Taxi Jelle: Ik doe eerst en zie wel waar het schip strandt
(Ook deze zomer weer prachtige verhalen opgediept uit ons archief, oktober 2019)
‘Ik doe eerst en zie wel waar het schip strandt. Toen ik in 2004 met een oude Jaguar Taxi Jelle begon, werd ik hard uitgelachen. We hebben nu zo’n 25 wagens op de weg en garanderen als enige in Leeuwarden een 24/7 service met 20 goed gekwalificeerd medewerkers.’ Jelle Kooistra maakt zich ogenschijnlijk niet al te druk over het reilen en zeilen van zijn taxibedrijf. Hij zit ontspannen in zijn kantoor op het Leeuwarder bedrijventerrein De Hemrik, en dat terwijl er in de Friese hoofdstad een kleine taxi oorlog woedt. ‘Ach, iedereen is ervan op de hoogte, maar het heeft bij de gemeente geen hoge prioriteit.’
Het gedoe rond de taxi concentreert zich bij het Leeuwarder station en speelt Taxi Jelle, zoals hij zegt, als het erop aankomt in de kaart. ‘Ik mopper er niet over. Hoe meer zij er een potje van maken des te vaker de keuze van de klant op Taxi Jelle valt. Klanten krijgen snel genoeg door dat ze op een nette manier door goed personeel vervoerd willen worden. Ze hebben keuzevrijheid en hoeven zich niks aan te trekken van welke wagen vooraan staat. Ze moeten zich niet laten intimideren. Ik maak me er niet zo druk om.’
De taxibedrijven die in Leeuwarden rijden zijn in vier categorieën in te delen. Dat zijn het WMO-vervoer, de busjes van Waaxma, Witteveen en Dorenbos die via gemeentelijke aanbestedingen een fors deel van de markt in handen hebben; de ‘Mercedesgroep’, een aantal zzp’ers die voor eigen rekening rijden; de wat Jelle noemt ‘de Ali’s’, veelal ondernemers van Turkse afkomst die hun klanten vervoeren in Opels en Fords en Taxi Jelle. ‘In het WMO-vervoer ben ik niet geïnteresseerd. De gemeente verplicht je als ondernemer om mensen vanuit de bijstand in dienst te nemen. De praktijk wijst uit dat dit geen gemakkelijke groep is om in dienst te hebben, om het maar eens diplomatiek te zeggen. In de klandizie van de Mercedesgroep en de Ali’s ben ik ook niet geïnteresseerd. Zij wachten op hun klanten bij het station of op het Wilhelminaplein, dat noem ik geen ondernemen. Als je bij het station staat, dan ben je een bedelaar.’
Jelle Kooistra pakt het allemaal op een andere manier aan. Relaxed zit hij achter een stilstaand beeldscherm waarop de kaart van Leeuwarden staat geprojecteerd. De Burgumer kent de stad inmiddels op zijn duimpje en dirigeert Wesley en Heleen via telefoon en mobilofoon moeiteloos naar de Vogelkersstraat of het MCL. Op het kantoor is weinig te bespeuren van hectiek. Kooistra stond deze morgen om kwart over zes paraat om een ambulancechauffeur van het station naar zijn werkplek te brengen en deinst er niet voor terug om wethouder Douwstra in de middag vanuit Assen naar zijn woonstee te rijden. ‘Als de dienstauto van de gemeente bezet is, dan huren ze mij in. Burgemeester Crone nam altijd voorin plaats en vroeg mijn mening over de politiek. Daarin ben ik niet zo geïnteresseerd. Geef mij maar de gezellige en soms schunnige praat van de dames van de Weaze of de klanten van café het Gouden Pilsje en Peke van der Wal. Gezellig, die cafés. Hoe is ut Jelle, must oek een colaatsje? Leeuwarden een agressieve stad? Helemaal niet. Veel hangt af van hoe je zelf bent. Je moet een stad voelen. Je ademt een stad. Je accepteert klanten zonder op kleur te letten.’
