurtjes en zelfs daarna, dan denken we in dankbaarheid terug aan deze grote Amerikaan, die het allemaal voor ons bedacht heeft.
===
Picasso begon met graffiti
Graffiti, het beschilderen en betekenen van muren, heet van Amerikaanse origine te zijn. Amerikaanse soldaten die door Europa trokken in de Tweede Wereldoorlog, schreven Kilroy was here op alle platte vlakken, maar in de jaren zestig werd het vooral een ding onder jongeren in New York en later overal waar ze maar platte vlakken hadden. Leeuwarden dus.
De Spaanse schilder Pablo Picasso was misschien niet de eerste die aan moderne graffiti deed, maar wel in Leeuwarden. Op en in de oude opstallen van de oude veemarkt aan de Lange Marktstraat kon hij zich uitleven, want de boeren en hun koeien hadden wel wat anders aan hun hoofd om zich druk over te maken dan om het branieachtige ventje.
Hij noemde zijn Leeuwarder tijd onder vrienden altijd ‘el tiempo de mi vida’. Dat heeft iedereen wel een ’tijd van mijn leven’, maar dan gaat het meestal over de eerste keer het bed induiken met een jong mens naar keuze, maar Picasso was kennelijk niet zo van de seks, dat hij het vrije kwasten in Leeuwarden belangrijker vond. Sekspartners kun je overal vinden, moet hij gedacht hebben, maar van die oude opstallen waar je lekker tekeer mag gaan met kwasten en spuitbussen en met koebeesten om je heen die er als eerste hun oordeel over mogen geven niet.
Dus kwam de nog jonge Pablo vaak terug naar de stad aan de voormalige Middelzee om zich uit te leven. Hij leerde zelfs een mondje Liwwadders. Na gedane arbeid zei hij dan breed lachend vaak: ‘Su, ut het wel weer moai weest’. Hij trok, nog half onder de verfvlekken of was het koeienstront, gewoon de stad in voor een flesje Oranjeboom pils. De ware bohémien dus.
Is er nog wat terug te vinden uit die tijd? Helaas neen. De oude veemarkt is vervangen door de Frieslandhal, die tegenwoordig WTC Expo heet. Op de plek van de oude veemarkt staan vandaag de dag de al weer verlaten Aegongebouwen, waar nu studenten wonen en enkele leuke horecazaken gevestigd zijn. Kent iemand de geschiedenis van de grond? We vroegen het twee studenten.
De eerste is Layla Lo, ze komt uit Kroatië en zegt volmondig ‘No’, wat maar weer eens bewijst hoe eerlijk Kroatiërs zijn. De tweede is Jacques Bontour uit Lyon. Hij studeert Samenlevingskunde aan de NHL en zegt ‘Je ne parle pas Néerlandais, mais Picasso….il est’…. en toen stak hij zijn duim omlaag. Ook eerlijk, maar niet op een manier waarop we hoopten.
Het is helaas een gevolg van de sterk toegenomen desinteresse van jongeren voor cultuur in het algemeen en de blauwe, roze, kubistische, klassieke, surrealistische en abstracte schilderkunst van Picasso in het bijzonder. Gelukkig heeft Pablo dit zelf niet meer mee hoeven te maken. Maar veel Leeuwarders op leeftijd bewaren warme gevoelens aan de altijd blije Spanjaard, met name de oudere meisjes.
====
Miss Marple op de vrijdagmarkt
Miss Marple is hier ook vaak geweest. Onherkenbaar in een scootmobiel. Ja, zoiets kun je haar wel toevertrouwen. Bovendien altijd in zwartwit. Want consequent she is. Omdat ze in de loop van de jaren heel wat misdaden heeft opgelost, moet je er van uitgaan dat ze recht op haar doel afgaat. En niet versaagt.
Op de vrijdagmarkt op het Zaailand hebben ze dat gemerkt. Scootmobielbewoners hebben dat hoe dan ook wel vaker, zo’n houding van ik zit dan wel in een scootmobiel, maar dat wil nog niet zeggen dat je me mag negeren. Dus komen ze vaak met een rotsnelheid op je afscheuren. Je schrikt je een ongeluk, vreest de verbrijzeling van op z’n minst een enkel en doet een of wel twee stappen opzij om erger te voorkomen. Zo komt de scooteraar altijd vooraan.
