NHL-gezicht stapt na de zomer op en Noord-Nederland verstookt veel Europese subsidies. Twee ogenschijnlijk ongerelateerde berichtjes van de afgelopen dagen. Verrassend nieuws, het opstappen van Willem Smink als voorzitter van het College van Bestuur van de NHL Hogeschool. Voor de komende fusie met overbuurman Stenden Hogeschool maakt hij ruimte, zo heet het althans. Vanwege de meivakantie viel er in de spreekwoordelijke wandelgangen geen nadere onderbouwing van welke aard dan ook te bespeuren. Die fusie is voor wethouder Henk Deinum met zijn 1000-banenplan geen goed nieuws: er gaan tientallen banen verloren. Het plussen en vooral minnen voor de eindbalans dient wel correct te verlopen. De vertrekkende topman haalde een paar jaar geleden de voorpagina van de Leeuwarder Courant met de ambitie een leidende rol te willen spelen in een Fries / noordelijk Silicon Valley. Niet veel later werden de slechte rapportcijfers van de Keuzegids Hoger Onderwijs bekend en sindsdien hebben we van die ambitie (gelukkig) niks meer vernomen. Smink claimt ook enig succes richting het Innovatiecluster in Drachten, maar dat lijkt mij misplaatst. Volgend jaar gaat de elfde faculteit van de Rijksuniversiteit van Groningen in Leeuwarden van start als opvolger van de netwerkorganisatie UCF. De eerste voorgestelde opzet van die organisatie was een schakelklasje voor afgestudeerden van de NHL Hogeschool die het niet haalden op Technische Universiteiten. Oorzaak: onvoldoende kennis van wiskunde. Dat schakelklasje ging terecht niet door, ambitieuze studenten moeten zelf als onderwijsconsument beter onderwijs eisen en het kan niet de bedoeling zijn dat de samenleving voor de tweede keer bijdraagt voor falend onderwijs. Dankzij UCF is er wel op kosten van het bedrijfsleven een apart klasje gekomen voor studenten die bij bedrijven van het Innovatiecluster willen werken. Het initiatief was niet afkomstig van de hogeschool, met de kwaliteit van het onderwijs aldaar is al langere tijd het nodige mis.
Dat Innovatiecluster is sinds enige tijd het toneel van een bestuurlijk speeltje genaamd Region of Smart Factories ( http://www.rosf.nl ). De Noordelijke Ontwikkelingsmaatschappij (NOM) is penvoerder en die meldde recentelijk triomfantelijk dat het project in een jaar tijd 125 nieuwe banen heeft opgeleverd. Prachtig natuurlijk, op het eerste gezicht. Op bovengenoemde website het bericht bestudeerd, het project kent helaas ook tegenvallers: drie deelnemende organisaties zijn afgehaakt. Onder de participanten die failliet gingen was INCAS3. Wat Wetsus voor watertechnologie is, had INCAS3 voor sensortechnologie moeten zijn. Tien jaar later en 50 miljoen euro armer is sensortechnologie als economisch speerpunt definitief ter ziele. Eerder sneefde stichting Sensor Universe al. Sensortechnologie kan best wel lucratief zijn, bekijk de laatste lezing over Big Data op de website van de Leeuwarder Courant http://www.lc.nl/dossier/toekomstmakers . Een noordelijk bedrijf heeft een apparaat ontwikkeld waarmee melkmonsters met licht van uiteenlopende frequenties geanalyseerd worden. Veel goedkoper dan de gangbare chemische analyses. Een fraai staaltje systeemintegratie, de vereiste sensor is de anderen ontwikkeld en het verband tussen meetresultaten en de samenstelling van de melk is door een buitenlandse universiteit vastgesteld. Maakt allemaal niet uit, het bedrijf heeft op basis van sensortechnologie een werkend verdienmodel gevonden. En dat is het enige dat telt in de marktsector. Helaas begrijpen veel noordelijke bestuurders en beleidsmakers dat niet en dat is de belangrijkste reden dat er zoveel subsidiegeld wordt verstookt.
Hopelijk leidt de komst van de genoemde elfde faculteit tot een kwaliteitsimpuls bij de gefuseerde hogeschool. Nieuwe producten ontwikkelen vergt veel natuurwetenschappelijke kennis en die moet natuurlijk wel worden onderwezen.



