Friezen zijn net kleine kinderen volgens de artistiek leider van het project Leeuwarden Culturele Hoofdstad 2018. In een gezin met kinderen begin je ook niet met Pasen over Sinterklaas, zo viel onlangs in de Volkskrant te lezen. Provinciale politici maken zich zorgen over de voortgang van het project en willen graag weten wat er zoal gaat gebeuren. We moeten geduld hebben tot begin oktober, onze spanningsboog zou het begeven wanneer we eerder meer zouden weten. Ik heb zelden grotere flauwekul gehoord. Omdat andere steden die Culturele Hoofdstad zijn geweest het programma ook zo laat presenteerden doen wij het ook. De logica ontgaat mij, ondertussen beweert de organisatie dat touroperators elders in Europa het project in hun (reis)programma (gaan) opnemen. Op Liwwadders.nl zie ik aardige stukjes voorbij komen van een Friese ondernemer in de toeristische sector: die probeert er tenminste nog iets van te maken. We mogen er rustig vanuit gaan dat de meeste touroperators allang bezig zijn met hun reisprogramma voor volgend jaar en dat later dit jaar er geen ruimte meer is voor LWD2018 in de catalogus.. Wanneer de organisatie belast met de uitvoering dit anders ziet dan horen we graag een overtuigend verhaal van het tegendeel. Tot die tijd heeft die Friese ondernemer gelijk en ziet het er niet goed uit voor wat betreft die buitenlandse toeristen.
Is het project LWD2018 bedoeld om de rest van Europa kennis te laten maken met de Friese cultuur? Die draai geeft de voormalige baas van het vroegere Friesland Marketing eraan in de uitgave Fries Journaal. De uitverkiezing tot Culturele Hoofdstad van Europa was op basis van het thema Iepen Mienskip (open gemeenschap) en gaat in feite over de Friese identiteit in relatie tot globalisering. Een open gemeenschap heeft oog voor de kansen van deze wereld, een in zichzelf gekeerde gemeenschap niet. Identiteit en globalisering speelt bij menig verkiezing in diverse Europese landen. De uitdaging: wat is typisch Fries in een wereld die in tal van opzichten zo plat is als een dubbeltje? Volgens de voormalige provinciale pr-baas is het een schande dat er bij de fonteinen voor elk van de elf Friese steden geen Friese kunstenaar betrokken is geweest. Een paar weken geleden zag ik op de website van de regionale omroep een compilatie voorbij komen van opnames gemaakt tijdens bijeenkomsten gewijd aan die fonteinen met in veel gevallen ook een interview met de betreffende buitenlandse kunstenaar. Die kunstenaars hebben niet iets in het luchtledige bedacht, ze hebben zich laten inspireren door de lokale bevolking. Hun kunstwerk is Fries gezien door buitenlandse ogen en past derhalve prima in het thema open gemeenschap: soms zien anderen dingen die jezelf niet (meer) ziet.
De onlangs gehouden tentoonstelling in het Fries museum over de schilder Lourens Alma Tadema was een eclatant succes. Ik heb niemand horen klagen over het geringe Friese karakter van die expositie, het enige Friese aan die man is zijn geboorteplaats. Later dit jaar een tentoonstelling over Mata Hari, wat er Fries is aan buikdansen is mij niet helder. Volgend jaar een hopelijk spraakmakende blockbuster over de in Leeuwarden geboren M.C. Escher. Aan zijn werk valt in geen velden en wegen wat Fries te ontdekken. Niemand zal het bezwaarlijk vinden dat ondanks dat gemis mensen hier dat werk komen aanschouwen. Aan de Franse straattheatergroep Royal de Luxe met die reusachtige poppen valt weinig Fries te ontdekken, wat mij betreft is iedereen welkom om ze te bekijken.
Mensen die in Friesland zijn geweest keren later vaak weer terug. Veel mensen zijn nog nooit in Friesland geweest zodat de eerste en misschien wel belangrijkste uitdaging is om die eens in deze provincie te krijgen. Het maakt mij geen fluit uit om welke reden toeristen hier voor het eerst komen, als ze maar weer terugkomen. Ook na 2018 is er alle gelegenheid om gasten te laten kennis maken met Friese cultuuruitingen, nergens staat dat dat alleen in 2018 zou mogen of kunnen. Als je wilt dat mensen deze kant op komen dan moeten ze natuurlijk wel van LWD2018 gehoord hebben. Er resteert een niet onbelangrijk pr-probleem.