Ook in supermarkten weten ze altijd hun plek op te eisen. Natuurlijk precies daar waar jij staat te zoeken naar de Nesquick in familieverpakking. Natuurlijk omdat die in de aanbieding is. Of beter: was. Want als de scooteraar uit het zicht is hangt er alleen nog maar een bordje met op=op.
Miss Marple wist veel, zo niet alles. Dus hoefde je haar niets te vertellen over Leeuwarden. Dat wist ze allemaal wel. En toch kwam ze steeds weer terug. Onthou dat. Leeuwarden is zo gek nog niet, zelfs Miss Marple, die alles wist, hield van ons en ook van de Blokhuispoort en de Bonifatiustoren.
Op de vrijdagmarkt wist ze ook waar de worteltjes het goedkoopst zijn, waar je vegers op een lange steel kon vinden en Vlaamse fritten. Steeds als ze een andere marktbezoeker weer eens te vlug af was, klonk haar grinnikende lachje. Je kunt dat een gemeen trekje van haar vinden, maar omdat zij het was nam je het voor lief. Bovendien zorgde dat zwartwitte van haar uiterlijk voor een verzachtend oordeel.
Vroeger dronk Marple vaak kopjes thee in hotel restaurant Amicitia. Dat kun je je wel voorstellen, in haar latere jaren gaf ze de voorkeur aan het restaurant van de Hema. Slim wel, omdat ze dan in één moeite door ook haar worstvoorraad kon aanvullen. Omdat zij zo beroemd is in de hele wereld, besloot de directeur van de Hema later de rookworst tot icoon van de hele keten te maken. Allemaal in Leeuwarden begonnen, echt waar.
==
De broer van de girl woonde hier
The girl from Ipanema is een evergreen van Braziliaanse makelij. Het meisje wandelde in het zachte lied van de grote componist Antonio Carlos Jobim en tekstschrijver Vinicius de Moraes langs het strand van Rio de Janeiro. Iedereen kende het nummer en nog steeds zijn er maar weinigen die zich er niets bij kunnen voorstellen. Maar dat het meisje z’n broer in Leeuwarden woonde, daar sta je van te kijken. Pupu heette hij, spreek uit poepoe. Dat zal ook wel Braziliaans zijn.
Hoe komt? Nou, Pupu was niet, zoals de mannen uit het liedje, verliefd geworden op dat meisje van Ipanema, kan ook niet, want z’n zus. Maar op Dieuwke, die hij had ontmoet op Tienertour in Nederland in de jaren zestig van de vorige eeuw. Dieuwke spoorde wat af in die dagen en ze kon hem in gebrekkig Engels vertellen wat precies stationsrestauratie was. Hij dacht aan bouwvakkers op steigers, maar daar moest Dieuwke erg om lachen. Zo erg zelfs dat haar lichtblauwe rugzakje op de grond viel.
Dus samen aan de koffie en zo en voor hij het wist had Dieuwke een flatje geregeld voor twee in de toen nog gloednieuwe wijk Heechterp, later Vogelaarkrachtwijk of zoiets. Daar zat Pupu, de broer van het meisje, dan. Helemaal in zijn kracht nog, want pas begin twintig en Dieuwke had dan wel een gekke naam, maar ook een hallucinerend voorkomen, dat de Rionees wel beviel. Ze gingen de stad in en bekeken de toen al moeizaam pruttelende Mercuriusfontein, waarop Pupu toegaf dat Rio het niet haalde bij Leeuwarden. Dat klopt ook wel, want Leeuwarden haalt het evenmin bij Rio.
De twee liepen verder, voerden de eendjes in de Prinsentuin en toen kwam het: Pupu zong in de lege muziekkoepel zonder haperen The girl from Ipanema. In het Liwwadders, want dat had Dieuwke hem geleerd.
Lang en brún en jong en skitterend
Ut mokkel fan Ipanema loopt foar my út
As se foorbij gaat, elkeneen die se passeert
doet daboe-di-di-daa
As se loopt siet se der út as un samba
die sú swingt en swaait as un fette paling
Dus as se foorbij gaat, elkeneen die se passeert
doet daboe-di-di-daa
Leuk om te weten toch als je weer eens door Heechterp loopt, waar Dieuwke en Pupu al lang niet meer wonen, maar wat maakt dat uit. Leeuwarden heeft toch maar mooi een muzikaal lijntje met Rio. Dieuwke is later getrouwd met Sjoerd en woont vermoedelijk in Minnertsga, Pupu is teruggekeerd naar Rio en heeft daar een bloeiende Reiki-praktijk.
