Gerrit Elzinga, hét gezicht Friese archeologie, overleden

Gerrit Elzinga, oud-provinciaal archeoloog van Friesland overleden
door oud-collega Evert Kramer
Gerrit Elzinga (Amsterdam, 10 juni 1923 – Goutum, 8 mei 2017)) volgde een opleiding in tuinachitectuur aan de middelbare tuinbouwschool te Boskoop en plantveredeling in Wageningen. Na de oorlog tijdens zijn werk in proeftuinen bij Elst in de Betuwe kwam hij regelmatig in aanraking met de officiële archeologie. Dit door het doen van vondstmeldingen in het sterk door oorlogsschade getroffen gebied. Hij richtte een archeologische presentatie over de geschiedenis van Wageningen in. Van 1950-1959 was Elzinga als conservator van de Gelderse Archeologische stichting verbonden aan het Gemeentemuseum Arnhem.
Van 1959-1988 vervulde hij de functie van provinciaal-archeoloog in Friesland, verbonden aan zowel het Fries Museum als ook het toenmalig Biologisch-Archeologisch Instituut van de Rijksuniversiteit Groningen. Professor dr H.T. Waterbolk, de hoogleraar-directeur aan dat instituut en de Friese historicus-archeoloog dr Herre Halbertsma (destijds bestuurslid van het Fries Genootschap en jarenlang verbonden als adjunct-directeur aan de Rijksdienst voor Oudheidkundig Bodemonderzoek in Amersfoort, kortweg ROB, thans RCE geheten) bepleitten destijds Elzinga’s komst naar Friesland waar hij zich van meet af aan voortvarend van zijn vele opgedragen taken kweet.
Er was veel te doen want het Fries Museum ontbeerde al bijna tien jaar een archeoloog, na het gedwongen vertrek van de bekende rechter-archeoloog mr P.C.J.A. Boeles die het terpenonderzoek van de eerste helft van de twintigste eeuw in zijn eentje bestierde, weliswaar vanuit de leunstoel van de wetenschap. Opgravingen verrichtte hij niet zelf.
In zijn dubbelrol van conservator en onderzoeker-opgraver was Elzinga nauw betrokken bij ruim honderd grote en kleinere opgravingen in de terpen, in oude stadskernen op plekken die vrij kwamen na sloop van panden, in kerken. Vooral toen vloerverwarming in de mode kwam, en op locaties van tientallen oude kloosters, maar ook in de venen, op zoek naar verlaten nederzettingen, en op de zandgronden op zoek naar kampementen van jagers en nederzettingen van de vroegste boeren van Gaasterland en het Fries-Drents plateau, onder andere Stellingwerven en Opsterland. De Lutineprijs ontving hij voor zijn jarenlang onderzoek naar de resten van het Strieper kerkhof te Midsland op Terschelling waar ze inderdaad bij honderden stonden en bij duizend lagen…
De huidige provinciaal-archeoloog prof. Dr Gilles J. de Langen maakte dankbaar gebruik van diverse resultaten van opgravingsactiviteiten van Elzinga bij het schrijven van zijn proefschrift over de wordingsgeschiedenis van middeleeuws Oostergo.
In Leeuwarden is Elzinga vast nog wel bij de oudere lezers bekend van zijn grootschalige opgravingen aan het Gouverneursplein, tijdens bouwactiviteiten aan de Speelmansstraat, op het Zaailand – tijdens aanleg bouwput eerste parkeergarage 1978 -, en tijdens het vastleggen van funderingsresten van het vroegere Amelandshuis op de Voorstreek, midden jaren tachtig in de vorige eeuw.
Elzinga was tijdens zijn loopbaan in het Friese heel veel in het nieuws en mag worden beschouwd als een belangrijke promotor van de Friese archeologie bij het brede publiek. Het is aan zijn optreden, waarmee hij de Friese archeologie een gezicht gaf, te danken dat de archeologie een breder draagvlak heeft gekregen. Dit heeft de weg vrijgemaakt voor veel tegenwoordige onderzoeken.
Naast zijn functie als provinciaal-archeoloog was Gerrit Elzinga medeoprichter van de amateurvereniging Argeologysk Wurkferban, waarvan hij tot zijn dood erelid was.
