Kleine Kerkstraat: Straat van ambachtslieden en winkeliers
(tekst: voorpublicatie uit het boek van Niek Donker over de Kleine Kerkstraat)
Straat van ambachtslieden en winkeliers
In de laatste decennia van de negentiende eeuw wordt de Kleine Kerkstraat een levendige, drukke straat met veel bedrijvigheid. Werkplaatsen, ateliers, winkels en fabriekjes vullen de gewilde straat. Er vestigen zich steeds weer nieuwe zaken en als iemand het niet redt, duurt het niet lang of zijn zaak of winkel is gevuld door de volgende ondernemer. Wie zijn die winkeliers en ambachtslieden in de jaren 1875-1900?
Voor de ondernemende handelsreiziger biedt de heer Monsma zich beleefd aan; hij kan uw ‘koffers, monsterdoozen en andere reisbehoeften maken, herstellen en veranderen’. Holleboom is schoenmaker, in het voormalige huis van Kapitein Kruyt woont en werkt nu de behanger en stoffeerder Broekhuijzen, die verhuisd is vanuit de Heerestraat. Reuzel, spek, vet, boter, worst en gist kunt u kopen bij Rozendal, op de hoek met de Burmaniastraat en bij Van der Meulen kunt u heuse vergulde oorijzers verkrijgen; de handschoenwasserij van juffrouw Ottema verhuist, maar ze houdt nog depot bij koffermaker Monsma.
De heer Sterk maakt bedden en matrassen en Busscher heeft net vergunning verkregen tot het oprichten van een heuse tabaksdrogerij. De familie Zeiss komt hun nering doen op nummer 41. Hij is bierhandelaar en zij doet in ‘mode en maken’ en dat is maar goed ook, want kleermaker Visser is vertrokken. Ze treffen het met Van der Werff die hersteller is van naaimachines en alle instrumenten die daarbij horen. De verkoper Rozendal redt het niet en zijn ‘gefailleerde’ zaak in reuzel, hammen, vet en spek wordt al snel voortgezet door andere slagers als Van der Geest en De Jong. In het kleinste pandje van de straat op nummer 43 zitten de succesvolle Gebroeders Arzoni, bekroonde Weerkundige Instrumentmakers en Glasblazers (zie hoofdstuk 4). De heer Wijghan neemt de gewerenwinkel en het wapenmagazijn van J.J. Welles over en voor bouwmaterialen zoals gezeefd metselkalk, Friesche Gele Steen, Bruine Stockholmet Teer en Engelsche Post Cement melden we ons bij Vermeulen.
De trapgevel van de orgelmakers
Voor eten hoef je de straat niet uit. Op de hoek kun je terecht bij broodbakker Van Dijk die ook heerlijke krakelingen, soezen en fijne Jodenkoeken maakt; voor vlees kun je terecht bij slager Boomsma, vooral met spek en schaapvleesch en ’met een nette en vlugge bediening’; zijn collega Kamstra is er mee gestopt ‘door ziekelijke omstandigheid’ zo laat hij zijn clientèle weten. Maar gelukkig hebben we nog de slagers Noordhoff, Tammenga, Wierda en Bouma, wiens vijfjarig zoontje bijna verdronk in de Prinsentuin, maar nipt gered wordt door oplettende handwerkslieden.
Voor een slokje gaan we naar Cafe De Ster; voor boter en kaas naar Jorrit de Jong en zijn collega Van der Linden; voor kip en gevogelte naar poelier en koopman in kippen, Van Dolder; daarnaast op 23 woont dan timmerman, jaloezieënfabrikant en aannemer Albert Ooiman, die we later tegenkomen in het hoofdstuk over orgelmakerij van Bakker & Timmenga. (ADV). Het is Ooiman die verantwoordelijk is voor de schitterde trapgevel van nummer 25, waar hij dan zelf gaat wonen en werken.
De Amsterdamsche brouwerij ’t Haantje heeft L. van Dam aangesteld als agent voor al zijn bieren; op nummer 16 kunnen we ze verkrijgen op fust en in fles. Preusting is ook agent, in verzekeringen en op nummer 41 woont de heer Grimm, een gekend tailleur, die met de chique clientèle in de Grote Kerkstraat voldoende omhanden heeft. Rodenburg woont op 32 en heeft in de Wolvensteeg een fabriek in bliksemafleiders en op nummer 35 heeft zich Dijkstra gevestigd met zijn meubel- en biljartfabriek. Voor de ‘schonen wasch’ kan iedere huismoeder terecht bij Sanders die het beste blauwsel verkoopt. (ADV) Onberispelijkheid is in die dagen een deugd: bij Knoche kun je Von Kobbe’s Duitse vlekkenwater voor een scherpe prijs kopen (ADV)
Een tapperij in de straat, betekent gedoe. Zo lezen we in de politieverslagen van 1889 dat in de druk beklante tapperij van Keizer, de Brabantse metselaar Verbeek ruzie heeft gekregen met Martinus Oostendorf, ploegbaas aan het Burmaniahuis. De Brabander heeft geroepen ‘dat er geen goede metselaars in Friesland zijn’, heeft Oostendorf geslagen en diens boezeroen stukgescheurd! Ook gekende tapperijklanten als Van der Werf en De Jong zeggen dat Verbeek de gehele avond ‘twist heeft gezocht en niet naar rede wilde luisteren’ en ook hen heeft geslagen. De schade in Keizer’s tapperij bedraagt 15 kapotte romers en diverse kopjes en schoteltjes. Die vermaledijde Brabander!