===
Mahatma Gandhi en het park
Hij is misschien wel de minst eisende mens op aarde geweest. Hij geloofde in eenvoud en soberheid, lijdzaam verzet natuurlijk en hij hekelde de ambitieuze instelling van altijd maar meer meer meer. Geen wonder dus dat hij een keer in Leeuwarden terecht moest komen. Gewoon lopend vanuit Bombay, dus niet op de comfortabele rug van een olifant, maar gewoon op z’n blote voeten in van die sandaaltjes. Dan is het wel even doorzetten, maar hij kon en wilde dat.
Toen enkele Leeuwarder aanhangers van de dunne wijze man langs de stoep van de Schrans stonden om hem welkom te heten, kregen ze tegenslag op tegenslag te verduren. Steeds kwam hij maar niet, tja, wat wil je ook, Bombay ligt niet naast de deur. De aanhangers gingen zachtjes morrend, want lijdzaam, weer op huis aan, om het de volgende dag, week, maand, zelfs het volgend jaar nog eens te proberen.
We schrijven eind 1945, dus vlak na de verschrikkingen van de Tweede Wereldoorlog, waar India niet direct bij betrokken was. Dus kon hij al tijdens de Nederlandse bezettingsjaren welgemoed op pad gaan, wetend dat hij dan precies na Dolle Dinsdag aan zou komen. Knap wel, dat hij dit kon voorzien, maar werkelijk grote geesten kunnen dat, Gandhi niet op de laatste plaats.
In de Schrans klonk een ingetogen hoera, toen de in witte lompen gestoken Indiase leider de hoek om kwam strompelen bij de Expert, of wat later de Expert zou worden, speciaalzaak in wit, bruin en ander goed met vaak een antenne en bijna nooit meer een kabel. Draadloos heet dat.
Hij stak zijn hand kort op, zoals een handelsreiziger in die jaren deed als hij een taxi zocht om hem naar Grand Hôtel De Klanderij te laten brengen. Een enkeling wilde opnieuw hoera roepen, maar dat vond Gandhi echt te veel van het goede en ook niet sober genoeg. Bovendien wist hij niet zeker wat het betekende, al zeggen sprekers van het Hindi Hurre en Esperantisten Hura, wat er allebei toch best in de buurt komt.
Gandhi geloofde in de niet aan machtsblokken gelieerde kunsttaal Esperanto, daarom wilde hij ook dat er een park naar de bedenker van die taal genoemd zou worden. Nou had Leeuwarden sinds 1942 een nieuw park, met de onalledaagse naam Oosterpark, toepasselijk gelegen in het oosten van de stad. Gandhi is toen een kopje lindebloesemthee gaan drinken met de toenmalige wethouder voor parken, bomen en struikgewas, maar omdat gemeentelijke molens langzaam draaien of zoiets duurde het nog tot 1959 voor het park de naam van Zamenhof kreeg. Gandhi heeft dat niet meer meegemaakt op aarde.
Mooi dat we dus in de vorm van zo’n groene oase nog dagelijks aan de lijdzame verzetsman kunnen denken in onze eigen stad. Een daar vaak vertoevende dakloze man, die ik het verhaal vertelde, stak zijn duim op voor hij de vlam in zijn joint sloeg. Ik wilde dit, in de geest van Gandhi, duiden als een persoonlijk eerbetoon.
===
Einstein weet het even niet meer
Vanaf de achterbank in een auto kijk je toch anders naar de wereld dan wanneer je zelf stuurt. Misschien was dit de verklaring dat Albert Einstein, die toch niet van de straat was, helemaal vastliep in Bilgaard, waar het soms wel even zoeken is naar de juiste route. Zijn chauffeur zat met de handen in het haar, wat je eerder van Einstein zou verwachten, maar toen hij in zijn achteruitkijkspiegel keek, zag hij dat zijn opdrachtgever ook zijn vingers door zijn lokken haalde. Nu eens niet voor imagodoeleinden, maar echt. Uit pure wanhoop.