Een keuze uit de honderden artikelen van de hand van Gerrit Elzinga zijn:
- “Nederzettingssporen van rond het begin onzer jaartelling bij Sneek” De Vrije Fries 45 (1962): 68-99.
- “Het verdronken Esonstad: “Wahheit oder Dichtung?” Waddenbulletin 4 (1969): 8-12.
- “De opkomst van de belangstelling voor de archeologie van Friesland” De Vrije Fries 53 (1973): 68-80.
- “Rondom de “Vikingschat van Winsum”” De Vrije Fries 55 (1975): 82-122.
Verder publiceerde Elzinga regelmatig in tijdschriften als Westerheem, Verslagen van het Fries Genootschap, Verslagen van het Fries Museum en It Beaken. Voor een volledig overzicht wordt verwezen naar de Jaarverslagen van de Vereniging van Terpenonderzoek, jaargang 1990.
Ik kreeg als student prehistorie voor het eerst contact met hem op het instituut door zijn jaarlijkse traktaties op door hem zelf gebakken lekkernijen met gedicht tijdens Sinterklaas. Jaarlijks zag men op het instituut in spanning uit naar de goede Sint uit Heitelân met zijn berichten over ons in dichtvorm. Hij schuwde daarbij kritiek nog lof over student of prof.
Hij testte me tijdens een eerste ontmoeting daar op mijn goudkennis door me een dukaat aan te reiken en me daarover te bevragen. Nog weer wat later kreeg ik van hem een telefoontje uit Leeuwarden, over hem ter ore gekomen opgravingsplannen in Oldeholtwolde die hem officieus hadden bereikt. Hij gaf me te verstaan dat we daar op het instituut goed moesten begrijpen dat dit alles wel via hem als provinciaal-archeoloog van Friesland moest lopen. Vooral wat de pers daar in het Friese over ging schrijven. Kortom, kapers op zijn kust dat duldde hij niet!
Hij stond op z’n strepen en gelijk daarin had hij. Die wijsneuzen aan de universiteit konden mooi niet om hem heen, daar had hij geweldig schik in, biechtte hij me later een keer op. Ondeugende anekdotes zijn er te over:
Samen met hem met modderlaarzen aan door een directiekeet stiefelen om de hoofdingenieur op stang te jagen. Wij hadden het druk, die man natúúrlijk niet…
Brieven aan alle Friese burgemeester sturen wat ons beiden op briefcensuur kwam te staan van de directie v/h Fries Museum. Daarna ging er maanden geen brief meer uit zonder goedkeuring van de directie. Of het nu aan het lezen van de overstelpende hoeveelheid uitgaande post van de archeologische afdeling lag wat toen noodgedwongen moest worden nagelezen of dat de inhoud inmiddels wat meer strookte met de wens van de directie, daarover laat ik het antwoord aan de begrijpende lezer.
Ons leedvermaak over klunzige sprekers, daar kan ik uren over uitweiden maar u gelooft mij zeker al wel, met Gerrit heb ik mooie, onvergetelijke jaren samengewerkt in de rollercoaster van de toenmalige Friese archeologiebeoefening. Wij tutoyeerden mekaar nooit maar voor deze ene keer doe ik dat wel.
Het eerste jaar van mij in Friesland had ik weinig met hem te maken toen ik was aangesteld in een tijdelijke regeling die via Groningen liep en via mijn toenmalige professor daar, Waterbolk. Ik had een eigen opgravingsteam en deed onderzoek langs de toen aan te leggen Rijksweg 9, tracé Midlum–Dronrijp.
Maar ja, na een jaar zat mijn termijn er op. Volgens directie Fries Museum en het BAI deed ik er verstandig aan toch alles op alles te zetten vaste voet in Friesland te krijgen. Dat kon aanvankelijk niet anders dan assistent te worden van Elzinga, in zijn afdelingsteam. Nu ja, wat doe je in dat geval, banen lagen er ook toen al niet voor het opscheppen, ik had een gezinnetje te onderhouden, en, Elzinga was de kwaadste niet volgens insiders maar ik moest wel alert blijven, hij had soms zijn streken waarschuwden de doorgewinterde collega’s van hem in Groningen.