Als jongen in Burgum was Jelle boerenhulp: voeren, melken en op de trekker. ‘Als 12, 13-jarige had ik myn eigen brommertsje. Met achttien een auto.’ Hij kijkt vreemd op van bestedingskeuzes van de tegenwoordige jeugd en sommige medewerkers. ‘Nu leasen ze een scooter en kopen een telefoon op afbetaling.’ Een foute keuze, niet slim. ‘Ik zeg het ook meteen tegen mijn medewerkers die de hele dag op hun telefoon zitten te staren. Van sommigen neem ik afscheid wanneer ze mijn klanten niet helpen bij het in- of uitstappen en de koffers niet naar de wagen vervoeren en in plaats hiervan op hun schermpje zitten te loeren. Dan ben ik duidelijk: die wil ik niet achter mijn stuur hebben.’
Tijdens zijn boerenstudie bij Van Hall Larenstein rolde Kooistra in de taxiwereld. ‘Ik reed bij Taxi 800200 en besloot na enige tijd, ik vond dat ik werd ondergewaardeerd, om voor mezelf te beginnen. Ik kon wel aardig leren en voelde me thuis in de wereld van administratie en fiscaliteit. De vergunningenboel werd in 2001, na veel gedoe rond Amsterdamse taxibedrijven, vrijgegeven, iedereen kon voor zichzelf beginnen. Ik dacht: ik waag het er gewoon op. Het verschil tussen toen en nu? Vroeger reden de meeste taxi’s en nu staan ze stil.’
Op de fotocollage die moeder Betty – een noeste medewerker, vader Leo ook overigens – heeft vervaardigd en naast het bureau van de ondernemer staat, staat het uitdijende autopark geportretteerd. De Jaguar (‘Zoop olie en benzine’) werd opgevolgd door de BMW (‘Dat ging monsterachtig. Ik ontmoet nog klanten met warme herinneringen aan die auto’). Vervolgens kwam de Range Rover in beeld en de Prius. Inmiddels zijn er busjes (‘Dat had nog niemand eerder gedaan’) en zelfs een heuse touringcar aan het park toegevoegd. ‘De kernactiviteit blijven de taxi’s, maar als Arriva snel een bus nodig heeft, dan bellen ze ons. Daarna komen de andere bedrijven die de vervoerder mee uit de brand helpen.’
‘Als ondernemer hou je rekening met het weer. Je kent de markt. Je weet dat aan het eind van de maand de salarissen zijn uitbetaald en dat het dan druk wordt in het centrum. Op een zaterdagavond hebben we twintig wagens op de weg en rijden we driehonderd ritten. De meezingavond in de Harmonie plannen ze niet in de eerste weken van de maand. Dit is een serieus vak. Twee meiden zijn nu voor hun Taxipas op cursus bij het CBR. Daar gaat het dan over rij- en rusttijden, nieuwe verkeersregels. Touringcarchauffeurs moeten ieder jaar een cursus volgen en een medische verklaring overleggen.’
‘De waardering van de mensen is het mooiste van dit vak. Ze zijn altijd blij wanneer je er bent. Als personeelslid – we kunnen wel wat mensen gebruiken – voel je je verantwoordelijk. Je krijgt veel verschillende mensen in je auto. Moeten soms naar een crematie of ze komen weg van een slechtnieuwsgesprek. Daar moet je mee om weten te gaan. Hou je de deur even open? Of help je met de bagage? Het gaat om de juiste mentaliteit zonder vooroordelen. Het gaat om menselijkheid en een beetje normaal doen. Laat mij in spijkerbroek en t-shirt de wethouder maar ophalen. Je ziet mij niet in zo’n dobberboot met een duur horloge om door de Leeuwarder grachten varen met een air van: kijk mij eens. In een Tesla van anderhalve ton de duurzaamheidsprofeet uithangen, daarvoor zou ik me generen.’