Wat moet Einstein hier gezocht hebben, zo vlak achter Skrok en Dulf? Wij lagerbegaafden komen daar niet gemakkelijk achter. Elke verklaring kan de onjuiste zijn. Mogelijk heeft het iets te maken gehad met zijn beroemde lezingencyclus. In het wijkcentrum in de Hooidollen worden wel vaker dingen georganiseerd, denk aan de grote rommelmarkt, de 50+-bingo, de sjoelclub en de trekharmonicacursus. Daar paste Einsteins voordracht natuurlijk prachtig tussen.
Bilgaard is een multiculturele wijk met wel honderd verschillende nationaliteiten en Einstein was ook al geen Nederlander, laat staan een Fries. Dus mocht hij gehoord worden. Volgens Jeffrey, iemand die destijds ter plekke is geweest, heeft hij het vooral gehad over de brownsebeweging in het algemeen en de diffusiecoëfficiënt in het bijzonder. Uiteraard zonder de niet onbelangrijke Reynoldsgetallen te vergeten.
Na afloop ging Einstein nog even gezellig mee naar de snackbar bij het winkelcentrum om er een broodje bapao te eten met een colaatje erbij. Hij maakte indruk op de aanwezigen door te informeren naar de resultaten van Cambuur, de club die hij vanuit zijn huis in Princeton (New Jersey) nauwlettend zei te volgen.
Daarna moet hij weer zijn ingestapt, waarop de chauffeur opnieuw het spoor bijster raakte. De geleerde en zijn begeleider hebben nog zeker twee uur rondjes gereden om de rondweg terug te vinden. Einstein stuurde een dag later een telegram aan het bestuur van het wijkcentrum dat hij de smaak van het broodje bapao zijn leven lang met zich mee zal blijven dragen. Of dat als een compliment moest worden opgevat, is niet meer te achterhalen. Voor belangstellenden: enkele van de zo kenmerkend witte haren van Einstein zijn te bezichtigen in een slagvaste vitrine in het wijkcentrum, direct naast de opslag van de sjoelbakken.
===
Mozart en de pramen
Watersportliefhebbers kennen we veel in deze contreien. Wolfgang Amadeus Mozart was er ook zo eentje. Hij reisde naar de lage landen en specifiek naar Leeuwarden, omdat hij zelf wilde beleven hoe het was om over het water te glijden, zoals hij dat noemde. Nog onwetend van de Elfstedengekte die zich pas begin twintigste eeuw begon te manifesteren. Maar glijden kan altijd, want water is voor eeuwig.
Dat Mozart Nederland heeft aangedaan, Amsterdam, Den Haag, Utrecht en Haarlem is bekend, maar dat hij bij zijn reisgezelschap maar bleef drammen over Leeuwarden is in de gangbare geschiedenisboekjes altijd weggemoffeld. Zijn karakter had dus ook zo z’n onaangename kantjes. Het was de tijd van de trekschuit en ander ongerieflijk vervoer, maar hij is hier gekomen, vraag niet hoe, iets met paarden waarschijnlijk.
Eenmaal in Leeuwarden riep een plaatselijke watersportdeskundige meteen ‘Aber Wolf, können Sie nicht besser die Schneeker oder Schloter See besuchen? Oder vielleicht die Piksee’. Maar nee, dat wou hij niet. Mokkend weer, ja dus weer dat nare trekje. Hij begon over varen onder de Lange en andere pijpen door, waarbij hij vermoedelijk een associatie had met orgelpijpen. Daar had Johan Sebastian het wel eens over, waaruit hij foutief concludeerde dat Bach hier ook geweest moest zijn met al diens geniale muzikale stukken tot gevolg. Maar daar zijn geen aanwijsbare sporen van teruggevonden. Bach is waarschijnlijk nooit in Leeuwarden geweest.
Mozart dus wel. Hij wandelde over de singels en keek zijn ogen uit. ‘Seh mal, ein Wohnschiff’. Hij riep soms ook met luide stem vreemde klanken, om te leren van de Leeuwarder echo’s, zat urenlang te turen op een bankje in de Prinsentuin, kocht een roos bij Romke en liet zich, want daar ging het hem vooral om, rondvaren. Het was voor hem een ware revelatie, hoe dan ook een fijne verrassing. Hij genoot, liet zijn beroemde pianovingers in het water naast de boot bungelen om zo de Friesche kietelingen te ervaren, die wij Leeuwarders allemaal zo gewoon vinden. Terwijl ze dat voor anderen werkelijk niet zijn. Dat mogen we ons wel eens wat beter realiseren.