In mijn herinnering heb ik maar drie keer wat woordenwisselingen met de baas gehad in bijna tien jaar tijd en als baas gedroeg hij zich niet echt als zodanig tegenover mij maar was zeer toegankelijk en behulpzaam in alles. Ik volgde hem na wat jaren de facto op als afdelingsbaas op kantoor en in het veld – bedoeld om hem in toom te houden tijdens zijn archeologische strooptochten door het Friese land. Tot 1988 toen zijn pensioen kwam was hij weliswaar de jure de baas maar was feitelijk bezig met het uitwerken van zijn opgravingen. De archeologische dienst omvatte meer dan tien medewerkers die uiteenlopende taken uitvoerden.
Er viel heel wat te doen: monumentenlijsten samenstellen en naleving controleren, exposities maken, ruilverkavelingen begeleiden, inventariseren van aanwinsten, vondstmeldingen te velde natrekken, publiceren en correspondenties. Ook het lezingencircuit nam jaarlijks in omvang toe. In elk dorp hebben we onze sporen nagelaten. Het meest tijdrovend waren vanzelfsprekend de vele, vele noodopgravingen. Waarbij de vuistregel was dat elke week buitenwerk circa 13 weken binnenwerk voor uitwerking van gegevens betekende. Nu waren sommigen meer buiten dan binnen wat uiteindelijk leidde tot chronisch toenemende achterstanden in de uitwerking van gegevens.
Ook nu nog vandaag de dag zouden zo maar een paar hoogst interessante studies zijn te wijden aan analyse van opgravingsresultaten uit die periode van onderzoek. Denk bijvoorbeeld aan het Stavorenonderzoek, een overzicht van de vele kerkopgravingen, uitwerking van het Zaailandmateriaal (een overzicht van 500 jaar wonen aan de Prins Hendrikgracht), de resultaten naar aanleiding van het tweejarig onderzoek op een middeleeuwse Wüstung bij Siegerswoude, ook wel Voorwerk geheten. Elzinga lukte dat na zijn pensionering niet meer. Wat jaren daarvoor was hij per fiets geschept door een auto waarna weken voor zijn leven werd gevreesd. Wel heeft hij nog jarenlang in het Hannemahuis in Harlingen gewerkt aan de uitwerking en publicatie van zijn opgravingen daar.
We hielden mekaar nauwlettend in de gaten die laatste paar jaren zonder dat het echt vervelend werd voor ons beiden. Elegante constructies bedacht door Waterbolk en Boschma, destijds directeur van het Fries Museum en iemand die op gespannen voet met Gerrit stond. Dat had ook een pikante reden toen de directeur naar Wijns verhuisde en men hem daar vroeg wat hij voor de kost deed. Ik ben de directeur v/h Fries Museum was Boschma’s antwoord, waarop de man vreselijk in de lach schoot en ten overstaan van meer dorpelingen uitriep, dat moet je Elzinga wijsmaken, die is toch de baas? Wij lezen elke week van hem in de kranten. We hebben uw naam nog nooit gelezen.
Inderdaad, Elzinga was het gezicht van het Fries Museum naar buiten, en vooral van de Friese archeologie en ook dat van de jaarlijks door hem georganiseerde cultuurreizen van het Fries Genootschap.
Gelukkig is hij zijn leven lang op vele momenten een echte kwajongen gebleven wat hem stellig zo’n hoge leeftijd heeft doen bereiken naast de goede genen geërfd van onder meer zijn vaders kant.
Zijn levensdrive, zijn jongheid van geest, z’n levenservaring, prachtige kinderen die alle vijf academische titels dragen inmiddels.
Mijn mooiste beeld van hem blijft me altijd bij, jarenlang zijn geklauter naar de Drachtsterbrug langs de trap met fiets in zijn knuisten, zelfs toen hij de tachtig al gepasseerd was. Weinigen, jong, middelbaar of oud doen hem dat na. Omrijden over het fietspad via de lusglooiing, kom nou!
Ik wens de naaste familie en verdere nabestaanden en kennissen toe dat zij allen mooie herinneringen aan hem koesteren, hij verdient het ten volle.
Gerrit, rust zacht. je hebt met Swichum een mooie plek uitgekozen in dit prachtige, Friese land.