De gemene hond en de Brada’s
De hardwerkende brood- en koekbakker Schilling (sinds 1887) heeft last van kwajongens uit de Boterhoek, die zand hebben gestrooid in zijn winkel. Hij geeft de dienstdoende politieman alle namen door en de jongens worden hierover ernstig onderhouden. De hond van poelier Van Dolder is vaker twistpunt, want ook de tien jaar oude Johannes Ras uit de straat wordt door ’t gemene beest gebeten…
In 1891 vestigt zich een tweede bakker in de straat, Westra & Ytsma en in 1898 komen de dan al beroemde Brada’s de straat in. Johannes Georg Brada, de in 1870 geboren derde slagersgeneratie ziet aanvankelijk weinig in het slagersvak dat zijn vader (in de Haniasteeg) en opa (in ’t Sint Jacobsleen) al uitoefenen. Toch besluit hij het door hem gekozen vak van timmerman te verruilen voor het ambacht van slager. In de Kleine Kerkstraat nummer 7 begint hij zijn winkel, het begin van een succesverhaal. Meer over de Brada’s in het hoofdstuk Slagers in de Straat.
Meer berichten
- Hoe is het mogelijk dat de heer Jager een puur in paraplu’s gespecialiseerde winkel kon drijven aan de Kelders?
- Barbara Zantman: Toeristen zeggen tegen mij: hadden we maar zo’n winkel in onze stad
- Bij de lof der paling denkt U misschien aan paling met witlof, of aan paling in het groen, maar dat klopt niet
- Bob de Jong: Ik stond naast wereldartiesten te pissen
- ‘Wij waren wars van promotie van bestuurders’
- Wim Homan: jazz hoort in een kroeg
- Thijs Spijkervet en Henk Bakker – Ober, nog een berenburg
- Henk Bleeker: Ik ben niet geïnteresseerd in oude auto’s
- Het is stil op straat – Foto’s van Simon van der Woude
- Anne van Dijk (FNV): Samsom is een grapjurk – Ouderen worden beschouwd als leegvreters
- Al met al blijft Lok voor ons een monument in de Friese journalistiek
- Hans Noordstrand haalt vijf mannequins naar café De Ossekop
- ‘Meneer. U bent in overtreding!’
- Feest in de Passage de la Baleine (vanmiddag en vanavond)
- Rengerspark met lampionboom, pluimiep, trompetboom en doodsbeenderenboom
- 220 onderaannemers dupe van failliet Burggraaff
- Bewoners Wargea in actie tegen kap
- Jorna bijna 100 jaar aan de Westerplantage
- Passage de la Baleine
- Gebabbel over innovatie en broedplaatsen zet geen zoden aan de dijk
- Galerie De Vis verrast aan Zaailand
- Ketellapper: Gemeente had meer koopman moeten zijn
- Haring in de Oosterstraat krijgt een 9
- Dicht op de huid – de schenking van Willem van Zoetendaal
- Een hek aan de ene kant en een bult modder aan de andere kant en enkele handhavers achter een boom in het midden
- UPDATE André Busse: Ook scootmobielen moeten omrijden
- Soep met inhoud van Martha’s Krioyo
- Antilliaanse kippensoep van Martha’s Krioyo
- UPDATE Waar Is Rob Lijzenga als we hem nodig hebben?
- Rob Lijzenga – Beste Binnenstad – moet terug van vakantie
- Een zomeravondgesprek in hotel ‘t Anker waar de PvdA vraagt: Wat mankeert ons?
- Mercuriusfontein
- Leeuwarder horecaman Harry Vastert – Onder de Luifel – overleden
- Vrouw gewond op Pieter Stuyvesantweg
- Stadsblad Liwwadders: Proef het horecanummer
- Eindelijk een lintje voor Katrinus Stormer
- Wilfred Genee: Voetbalwereld mist zelfspot
- Gianni Sulcis: Hier in Nederland mag iedereen een Italiaans restaurant openen. Hoe kan dat?
- Nieuwste nummer Stadsblad Liwwadders: Horeca special
- Leerlingen Trianova druk in de weer met hun tuin