Waar Mozart precies gevaren heeft, is niet meer te achterhalen op twee plekken na. In de omgeving Snakkerburen moet hij uitgeroepen hebben ‘Nicht weiter, bei Gott, nicht weiter’ en in de bocht van de westerstadsgracht richting Vrouwenpoortsbrug had hij gevraagd of hij daar misschien ook ergens een kopje koffie kon krijgen met wat lekkers erbij. Dat kon toen nog niet, want STEK is van later datum, maar als de bediening nu aan je vraagt als je koffie besteld hebt ‘wilt u er ook wat lekkers bij?, dan weet je hoe dat gekomen is. Het is pure Mozart. Tot de dag van vandaag.
Eenmaal weer aan wal, moet Mozart diep gezucht hebben. ‘Ein Wunder’, sprak hij, ‘warum gibt es noch nicht eine Stiftung Lastkahnsegeln in diese herrliche Stadt’. Jawel, ook dat is dus een stukje stadsgeschiedenis, waar je als gewone Leeuwarder in de eenentwintigste eeuw nooit bij stilstaat. Dat de nu uiterst succesvolle Stichting Praamvaren ooit bedacht is door de Salzburgse meestercomponist. Welke stad kan dat nou zeggen?
===
Mao en Anita bij de Grote Wielen
Elke Leeuwarder is wel eens bij de Grote Wielen geweest. Om de koffie op het terras, een fijne tournedos, dobberend op het water of hengelend naar vis. Ook is er vroeger wel geschaatst, al ben ik even kwijt wat dat precies was. Maar het had met een koud jaargetijde te maken. Als de zon schijnt wordt er veel gezwommen. Ook verderop, bij het surfstrandje.
Nou precies daar, verscheen zo’n vijftig jaar geleden een Chinese man, die alle tijd nam om zijn kleren af te pellen. Een onopvallend pak, van boven van dezelfde stof als van onderen. Eenvoudig. Categorie: ast mar un broek an hest. Dus precies zoals de gemiddelde Leeuwarder er ook over denkt tot de dag van vandaag. De Chinees was allerminst preuts. Hij moet gedacht hebben: alle mensen zijn hetzelfde of zouden hetzelfde moeten zijn, hoe dan ook, hij deed alles uit. Dat was nog wel even een dingetje in het Leeuwarden van die tijd, maar aanstoot, nee, dat nou ook weer niet.
De Chinees wandelde richting strandje, stak een teen in het water en liep toen vastberaden verder tot alleen zijn hoofd nog boven het water uitstak. ‘Dat doën ik ‘m niet na,’ zei een jonkje tegen zijn vriendje. Begrijpelijk, want zo’n jonkje is ook niet op aarde om de Chinese revolutie te leiden en dat was deze Chinees nou juist wel.
Het hoofd van de Chinees dobberde, zo leek het wel, steeds verder van de kant. De man zwom met trage, maar getrainde slagen. Niemand wist wie het was, maar het bleek Mao Tse Toeng, die later opeens Mao Ze Dong moest gaan heten, zoals ook zijn woonplaats van naam veranderde. Peking werd Beijing. Eigenlijk niet natuurlijk, want Chinezen schrijven het in hun eigen taal, dus is dit westerse gekkigheid, alles maar verengelsen. Zoals sommigen ook menen dat de Grote Wielen Grutte Wielen moeten heten.
Maar we dwalen af, of eigenlijk drijven we af. Het duurde maar en duurde maar, dat zwemmen van de Chinees. Op de kant duwden mantsjes hun petsjes naar achteren. Dat doen ze ook altijd in films als ze iets niet begrijpen. En wat in films gebeurt is waar, dus gaan echte mensen zich ook zo gedragen. ‘Komt dit wel goëd?, sprak er een. Dat zeggen ze dan altijd, zonder een poot uit te steken. Van mienskip hadden ze nog niet gehoord, want het was nog lang geen 2018.
Toen kwam het hoofd weer wat dichterbij. En het zag er ontspannen uit. Heel bijzonder. Ook bijzonder was het dat er nog een hoofd dobberde. Het was het hoofd van Anita Ekberg, de sexy Zweedse filmster, die naar verluidt alle mannen het hoofd op hol bracht. Stel je toch eens voor niet enkele mannen of veel mannen, maar álle mannen. Ongekend. Maar dus ook Mao.