Meer berichten
- Dat vrouwen uit de architectuur verdwijnen is niet de kern van het probleem, maar een symptoom van een verziekte branche
- Het was weer een dolle boel tijdens de nieuwjaarsreceptie van de provincie Fryslân
- Burgemeester Buma, hoe zit het met ondermijning vanuit gemeentelijke organisatie? (update)
- ABNAmro: Voor 452.000 woningeigenaren moet het mogelijk zijn denken wij – samen met TNO – om met gesloten beurs te verduurzamen
- Koopwoningen in december bijna 6 procent duurder dan jaar eerder – gemiddelde transactieprijs 480.051 euro
- Werkgevers kunnen online uitingen personeel niet zomaar begrenzen – Efteling mag niet zomaar verbod instellen
- Journalist Ignace Schretlen: Je wordt als senior minder serieus genomen
- Meer arme werkenden in 2024 – Zzp’ers vaker arm
- Politici missen kennis en interesse in de bedreigingen van big tech
- Femke Molenaar moet met de billen bloot – nieuwe partij SLIM is reactie op werkwijze GroenLinks/PvdA
- Je kunt roddelen inzetten voor samenwerking en wedijver
- Raad voor Cultuur roept op tot actieve bescherming van artistieke vrijheid
- VVD wil langere openingstijden horeca tijdens WK voetbal (nu met tip)
- Is het college bekend met de inhoud en problematiek zoals geschetst in de brief van Mixed Hockeyclub Leeuwarden
- Dag meneer Pennewaard, waarom komen mensen die verstand hebben van natuurkunde en kunnen rekenen bijna nooit in de krant aan het woord? (nu met reactie)
- Nieuwe Omroep Hermes in Leeuwarden stelt kwalitatief hoge eisen
- Wethouder Reitsma (CDA) trekt kritiek op Omrop in: Ik had zorgvuldiger taal moeten kiezen
- Grensoverschrijdend gedrag: hulpverleners doen dat toch niet?
- FNP Politiek Café – mechanische gebreken bij Grou mobiel – problemen met Oekraïense vluchtelingen – contact wijkagent Grou moeilijk – fouten bij Mercuriusfontein
- Almachtige PvdA sluit wijkbibliotheek, een bonbondoos met heerlijkheden (uit ons archief)
- Raadsleden op stap met politie in nachtelijk Leeuwarden: alles onder controle
- PEL stelt vragen over woningtoewijzingsbeleid woningcorporatie Elkien
- De vraag waarom bepaalde kiezers in 2021 en 2023 nog wel op Laurens Dassen stemden en nu niet meer, komt niet aan bod
- Streep door Regionaal Opvangcentrum aan de Troelstraweg – FNP: college blijft ongevoelig voor omwonenden
- Professionele podia trekken 10 procent meer bezoek
- Waarde landbouwexport ruim 8 procent hoger in 2025
- Als de mevrouw met haar erotische verhalenboek de deur uit is, zit ik weer een half uurtje alleen
- Huub Mous: Ton Broekhuis (Noorderlicht) schandalig behandeld
- De inspirerende overlevingskunst van het opbouwwerk
- Sietske Poepjes: Ik heb nog nooit zoveel kift meegemaakt
- Volop agressie tegen lokale politici: ‘Na sommige berichten loop ik anders over straat’
- Omrop Fryslân, RTV Drenthe en RTV Noord winnaar van de LangmanPrijs
- Het Heilige Roomse Rijk en de Friese vrijheid
- Nieuwe politiek voor mensen met een arbeidsbeperking?
- Meer bestaande koopwoningen verkocht, minder nieuwbouw
- Iconische slogan Kip, het meest veelzijdige stukje vlees krijgt nieuw leven
- Zevende Dag van de Elfstedentocht in Sneek – Schaatshistoricus Jurryt van de Vooren over de Oranjes en hun warme band met ijs
- Nog een scholenfusie: Voorgenomen bestuurlijke fusie in noord Friesland
- Sybe Knol: Sykje jim noch in aardich en unyk kado foar ûnder de krystbeam? Der binne ek strûpen te krijen
- Praat Nederlands met me