Andries Veldman
Meer berichten
- Geld genoeg, maar niet voor jou
- Met Joris spreken we onder meer over de niet-gevoelde urgentie van de hybride oorlog waarin we ons bevinden
- Geert Schaaij start offensief tegen beleggingsfraude: Mijn naam wordt misbruikt
- Gemeente verprutst monumentaal stadsgezicht – Teruggetrokken voegen dichtgesmeerd
- Computer zelf moet ontremming op sociale media corrigeren
- ING: Groei horeca valt vrijwel stil – Prijzen stijgen met 5 procent – Consumenten vinden prijzen veel te hoog
- En weer staan gemeente en buurtbewoners lijnrecht tegenover elkaar, nu aan het Zwitserswaltje
- Inflatie stijgt in juli naar 3,2 procent – Kleding is tijdelijk goedkoper
- Zijn waterschapsverkiezingen een goed plan? Een paar twijfels
- De blinde vlek op het Ruiterskwartier: Hoe Leeuwarden blind en zonder audit trail boetes uitdeelt
- PvdA-raadslid Afrah Abdullah: Niemand praat met mij – Ik maak me zorgen over wat de splitsing in de partij teweeg gaat brengen
- Eric Jansen: Ik hou mijn hart vast
- Paul Krugman in Pakhuis De Zwijger
- Abel Reitsma: Het CDA staat voor een redelijke en genuanceerde politiek – ‘Papa, waarom ga je weer weg?’
- Caroline de Groot (Partij voor de Dieren): De hoofdofficier was laaiend, ik werd direct op het matje geroepen
- Impact sociaal werk nauwelijks vertaalbaar in klinkende statistiek
- André Keikes: Mes en vork? Nee, vork en lepel
- Sietske Poepjes: Ik heb nog nooit zoveel kift meegemaakt
- Crowdfundingactie voor restaurant Eccoci Qua staat op 18.204 euro
- Beton, bluf en gebakken lucht: Waarom het Werelderfgoedcentrum Waddenzee en Cambuur uit hetzelfde vaatje tappen
- Zomermarkt Nije Leije gaat niet door
- Zorgen over leefbaarheid rondom opvanglocatie Harlingertrekweg
- De hang naar steeds groter heeft al veel charmante zaken kapot gemaakt
- Kunst is meer dan een gevoel. Het houdt ons bij de wereld en bij elkaar
- Huishoudens kochten vooral meer duurzame goederen
- Jerre Hakse: Je moet hier wel vreselijk aan de bel trekken om een beetje lawaai te krijgen
- ‘Benut Europese ruimte om middenhuur vlot te trekken’
- Praten met kinderen over hitte en klimaat begint bij wat ze zien en voelen
- Laten we het vooral van de positieve kant bekijken (expositieruimte brugwachtershuisje)
- Van Hulsen en zijn Franse, lange sigaren rokende vrouw Marguerite (Meta) Boucher waren lange tijd autoriteiten in het Leeuwarder en Friese galeriewezen
- Hein Kocken: Ik heb het gehad met de galeries
- Daar is dit boek uitermate geschikt voor, zeg ik. Het laat zich lezen als een inburgeringscursus
- Klaas Jansma: Op een dag zei mijn moeder We doen nu eerst de soep en dan het brood. Vernieuwing!
- Finale uitverkoop ruim 1000 kunstwerken Kunstuitleen
- Nederlanders zien vakanties uitbundiger worden, terwijl 49% juist naar eenvoud verlangt
- Eigen Huis opent meldpunt na toenemende signalen van agressieve verkoop bij verduurzaming
- Aantal fastfoodzaken in 20 jaar bijna verdubbeld – Veel fastfood langs de kust en op Waddeneilanden
- Kruispunt Merodestraat – Willem Lodewijkstraat 6 weken afgesloten voor doorgaand verkeer
- Architect Johan Sijtsma: we bouwen de kleren van de keizer
- Wonen in Leeuwarden – Wat zijn de knelpunten in de woningmarkt en waardoor zijn de problemen veroorzaakt?