Een journalist die voorzien was van een camera met een grote flitsmachine er bovenop kwam aangesneld in zijn van enorme vleugels voorziene Amerikaanse slee om de beroemde revolutionair op de gevoelige plaat vast te leggen. Dan zou het misschien nog mee kunnen in de middageditie van de plaatselijke courant, want er was nog geen internet en zo. Hij knipte er vrolijk op los. En maar flitsen en flitsen tot Mao riep: 不要那麼做, wat vrij vertaald overeenkomt met ‘Stop daarmee’. Maar ja, fotograafjes van de lokale courant spraken natuurlijk geen Chinees en hadden ook geen Google Translate bij de hand, zoals ik, dus ging het ventje door met zijn mieterse arbeid.
Toen werd het Mao een beetje te veel. Hij riep tegen Anita: 也做點什麼, wat vrij vertaald neerkomt op ‘Doe verdomme ook eens wat’. Waarop het hoofd van Anita Ekberg steeds dichterbij het strandje kwam en zij na een minuut of tien aan wal geraakte in haar volle naaktheid. Nou, toen wist het persmannetje niet hoe snel hij zich uit de voeten moest maken, want er ging een enorme dreiging van zo’n vrouw uit, dat viel niet te ontkennen. De jonkjes keken vanachter de bosjes toe, leerden zo op jonge leeftijd al het een en ander. En zij zijn ook degenen die er voor hebben gezorgd dat wij nu de waarheid kunnen lezen over Mao Tse Toeng en Anita Ekberg, die samen zwommen bij het Leeuwarder surfstrandje aan de Grote Wielen.
=======================
Vladimir Poetin in het Naauw
‘Потяндорие’ riep Vladimir Poetin nog niet eens zo heel lang geleden in cyrillisch schrift, toen hij aan de cappuccino zat bij Paddy O’Ryan aan de Tweebaksmarkt. Het ging niet om dat alleraardigste blaadje in het melkschuim of het meegeleverde dúmke. Dat had je ook niet verwacht, maar om het uitzicht van de Ierse pub. Even vertalen, de Russische sterke man, die net begonnen was aan zijn uitzichtloze oorlog in Oekraïne, riep vrij vertaald potjandorie. Best nog een nette kreet voor zo’n dictator, maar hij is ook altijd erg ontspannen als hij hier is.
Het uitzicht dus, dat met het Provinsjehûs inclusief ‘fytsekelder’, want de ambtenaren aldaar begrijpen alleen Fries, de kunstwinkel Ogenblik en verderop de vermoedelijk laatste brievenbus van de stad. Als je Poetin niet goed zou kennen, zou je denken wat nou, wat nou, maar de Russische eerste man zegt zoiets niet ‘zo maar’. Hij zag commissaris van de koning Arno Brok lopen, dat was het. Grote leiders herkennen elkaar, al is de een een stuk bloeddorstiger dan de ander. Dus voor alle duidelijkheid: Brok is geen Poetin en Poetin geen Brok.
Dat neemt niet weg dat leiders waardering, zelfs bewondering voor elkaar kunnen hebben. Gewoon als vaklui onder elkaar. Brok doet het dan ook maar even: zo over straat zonder beveiliging of betonblokken voor de deur. Dat vind ik dapper, moedig…. en meer, zei Poetin tegen de man achter de tap, die er geen jota van begreep, maar dat komt natuurlijk omdat hij alleen aan Iers doet. Een Nederlands woord als koffie of bier verstaat hij ook niet. Dat zijn nu eenmaal de mores van de zaak.
Poetin, die Brok al eerder voorbij zag snellen in het Naauw, stond meteen op, wierp een briefje van tachtig roebel op de tapkast en liep achter Brok aan. Dat kan toch zo maar hier, al heeft Poetin wel altijd beveiliging bij zich, onopvallend gekleed zonder zonnebrillen en trenchcoats, gewoon in een leuke korte rok. Ze volgen hem waar hij gaat in zijn verschrikkelijk doorsnee rode Citroën C1. Leeuwarders zien hem niet, die laten bovendien iedereen in hun waarde.
Na enkele minuten haalde Poetin Brok in om de totaal verbouwereerde Friesche gouverneur kort de hand te schudden. Misschien wilde hij ook nog een handtekening, maar toen was Brok al naar binnen. En Poetin had nu eenmaal geen afspraak of een toegangspasje. Toch zal hij het beeld van Brok nooit vergeten. Denk daar maar eens aan als Iris de Graaf het op tv weer eens over Rusland heeft.
Meer berichten
- Het was weer een dolle boel tijdens de nieuwjaarsreceptie van de provincie Fryslân
- Burgemeester Buma, hoe zit het met ondermijning vanuit gemeentelijke organisatie? (update)
- ABNAmro: Voor 452.000 woningeigenaren moet het mogelijk zijn denken wij – samen met TNO – om met gesloten beurs te verduurzamen
- Koopwoningen in december bijna 6 procent duurder dan jaar eerder – gemiddelde transactieprijs 480.051 euro
- Werkgevers kunnen online uitingen personeel niet zomaar begrenzen – Efteling mag niet zomaar verbod instellen
- Journalist Ignace Schretlen: Je wordt als senior minder serieus genomen
- Meer arme werkenden in 2024 – Zzp’ers vaker arm
- Politici missen kennis en interesse in de bedreigingen van big tech
- Femke Molenaar moet met de billen bloot – nieuwe partij SLIM is reactie op werkwijze GroenLinks/PvdA
- Je kunt roddelen inzetten voor samenwerking en wedijver
- Raad voor Cultuur roept op tot actieve bescherming van artistieke vrijheid
- VVD wil langere openingstijden horeca tijdens WK voetbal (nu met tip)
- Is het college bekend met de inhoud en problematiek zoals geschetst in de brief van Mixed Hockeyclub Leeuwarden
- Dag meneer Pennewaard, waarom komen mensen die verstand hebben van natuurkunde en kunnen rekenen bijna nooit in de krant aan het woord? (nu met reactie)
- Nieuwe Omroep Hermes in Leeuwarden stelt kwalitatief hoge eisen
- Wethouder Reitsma (CDA) trekt kritiek op Omrop in: Ik had zorgvuldiger taal moeten kiezen
- Grensoverschrijdend gedrag: hulpverleners doen dat toch niet?
- FNP Politiek Café – mechanische gebreken bij Grou mobiel – problemen met Oekraïense vluchtelingen – contact wijkagent Grou moeilijk – fouten bij Mercuriusfontein
- Almachtige PvdA sluit wijkbibliotheek, een bonbondoos met heerlijkheden (uit ons archief)
- Raadsleden op stap met politie in nachtelijk Leeuwarden: alles onder controle
- PEL stelt vragen over woningtoewijzingsbeleid woningcorporatie Elkien
- De vraag waarom bepaalde kiezers in 2021 en 2023 nog wel op Laurens Dassen stemden en nu niet meer, komt niet aan bod
- Streep door Regionaal Opvangcentrum aan de Troelstraweg – FNP: college blijft ongevoelig voor omwonenden
- Professionele podia trekken 10 procent meer bezoek
- Waarde landbouwexport ruim 8 procent hoger in 2025
- Als de mevrouw met haar erotische verhalenboek de deur uit is, zit ik weer een half uurtje alleen
- Huub Mous: Ton Broekhuis (Noorderlicht) schandalig behandeld
- De inspirerende overlevingskunst van het opbouwwerk
- Sietske Poepjes: Ik heb nog nooit zoveel kift meegemaakt
- Volop agressie tegen lokale politici: ‘Na sommige berichten loop ik anders over straat’
- Omrop Fryslân, RTV Drenthe en RTV Noord winnaar van de LangmanPrijs
- Het Heilige Roomse Rijk en de Friese vrijheid
- Nieuwe politiek voor mensen met een arbeidsbeperking?
- Meer bestaande koopwoningen verkocht, minder nieuwbouw
- Iconische slogan Kip, het meest veelzijdige stukje vlees krijgt nieuw leven
- Zevende Dag van de Elfstedentocht in Sneek – Schaatshistoricus Jurryt van de Vooren over de Oranjes en hun warme band met ijs
- Nog een scholenfusie: Voorgenomen bestuurlijke fusie in noord Friesland
- Sybe Knol: Sykje jim noch in aardich en unyk kado foar ûnder de krystbeam? Der binne ek strûpen te krijen
- Praat Nederlands met me
- Debat Landbouwmuseum: Niet alles kan overal




